In Tsjechië lijkt de EU wel een pinautomaat voor oligarchen

Belangenverstrengeling Zwakke regels en lamme handhavers in de EU en Tsjechië maken dat premier en zakenman Andrej Babis kan beslissen over de subsidies die hij ontvangt.

Een man met een foto van premier Babis bij een groot protest in Praag.
Een man met een foto van premier Babis bij een groot protest in Praag. Foto Iva Zimova

Het was zo’n avond dat onderzoeker Milan Eibl zijn werk niet kon loslaten. Voor de Tsjechische tak van corruptiewaakhond Transparency International houdt hij zich voornamelijk bezig met het uitpluizen van witwassen en belastingontduiking. Maar in het voorjaar van 2018 was hij iets anders op het spoor: mogelijke belangenverstrengeling van premier annex zakenman Andrzej Babis.

Eibl probeerde te ontrafelen hoe Babis zijn zakelijke belangen precies had afgeschermd sinds hij zegt als premier alleen het landsbelang te dienen. „Informatie die wettelijk openbaar zou moeten zijn ontbrak. Registers bleken ontoegankelijk. Welke Tsjechische database ik ook raadpleegde, ik kwam geen steek verder”, vertelt Eibl (29) in een Praags café.

Voordat Babis (65) de politiek in ging, had hij een miljardenfortuin vergaard dat hem de tweede plek op de Tsjechische Forbes-ranglijst en vervolgens de bijnaam Babisconi opleverde. Met Agrofert, een omgekat staatsbedrijf uit de communistische tijd, was hij een dominante speler geworden in de landbouw, chemie, voeding, energie en media. Naast grootgrondbezitter werd Babis grootverbruiker van Europese subsidies. Elk jaar stromen er tientallen miljoenen euro’s via Brussel naar Agrofert, één van de grootste werkgevers in Tsjechië. In lokale supermarkten zijn nauwelijks producten te vinden die niet op een of andere manier van een van de tweehonderd bedrijfjes onder het conglomeraat van Agrofert afkomstig zijn.

In de verkiezingscampagne die hem in 2017 premier zou maken, was Babis’ slogan dat hij het land zou runnen als een bedrijf. Tegelijkertijd beloofde hij, nadat zijn politieke opponenten de wet op belangenverstrengeling hadden aangescherpt, dat hij Argofert op afstand had gezet in twee zogeheten trusts. Hij was daarvan, zo zei Babis zelf, „geen aandeelhouder”. Maar hoe de constructie precies in elkaar zat, daar kreeg onderzoeker Eibl maar geen zicht op.

Tot hij op die avond, thuis prutsend op het kleine scherm van zijn telefoon, stuitte op een Slowaakse overheidsdatabase. Agrofert opereert ook in Midden-Europese buurlanden, en ontvangt daar ook subsidie. „En jawel, in Slowakije bleek dat ze het werkelijke eigendom wél gedocumenteerd te hebben.”

Belangenverstrengeling

Zo ontdekte Eibl dat Babis niet alleen de oprichter en de voornaamste begunstigde van de beide Agrofert-trusts is. De premier bleek bovendien de enige bestuurder die de beheerders en de andere vier begunstigden – onder wie zijn twintig jaar jongere vrouw en zijn persoonlijke advocaten – kan ontslaan, en die de trusts kan opheffen. „Deze belangenverstrengeling gaat alle perken te buiten. Babis mag als premier geen media-eigenaar zijn. En hij mag zeker geen aanbestedingen winnen en subsidies ontvangen waarvoor hij zelf politiek verantwoordelijk is”, aldus Eibl.

