Recensie

Recensie Muziek

Retrorock van DeWolff blijft een lust voor oog en oor

Rock Zelfs bij het crowdsurfen bespeelt Pablo van de Poel zijn gitaar alsof hij ermee vergroeid is. In een uitverkocht Paradiso presenteerde DeWolff een album dat aangenaam simpeler klinkt dan het voorgaande.

Rockgroep DeWolff nam het zevende album niet in de studio op, maar onderweg tijdens hun tour.
Rockgroep DeWolff nam het zevende album niet in de studio op, maar onderweg tijdens hun tour. Foto Satellite June

‘Wij zijn DeWolff en we gaan het vanavond over een heel andere boeg gooien.” Op het podium verscheen een langharig trio met gitaar, sampler en een lullig klein keyboardje. Hun spel klonk krakkemikkig, alsof het uit een oude transistorradio kwam. DeWolff nieuwe stijl leek geheel in overeenstemming met het album Tascam Tapes dat zaterdag in een uitverkocht Paradiso in première ging. Het zevende album werd niet in een studio opgenomen, maar on the road, in hotels en kleedkamers op een eenvoudige cassetterecorder.

De drie lookalikes, want dat bleken het, werden spoedig van het Paradisopodium getrapt door de echte DeWolff-leden. En daar was gelijk weer het imposante geluid van de Limburgse retrorockers. Het ronkende orgel, de expansieve drums en het virtuoze gitaarspel wezen linea recta terug naar de gouden jaren van Deep Purple, Led Zeppelin, Allman Brothers en (in de geknepen falsetzang van Pablo van de Poel) Aerosmith. Dat weldadige retrogevoel werd met grote kunde uitgevent en is meteen de zwakte van DeWolff, want hoeveel breed uitgesponnen progrocksongs met lange instrumentale passages kunnen anno 2020 de aandacht vasthouden?

Bekijk ook deze fotoserie uit 2016: In de studio met DeWolff

Veel, zo bleek in Paradiso, waar ook de nieuwe songs door de weergaloze DeWolff-mangel werden gehaald. De compacte triobezetting is tot alles in staat, zo lang het de signatuur draagt van bevlogen jaren zeventig-rock. Vorig jaar scoorde DeWolff plompverloren haar eerste hit, het oersimpele ‘It Ain’t Easy’ dat na twaalf jaar ploeteren plotseling wél op de radio werd gedraaid. Daar ligt het geheim van een werkelijk nieuwe richting: less is more en niet alle nummers hebben die overdadige solo’s nodig. Zo lang Pablo van de Poel zijn gitaar zelfs bij het crowdsurfen blijft bespelen alsof hij met het instrument vergroeid is, zijn ze een lust voor oog en oor.