Een sportieve én financiële strop voor de Nederlandse volleybalvrouwen

Volleybal De volleybalsters liepen in Apeldoorn een olympisch ticket mis. Extra pijnlijk omdat de bond veel had geïnvesteerd in het team.

Teleurstelling bij Maret Balkestein-Grothues na het verlies in de halve finale tegen Duitsland.
Teleurstelling bij Maret Balkestein-Grothues na het verlies in de halve finale tegen Duitsland. Foto RONALD HOOGENDOORN/ANP

Het werd een week van treurnis voor de Nederlandse volleybalploegen. Nadat de mannen dinsdag in Berlijn al plaatsing voor de Olympische Spelen van dit jaar waren misgelopen, zagen de vrouwen zaterdag tijdens het olympisch kwalificatietoernooi (OKT) in Apeldoorn hun weg naar Tokio versperd door Duitsland.

Pijnlijk voor de ploeg die bij de laatste Spelen nog vierde werd. En schrijnend voor volleybalbond Nevobo, die bij de vrouwen een investering van grofweg een miljoen euro zag verdampen.

Precieze cijfers wilde technisch directeur Joop Alberda noch Michel Everaert, directeur sportontwikkeling en evenementen, geven. Maar vaststaat dat de Nevobo meer dan een half miljoen euro aan de Europese bond CEV moest overmaken om het kwalificatietoernooi voor vrouwen naar Apeldoorn te halen. Een investering die bedoeld was om het kwakkelende nationale team met steun van het Nederlandse publiek alsnog aan een plaats op de Spelen te helpen.

Maar die opzet mislukte, doordat de Nederlandse volleybalsters in de halve finale met 3-0 (25-27, 23-25 en 23-25) kansloos van Duitsland verloren.

De investering van de bond had dus niet het beoogde resultaat, nadat al financiële pijn was geleden vanwege het ontslag van bondscoach Jamie Morrison in oktober vorig jaar. De Amerikaan werd verantwoordelijk gehouden voor de uitschakeling bij zowel het eerste OKT in Italië als het EK in Turkije, en voor de miserabele resultaten tijdens de World Cup in Japan. De bond moest zijn tot en met 2020 doorlopende contract afkopen, waarna extra kosten gemaakt moesten worden voor de aanstelling van Morrisons Italiaanse opvolger Giovanni Caprara.

De financiële tegenvallers kunnen met nog eens twee ton oplopen als de Nevobo niet de gewenste overheidsbijdrage voor het OKT in Apeldoorn krijgt. Daarover wordt binnenkort een besluit genomen.

Op grond van criteria zoals sportontwikkeling, maatschappelijke impact of mediawaarde schaalt de Nederlandse Sportraad, het adviesorgaan bij sportsubsidiëring, het OKT lager in dan de volleybalbond. Met twee ton extra subsidie krijgt de Nevobo de begroting van zo’n twee miljoen euro voor het OKT rond. Zo niet, dan moet dat bedrag uit eigen zak worden betaald.

Ellende

Zo kwamen zaterdag in Omnisport Apeldoorn de sportieve en financiële ellende samen. Waar de gezichten van Alberda en Everaert na de nederlaag tegen Duitsland verkrampten, vloeiden bij de speelsters de tranen rijkelijk. Geen Olympische Spelen, geen revanche voor de gemiste medaille in Rio de Janeiro. Dat doet pijn, véél pijn.

Myrthe Schoot treurt om het missen van de Olympische Spelen. Foto RONALD HOOGENDOORN/ANP

De tranen van met name aanvoerder Maret Balkestein verbeeldden de deceptie voor een volleybalploeg, die goed was voor tweemaal een tweede plaats op het EK en een vierde plaats op zowel het WK als de Spelen. Balkestein was de verpersoonlijking van een mislukt OKT, of meer: van een mislukt 2019. Zij, de 31-jarige aanvalster en natuurlijke leider van het Nederlands team, werd bij het OKT door bondscoach Caprara gepasseerd. De vaste kracht werd een reserve, die bij noodsituaties mocht opdraven. Een ondankbare taak die Balkestein zwaar viel.

Haar persoonlijke degradatie was exemplarisch voor het Nederlands team. De ooit zo solide volleybalmachine viel uit elkaar. De speelsters wilden wel, maar konden niet meer. Routiniers als Lonneke Slöetjes, Anne Buijs, Robin de Kruijf en Laura Dijkema verzaakten op cruciale momenten. Verdwenen was de brille, de finesse, alle extra’s die succes vereisen. De ploeg oogde onmachtig.

Caprara, die naar eigen zeggen met zijn rol als bondscoach van de lange Nederlandse vrouwen een wens in vervulling zag gaan, moet geschrokken zijn van de vorm waarin hij de ploeg aantrof. De 57-jarige Italiaan stond voor de vrijwel onmogelijke opdracht een team in verval in een tijdsbestek van twee weken naar de Olympische Spelen te leiden.

Zelfs Floortje Meijners (32), die na een afwezigheid van twaalf jaar een succesvolle rentree maakte, bleek het team niet te kunnen reanimeren. Als het erop aankwam was de pass nét niet nauwkeurig genoeg, de blokkering nét niet effectief genoeg, de verdediging nét niet fel genoeg, de set-up nét niet scherp genoeg en de aanvalskracht nét niet venijnig genoeg.

Robin de Kruijf en Nika Daalderop in het duel tegen Duitsland. Foto RONALD HOOGENDOORN/ANP

Zodra de teleurstelling is verwerkt, wordt van Alberda een plan B verwacht. Maar dat heeft hij niet, erkende de technisch directeur. Hij weet alleen dat het programma dit jaar zonder Spelen vervolgd moet worden en over twee jaar het WK in eigen land wordt gehouden. Met dezelfde groep? Waarschijnlijk niet. Van een aantal speelsters wordt het afscheid verwacht, al wilde niemand daar zaterdag een uitspraak over doen.

Financiering grootste zorg

Alberda’s grootste zorg is de financiering van de programma’s voor de nationale ploeg. Grote bedrijven steken vanwege maatschappelijk ondernemen steeds vaker hun geld in breedtesport, waardoor topsport financieel meer en meer afhankelijk wordt van de overheid en sportkoepel NOC-NSF. In ruil daarvoor worden resultaten verlangd en dat wordt zonder deelname aan de Olympische Spelen een moeilijk verhaal.

Het Nederlands vrouwenteam heeft echter nog één kleine kans op een olympisch ticket. Als Rusland, zoals werelddopingorganisatie WADA voorstelt, definitief uit Tokio wordt geweerd, komt Nederland op grond van zijn zesde plaats op de wereldranglijst als vervanger in aanmerking. Maar dan moeten alle ‘sportpolitieke’ beslissingen wel heel erg ten nadele van Rusland uitvallen.