Een regeringsleider die gelijktijdig zijn persoonlijke commerciële belang en zijn familie vooruithelpt, dat komt in de oudste democratieën voor. Maar de kwestie-Babis is niet zomaar een populistische oprisping in een gemankeerde post-communistische staat. De Tsjechische premier verwierf zijn rijkdom en zijn macht met belastinggeld vanuit de hele Europese Unie. Zijn belangenverstrengeling legt bloot hoe een ooit goedbedoeld systeem van landbouwsubdidies en cohesiefondsen, in combinatie met lamme controlemechanismen en tamme handhavers, een walhalla hebben geschapen voor een selectief gezelschap politiek gehaaide ondernemers. „De EU is een pinautomaat voor oligarchen”, zegt Tsjechisch oppositiesenator Lukás Wagenknecht. „Dit is hét falen van de EU en het lijkt niemand in Europa iets te kunnen schelen.”

Praagse protestbeweging

Wagenknecht kent Babis persoonlijk. Hij werkte als fraude-onderzoeker direct onder hem in diens periode als minister van Financiën (2014-2017), maar stapte teleurgesteld op en werd actief voor de Piratenpartij. De woede die hij vertolkt is sinds Eibls onthulling in 2018 een beweging geworden. Afgelopen jaar werden in Praag protesten tegen Babis georganiseerd die meermaals een kwart miljoen mensen op de been brachten. De demonstranten eisen dat hun premier of aftreedt, of zijn onderneming opheft.

Reportage: ‘Tsjechië mag niet als Hongarije worden’

Het onderzoek dat Transparancy International in 2018 publiceerde heeft ook in Brussel mensen wakker geschud. De Europese Commissie onderzoekt of subsidies aan Agrofert rechtmatig zijn verstrekt. In uitgelekte auditrapporten blijkt dat de Commissie zo’n 11 miljoen euro aan subsidie wil terugvorderen die, via de Tsjechische overheid, aan Agrofert is uitgekeerd. De Commissie concludeert dat inderdaad sprake is van belangenverstrengeling omdat de trusts „tot voornaamste doel hebben de belangen van de heer Babis te beschermen”. Het is overigens geen Europese wet die deze dubbele pet verbiedt – wel een Tsjechische.

Enkele lopende subsidies zouden daarom zijn bevroren, maar de voornaamste – de directe betalingen die Europese boerderijen krijgen afhankelijk van het aantal koeien en hectaren dat ze omvatten – zijn ongemoeid gelaten. In totaal zou Agrofert vorig jaar meer dan 70 miljoen euro aan subsidie hebben ontvangen, waarvan 60 miljoen uit de landbouwpot, zo blijkt uit jaarverslagen. Woensdag praat het Europees Parlement over de kwestie.

Staat in 2020 de stoep in Brussel vol met tractors?

Babis ziet zelf „niet de minste aanleiding” zijn politieke positie en zijn bedrijf verder te ontvlechten en verzet zich tegen de terugbetaling. Zijn politieke mandaat houdt hem niet alleen in Tsjechië aan de macht, maar verschaft hem ook een stoel aan de tafel van de Europese Raad van regeringsleiders die de belangrijkste beslissingen binnen de EU neemt. Een gezelschap dat – zie ook de positie van de Hongaarse premier Viktor Orbán – niet geneigd is elkaar de maat te nemen.

Het Europees Parlement staat ook bol van de belangen. Afgelopen april deed Maria Noichl, Europarlementariër van de Duitse SPD, in Straatsburg een voorstel dat de bijnaam ‘het Babis-amendement’ kreeg. Dit had moeten regelen dat politici die betrokken zijn bij besluitvorming over landbouwsubsidies die niet tegelijkertijd zouden mogen binnenhalen, net zomin als hun gezinsleden. „Als je directe betalingen ontvangt, moet je er niet over beslissen. Of als je erover beslist, moet je afzien van de subsidie”, legt Noichl haar idee uit. Zonder het een blik waardig te gunnen, werd het door de landbouwcommissie verworpen. Zo’n regel zou namelijk niet alleen Babis raken. Van de 46 leden van de landbouwcommissie van het parlement heeft meer dan de helft banden met de agrarische sector, sommigen van hen ontvangen zelf tienduizenden euro’s aan subsidie per jaar.

