Foto Tessa Posthuma de Boer

Interview

‘De luxe van de techwereld werkte als een verdovende pleister’

Tech Sanne Kanis werkte jarenlang in de techwereld. Het harde werken en vele geld leidde tot uitwassen waar ze een roman over schreef. „De vraag of je aan een goed product werkt, valt weg.”

Vlak voor een werktrip naar New York in 2016 schrok Sanne Kanis van zichzelf. Zag ze het goed? Zat ze in de economyclass? En niet in de gebruikelijke businessclass? Gadver, dacht ze in eerste instantie. En toen: „Jeetje, denk ik echt zo?”

Ze werkte destijds al tien jaar in de techwereld en was gewend geraakt aan alle luxe die haar werk bracht. „Die werkte als een verdovende pleister. Je hoeft niet te kijken naar wat je écht aan het doen bent.” Ze was immers te druk met werk én met sjieke etentjes, spabezoeken en champagne. „Maar lag mijn hart hier? Was dit betekenisvol werk? En hoe ethisch was dit nou eigenlijk?”

Sanne Kanis (38) begon in 2007 als analist bij Google in Nederland. Het was het begin van een internationale carrière, later zou ze bij andere techgiganten als Spotify en Booking.com aan de slag gaan. Ze woonde voor haar werk onder meer in Londen en Singapore.

Aanvankelijk dompelde ze zich onder in de levensstijl van de nieuwe elite, maar na verloop van tijd zag ze ook de schaduwkanten. In de roman De bubbel schrijft ze over het wilde leven in de techwereld. Over ceo’s met ‘snuifpuistjes’, lunches met champagne en kreeft en wat er met mensen gebeurt als ze plotseling rijk worden. Tegenwoordig is Kanis zelfstandig start-upadviseur, columnist bij het FD en kritisch spreker over ethiek in de techsector.

Tessa Posthuma de Boer

De ommekeer kwam niet van de ene op de andere dag, vertelt Kanis in de bar van een Amsterdams hotel. Zij leerde de excessieve luxe al in haar begintijd bij Google kennen. Zo bereidde op vrijdagen een chefkok ontbijt op kantoor, waarna zij en haar collega’s met de taxi naar de tennisbaan werden gereden. Vervolgens kregen ze een massage, en werd de dag afgesloten met biljarten en een drankje. En dan was er nog een riant salaris: nog voor haar dertigste kon ze haar eerste huis kopen, in de grachtengordel.

Dat je in de techwereld als werknemer tegenwoordig zo in de watten wordt gelegd, is het gevolg van hoe het ooit in Silicon Valley begon, legt Kanis uit. Een start-up had weinig geld voor hoge salarissen, dus kreeg je als compensatie een aandelenpakket en extra’s als een lunch van de zaak. De gedachte achter dat aandelenpakket: mocht de start-up ooit doorbreken, dan kon je cashen. Dit soort voorwaarden begonnen ooit als noodzaak, tegenwoordig overtroeven bedrijven elkaar om de beste mensen te krijgen. Luxe extra’s zijn steeds normaler geworden en beloningen voor talenten steeds groter.

Achtbaan

De geldsmijterij heeft nóg een reden, zegt Kanis. Een scale-up, de fase na het begin als start-up, verloopt via investeringsrondes. „Dan kwam er steeds een berg geld bij van investeerders, die bijna niet op kon. Met al je collega’s zat je in een achtbaan, waarvan je niet wist wanneer die eindigt. Je genoot ervan zolang het kon.”

Werknemers raakten geobsedeerd door bonussen, die elk kwartaal werden uitgedeeld als de targets werden behaald. „Als een paard met oogkleppen werkten we daarnaartoe. Dat was hét doel.” Ontevreden klanten waren in de tijd bij Google geen prioriteit: boze telefoontjes hadden geen invloed op de targets, dus daar kraaide geen haan naar. Ook toen het algoritme van de zoekmachine was veranderd en sommige klanten minder goed vindbaar werden, en daardoor boos aan de lijn hingen, ging iedereen al snel over tot de orde van de dag.

Jonge mensen, hoge werkdruk, veel geld: het leidde tot uitwassen en een vertroebeld moreel kompas. Zo was er een collega die bij een van haar werkgevers de huur van het appartement van zijn minnares declareerde. Kanis zag slachtoffers van het sudden wealth syndrome, waarmee volgens haar veel mensen in Silicon Valley te maken krijgen: door hun plotselinge rijkdom wanen ze zich superieur óf voelen ze zich juist schuldig: is het wel oké dat ze meer verdienen dan een hoogleraar?

Na ruim vier jaar bij Google maakte Kanis de overstap naar Spotify. Eerst een jaar in Amsterdam, daarna in Londen, waar ze ‘hoofd strategie’ werd. De bedrijfscultuur was daar nog een stuk decadenter dan die in Nederland. „We hadden een keer wat te vieren en zouden gaan lunchen met kreeft en champagne. Toen ik voorstelde de bus te nemen die voor het restaurant stopte, werd ik raar aangekeken. Uiteindelijk reed onze Uber precies dezelfde route als de bus.”

