Twee staatssecretarissen op Financiën. Gaat dat de Belastingdienst redden?

Hervormingen Niet één maar twee staatssecretarissen op Financiën, opsplitsing van de Belastingdienst. Is dit een structurele oplossing?

D66-fractievoorzitter Rob Jetten (links).
D66-fractievoorzitter Rob Jetten (links). Foto’s Sem van der Wal/ANP

De bezem erdoor, en wel vanaf de bovenste trede. Minister van Financiën Wopke Hoekstra (CDA) liet er dit weekend geen twijfel over bestaan wat hij wil met de Belastingdienst: schoon schip. Zaterdag stuurde hij een vergaand hervormingsvoorstel voor de Belastingdienst naar de Tweede Kamer, zondag lichtte hij het toe bij Buitenhof en deze maandag overlegde de coalitie over de politieke gevolgen van de aangekondigde veranderingen. Uitkomst: niet één, maar twee staatssecretarissen op Financiën.

Lees ook: CDA zegt nee en VVD bedankt, ‘hete aardappel’ blijft voor D66

Dat er iets moest gebeuren is evident. De problemen bij met name de dienst Toeslagen, verantwoordelijk voor de betaling van inkomensondersteunende toeslagen voor huur, zorg, kinderen en kinderopvang, bleken vlak voor het kerstreces onhoudbaar. Staatssecretaris Menno Snel (D66) verloor na een aanhoudende reeks fouten en blunders van de dienst het vertrouwen van de Kamer en besloot op te stappen. Sindsdien is Hoekstra politiek verantwoordelijk.

De kern van Hoekstra’s voorstel is een splitsing van de lastig aan te sturen moloch (zo’n 30.000 ambtenaren) die de fiscus nu eenmaal is. In plaats van één ‘superdienst’ die zich bezighoudt met het innen van belastingen, de controle bij de grens én het uitkeren van toeslagen aan burgers, stelt hij voor drie onafhankelijke diensten te vormen. Eén: de ‘klassieke’ fiscus voor de inning van allerhande belastingen (voor burgers en bedrijven) en het fiscale opsporingswerk (Fiod). Twee: de Douane, voor de grenscontroles. En drie: een dienst Toeslagen die de uitkering van inkomensondersteuning voor burgers regelt.

Met die hervorming vertrekt ook de ambtelijk hoogstverantwoordelijke, directeur-generaal Jaap Uijlenbroek. In zijn plaats zoekt Hoekstra nu naar drie nieuwe directeuren-generaal die de ontvlechting van de dienst in de praktijk moeten gaan brengen. En twee staatssecretarissen.

Kortetermijnoplossing

De vraag is of het opknippen van de dienst een oplossing voor de problemen met de toeslagen, de steen des aanstoots in deze, echt dichterbij brengt. Op korte termijn valt er vast iets te zeggen voor een sterke ambtelijke en politieke focus op het punt waar de grootste problemen nu zijn.

Daarmee kan een verbetering bereikt worden in de rommelige en inhumane uitvoering, een einde gemaakt worden aan de „institutionele vooringenomenheid” waarmee de dienst volgens oud-minister Piet Hein Donner kampt. Ook kan de menselijke maat, die nu zo node gemist werd, weer teruggebracht worden in het contact tussen dienst en burger. Dat is essentieel voor het vertrouwen dat burgers en bedrijven in de dienst hebben, zegt Hoekstra.

Voor de lange termijn is het echter zeer de vraag of een geïsoleerde aanpak van het toeslagenprobleem een structurele oplossing dichterbij brengt. Talloze fiscalisten en economen hebben zich de afgelopen jaren gebogen over de problematiek van de toeslagen.

Wat eind 2005 begon als een goedbedoelde maar omstreden oplossing voor het probleem dat met de toenmalige middelen de inkomenssteun aan bepaalde groepen niet goed geregeld kon worden, is uitgegroeid tot een extreem foutgevoelige rondpompmachine waar jaarlijks 14 miljard euro in omgaat en waar 6,5 miljoen huishoudens mee te maken hebben. En waar duizenden mensen slachtoffer van zijn geworden. Als één ding duidelijk is, dan is het dat de uitvoering daarvan vergaand versimpeld moet worden.

De eerste stap daartoe zou een hervorming van de vier toeslagen naar één, of maximaal twee toeslagen moeten zijn. Breng bijvoorbeeld de huur- en zorgtoeslag en het kindgebonden budget samen in één toeslag. De kinderopvangtoeslag kan los blijven bestaan, want die heeft als doel de arbeidsparticipatie van vrouwen te verhogen. De andere toeslagen zijn bedoeld als inkomenssteun. De commissie Van Dijkhuizen adviseerde al in 2013 zo’n huishoudentoeslag en velen zeggen het die commissie sindsdien na. Het aantal huishoudens dat dan met de toeslagen te maken heeft kan dan terug van 6,5 miljoen naar rond de 4 miljoen.

Alle belastingkortingen op een hoop

Een nog verdergaande oplossing werd recent door hoogleraar economie Bas Jacobs voorgesteld. Veeg alle toeslagen én belastingkortingen op een hoop en maak een heldere, eenduidige nieuwe manier om mensen onderaan de inkomensladder gericht te ondersteunen. Zo kan het aantal huishoudens dat die steun nodig heeft wellicht teruggebracht worden naar 1, hooguit 2 miljoen. Zoals het ooit bedoeld was.

Toeslagen die bedoeld zijn om kwetsbare groepen te helpen, brengen ze juist in de problemen. Het systeem moet simpeler.

Het losknippen van de dienst Toeslagen van de rest van de belastingen staat in elk geval die laatste oplossing in de weg. Het risico op verkokering en een focus op de eigen werkzaamheden (het uitkeren van toeslagen) ligt dan op de loer. Een ambtelijk én politiek verzelfstandigde dienst Toeslagen loopt zodoende het risico dat het zijn eigen bestaansrecht gaat rechtvaardigen, terwijl de discussie juist moet gaan over de vraag of de toeslagen überhaupt moeten blijven.

Structureel alternatief

De Tweede Kamer nam niet voor niets vlak voor het kerstreces een met algemene stemmen aanvaarde motie aan waarin het kabinet werd opgeroepen een structureel alternatief te zoeken voor de toeslagen. Dat dat niet van de ene op de andere dag geregeld kan worden, is ook evident, gezien de technische en politieke complexiteit van de inkomensregelingen (denk aan de eeuwige focus op koopkrachtplaatjes).

Bijkomend probleem is dat niet alleen de chef-uitvoering van de belastingen dit weekend is opgestapt. Ook de persoon die binnen Financiën het voortouw zou moeten nemen in het opnieuw ontwerpen van een robuust inkomensondersteuningssysteem stapte recent op. Deze directeur generaal fiscale zaken, Pieter Hasekamp, wordt de nieuwe directeur van het Centraal Planbureau.

Hoekstra moet dus op zoek naar vier nieuwe topambtenaren. Een daarvan, degene die verantwoordelijk wordt voor de dienst Toeslagen, zou paradoxaal genoeg de opdracht moeten krijgen om zo snel mogelijk zijn eigen baan weer overbodig te maken. En dat geldt misschien ook wel voor de nog aan te werven staatssecretaris Toeslagen.