Opinie

Wonderlijk

Marcel van Roosmalen

Een grote foto bij een klein artikel in het Noordhollands Dagblad: de Onze Lieve Vrouw Geboortekerk in Wormerveer sloot voorgoed de deuren. De kerk stond er sinds 1915, er komen appartementen. Op de foto beeld van de laatste dienst. De laatste gelovigen droegen de relikwieën naar buiten. Een man met een stropdas met de paaskaars voorop, erachter een man met een rode bijbel tegen de borst geklemd.

Waarnaartoe?

Eerst het parkeerterrein op, maar daarna?

Naar de pastorie, stond er.

Kort interview met de geëmotioneerde pastor, de heer Matte Bruijns bij wie de tranen volgens de verslaggever over de wangen biggelden terwijl hij met twee kelken in de hand voor het laatst naar de pastorie liep.

Het zal bij de functie horen, maar hij had het over ‘hoop’.

Was Jezus destijds ook niet begonnen met maar twaalf apostelen?

En het ging niet overal slecht, op andere continenten, hij noemde Afrika, Zuid-Amerika en Azië, kwamen er juist steeds meer katholieken bij.

Ik was daar graag bij geweest, ik had graag zelf gezien hoe de boel in de pastorie door vrijwilligers voorzichtig in dozen was gedaan, een beetje zoals wij ieder jaar de kerstballen voorzichtig opbergen.

Ik moest denken aan mijn vader, die naarmate hij ouder werd steeds verder moest reizen om nog een Heilige Mis te bezoeken. Daar ging-ie dan weer, dat waren hele eenzame tochten op zijn fiets met drie versnellingen.

Hij kwam uit een enorm katholiek gezin in Noord-Brabant, uit een tijd dat het normaal was dat meneer pastoor er een paar uit kwam zoeken voor de missie. Het was een raadsel waarom ze hem oversloegen, want een zeker talent had hij er wel voor.

Ik kende hem als een sporter die de nederlaag niet wil erkennen, hij bleef tot op het laatst geloven in de veerkracht van de wereldkerk. Hij fietste steeds verder van ons weg en hoe vaak hij zich ook omdraaide, zijn vrouw en al zijn kinderen kwamen niet achter hem aan. Hij bleef er tegen beter weten in wel om zeuren, waardoor we hem met sardonisch genoegen met de teloorgang van zijn kerk om de oren sloegen.

We konden het gewoon niet laten.

Waarom eigenlijk?

Hij slofte dan naar zijn kamertje boven.

Ik keek naar die foto van de laatste katholieken in Wormerveer. Ik kon mijn vader er moeiteloos tussen fantaseren. Ze hadden hem de paaskaars gegeven, waarvan de vlam moet blijven branden. De teleurstelling op het parkeerterrein moet groot geweest zijn, maar daarna ging hij dan gewoon weer door met geloven in wonderen die niet kwamen.

Marcel van Roosmalen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Ellen Deckwitz.