Koken zonder sterallures – of ongelukken

Michelinsterren Niet iedereen heeft het in zich een sterrenkok te worden, weet Daarom: tien tips voor onhandige koks.
Illustratie Stella Smienk

Er zijn vrouwen en mannen die niet kunnen koken en niet willen koken. Dat is prima. Het is fijn voor ze dat ze in een tijd leven waarin goed eten besteld kan worden. Thuis of in een restaurant.

Er zijn ook mensen die wel willen koken, maar niet kunnen koken. Het soort vrouwen en mannen dat ervan droomt nonchalant gerechten in elkaar te draaien van ‘wat toevallig nog in de koelkast ligt’. Het soort mensen dat het graag zou menen als ze zeggen: ‘blijf lekker mee-eten’.

Zij worden echter gehinderd door motorisch onvermogen. Ze kunnen proeven of een soep goed op smaak is, of de kip te droog, maar onder tijdsdruk zelf iets behoorlijks uit de keuken laten komen, dat kunnen ze niet. Om hen te helpen de kok te worden die ze willen zijn: een snelle kookcursus voor onhandige mensen.

  1. Planning: trek anderhalf keer zoveel tijd uit als het recept voorschrijft. Koken is net verbouwen, het duurt altijd langer.

  2. Maak alle verpakkingen van wat je tijdens het koken nodig gaat hebben alvast open. Zakjes, blikjes en hoeveelheden meet je af en zet je klaar. Dit om te voorkomen dat door je motorische onvermogen het lipje van een te openen blikje afbreekt als je net de inhoud nodig hebt.

  3. Scan het recept: als er ‘intussen’ of ‘terwijl’ in de tekst staat, vervang je dat in je hoofd door ‘alvast’ en begin je ermee. Dus niet tijdens het aanbraden van de kip de kruiden snijden of de sla wassen. Je snijdt de kruiden en wast de sla alvast, zodat je je straks helemaal op het niet-laten-aanbranden van het vlees of de pijnboompitten kunt richten.

  4. Mocht door deze strategie onverhoeds tijd overschieten, dan gebruik je die om de chaos die je ongetwijfeld al hebt veroorzaakt, op te ruimen. Gooi verpakkingen weg, was de knoflookpers en zet in de vaatwasser wat je niet meer nodig hebt. Sowieso: begin met een opgeruimde keuken.

  5. Pak voordat je begint, de pannen, het vergiet en de schalen die je denkt nodig te gaan hebben. Doe dat in twee maten: het is soms lastig in te schatten hoeveel massa alle ingrediënten eenmaal samengevoegd hebben. Dit voorkomt gevloek en getier als je tijdens het koken nog van onderop de stapel een grotere pan uit dat lage kastje moet trekken waardoor de hele toren omdondert.

  6. Gebruik twee kookwekkers die er verschillend uitzien. Dat voorkomt gereken in je hoofd: als de groente nu klaar is, hoe lang moeten de aardappelen dan ook alweer?

  7. Maak je je zorgen over het slagen van roux of saus? Zorg dat je voldoende hebt voor een tweede poging of zet een huisgenoot paraat die, indien gewenst, naar de winkel kan rennen. Als dat een kind is, onderhandel je vooraf over een eventuele beloning. Dit om te voorkomen dat je vanuit een verzwakte onderhandelingspositie (handen in het haar, tomatensaus op het plafond) te veel betaalt.

  8. Drink geen wijn tijdens het koken.

  9. Vermijd dunschiller en mandoline – het duurt altijd langer dan je zou willen voordat je aan de beurt bent op de Eerste Hulp.

  10. Creëer routine. Kies één gerecht (dat mag ook lasagne zijn) en perfectioneer dat. Bekijk tutorials, lees verschillende recepten van het gerecht, probeer welke schalen en kommen je er het best voor kunt gebruiken. Dat kun je al je vrienden in ieder geval één keer voorzetten. Volgend jaar weer een nieuw gerecht.