De 60 miljard euro die jaarlijks aan Europese landbouwsubsidie wordt uitgegeven, komt 80 procent terecht bij 20 procent van de boerenbedrijven. Senator Wagenknecht: „De EU is enorm hypocriet. Die landbouwsubsidies hebben de markt kapot gemaakt voor kleine boeren.” Onderzoeker Milan Eibl. „Hier in Midden-Europa is de diefstal opzichtig, maar het is slechts klein bier als je het vergelijkt met wat er in de hele unie gebeurt.”

De Europese Commissie dan, de distributeur en controleur van al dat subsidiegeld, let die een beetje op? De onderzoeken naar Babis zijn weliswaar door de Commissie ingesteld. En uit het uitgelekte rapport blijkt dat die de praktijk van de premier veroordeelt als belangenverstrengeling. Maar het onderzoek is om onnavolgbare redenen ingeperkt én volstrekt geheim. De Commissie wil er geen NRC-vragen over beantwoorden: niet over de aanleiding of omvang van het onderzoek, noch over de eventuele consequenties. De Commissie is sowieso helemaal niet transparant, zegt Europarlementariër Noichl. „Juist de directe betalingen, waar de lidstaten niet verantwoordelijk voor zijn, worden liefst buiten het zicht van Europese burgers gehouden.” En wanneer media er licht op willen laten schijnen, zoals The New York Times deed met een maandenlang onderzoek naar Europese landbouwsubsidies, gaan alle luiken dicht. De journalisten werden in de gaten gehouden en actief tegengewerkt.

Strafzaak heropend

In eigen land lijdt Babis’ populariteit niet onder het tumult rond zijn belangenverstrengeling. Het gaat Tsjechië economisch voor de wind. De werkloosheid is met 2,2 procent de laagste van Europa. En Babis heeft onder meer de pensioenen flink verhoogd. Zijn eigen kranten en televisiezenders zorgen voor de pr. „De EU betaalt zijn gelikte sociale mediacampagne”, volgens Wagenknecht. Volgens peilingen zou 30 procent van de Tsjechen nu stemmen op zijn partij Actie van Ontevreden Burgers (ANO). Geen andere partij haalt meer dan 15 procent. En met een gedoogcoalitie waarin zijn, formeel liberale, partij steun geniet van zowel de oude communisten als extreem-rechts, overleeft Babis keer op keer moties van wantrouwen.

„Onder het communisme was er een gezegde: als je niet steelt van de overheid, steel je van je familie”, zegt Eibl. „Stelen van de Europese Unie, dat vinden veel Tsjechen helemaal prima.” Tsjechië is één van de meest eurosceptische lidstaten van de EU.

Toch zal de kwestie Babis blijven achtervolgen, zowel in Brussel als in Praag. De Tsjechische openbaar aanklager heeft eind vorig jaar een strafrechtelijk onderzoek heropend naar gesjoemel met een Europese subsidie voordat Babis premier werd. Transparancy International hoopt een rechterlijke uitspraak af te dwingen over Babis’ verboden eigendom van journalistieke media. En senator Wagenknecht is naar het Europees Hof van Justitie gestapt met een klacht over Babis’ dubbelrol als lid van de Europese Raad en subsidieontvanger. Hun eigen overheid werkt veel onderzoek tegen, en zaken duren jaren, maar Babis’ tegenstanders hebben hun hoop gevestigd op de onafhankelijke rechtspraak.

Ook in commercieel opzicht moet Babis zorgen hebben. Agrofert zit diep in de schulden en de winst van het conglomeraat is kleiner dan de ontvangen subsidiegelden. Babis zelf zakte ondertussen van plek twee naar plek vier op de lijst van Tsjechische miljardairs.

„Dat Babis tot nu toe de controle over zijn bedrijf strak in eigen hand heeft gehouden, toont wel aan hoe onwaarschijnlijk het is dat hij er alsnog afstand van neemt”, zegt Milan Eibl. Zijn angstbeeld is dat Babis in een volgende verkiezing voor het presidentschap opgaat. „Daar is de Tsjechische wet dan weer niet zo sterk, want dat garandeert complete immuniteit voor vervolging.”

Met medewerking van Eva Cukier