Al snel verdwenen bij Kanis de laatste restjes van de nuchtere Nederlandse houding. Zo sprak ze met een Amerikaanse collega in IJsland af voor een project dat een dag duurde, om zo de reistijd voor beiden te verkorten. Pakten ze ook nog even de Blue Lagoon-spa mee. Een groepsoverleg van twee dagen in een luxehotel in Miami was wat makkelijker dan communiceren via Facetime op de telefoon. Nog los van het oneindige aantal etentjes met cocktails in Londense sterrenzaken om klantrelaties te onderhouden.

Hoe zat het eigenlijk met haar eigen morele kompas? „Je bent eigenlijk continu bezig met de volgende horde. Van een tijdelijk contract naar een vast contract. Van een salarisverhoging naar een promotie. De vraag of je überhaupt aan een goed product werkt, valt weg.”

De techmentaliteit van constante groei en optimalisatie paste Kanis ook toe op haar eigen levensstijl. „Neem nou koken. Dat is rust nemen, voor jezelf zorgen. Maar ik wilde snel resultaat zien, een return on investment. Drie uur lang een stoofgerecht bereiden dat je in vijf minuten opeet, past daar niet bij. Bijna elke dag at ik buiten de deur.”

Tussenpersonen als slachtoffers

Sinds die ene vlucht naar New York is Kanis steeds kritischer naar de techsector gaan kijken. „Investeerders verwachten dat je elk kwartaal een bepaalde groei behaalt, die druk is er continu. Als het erop leek dat we onze targets niet zouden halen, pasten we noodgrepen toe. Zo inden we bij Booking.com bijvoorbeeld een hogere commissie bij de hoteliers op onze site. Die voelden het vervolgens direct in hun portemonnee. Dat gaat bij andere bedrijven net zo. Tussenpersonen in de techketen, zoals die hoteliers, chauffeurs en maaltijdbezorgers, zijn slachtoffers van de constante groeihonger.”

Tijdens vergaderingen stelde ze weleens voor verder te kijken dan alleen de kwartaaltargets: hoe wegen die op tegen de impact die ze hebben op de tussenpersonen? Maar er werd niet gereflecteerd, haar opmerkingen werden altijd weggewuifd. „Volgens de cijfers hadden we dan ons doel behaald, maar mijn gevoel knaagde. Als techbedrijf heb je zóveel macht, dan moet je verantwoordelijkheid nemen voor je invloed.”

Lees ook het opiniestuk van Evgeny Morozov: Mag je houden van Silicon Valley?

In 2018 nam Kanis ontslag bij Booking.com. De bonussen en kortetermijnwinst gaven haar steeds minder voldoening. Daarnaast wilde ze graag zelf gaan ondernemen. In haar roman schrijft Kanis haar decennium als onderdeel van die wereld van zich af. Eind vorig jaar gaf ze haar eerste TED-talk, waarin ze een pleidooi hield voor meer moraliteit in de tech.

Inspireren

Is het niet heel makkelijk om je op te werpen als ethisch leider, na jarenlang van deze wereld geprofiteerd te hebben? „Die kritiek snap ik. Maar door mijn ervaring als insider heb ik meer invloed dan een buitenstaander.” Als spreker hoopt ze een nieuwe generatie start-ups te inspireren om al in een vroeg stadium na te denken over de ethiek van het bedrijf, en zo een stapje terug te doen van het hyperkapitalistische denken dat de norm is geworden.

Tijdens haar TED-talk presenteerde ze een piramide die een nieuw bedrijf als basis kan gebruiken. De top van de piramide is ‘moreel leiderschap’: heeft de ceo naast een hoog IQ en EQ ook een hoog ‘MQ’? Linksonder in de piramide staat de bedrijfscultuur die niet moet gaan over de vraag ‘kunnen we deze app bouwen?’ (en zo mogelijk een hele sector kapotmaken), maar de vraag ‘zóúden we deze app moeten bouwen’? „Dient het ons als mensen: worden we er echt beter door, gezonder, slimmer, gelukkiger. Ik vind een educatie-app als Duolingo een positief voorbeeld.”

Lees ook: Dit is het Silicon Valley van Nederland

Rechtsonder in de piramide plaatste Kanis ethische expertise: het inhuren van een filosoof gespecialiseerd in ethiek of een consultant, iemand die een start-up kan adviseren over zaken als diversiteit en inclusie bijvoorbeeld. Neem WhatsApp: dat had in eerste instantie emoji in slechts twee huidskleuren (wit en geel), omdat de bedenkers blijkbaar een blinde vlek hadden voor gebruikers met een andere achtergrond.

Ondanks haar kritiek blijft Kanis ook de positieve kanten van tech zien. „Ik werk er nog steeds in. Ik omring me het liefst met de slimme, nieuwsgierige mensen die je erin vindt.”

Nu verbindt ze zich als adviseur en investeerder vooral aan projecten met een idealistische inslag. Binnenkort vliegt ze naar Washington voor een samenwerking met een start-up die nepnieuws bestrijdt. „Economy, stoel 26F, naast de wc.”