Opinie

Nieuws maken van een Familiebericht: het kan, maar haast is niet geboden

De ombudsman

Soms is de dood nieuws, nog voordat hij bekendgemaakt is – en niet alleen bij Sovjet-communistische partijleiders over wier al dan niet heengaan soms dagenlang werd gespeculeerd.

Het NRC-bericht dat oud-NOS-nieuwslezer Fred Emmer was overleden, luidde op donderdagavond 26 december, Tweede Kerstdag, zo: „zo valt te lezen in een overlijdensadvertentie die vrijdag in NRC verschijnt”.

Wacht even. Putte de redactie dus nieuws uit een advertentie in de eigen krant van morgen?

Nabestaanden van Emmer die de annonce hadden laten plaatsen, waren daar niet blij mee, lieten zij weten via het bedrijf dat de annonce had verzorgd. Wat hen stoorde, was dat al nieuws werd gemaakt van hun annonce terwijl die nog moest verschijnen, maar vooral dat zij er op Tweede Kerstdag over werden gebeld – niet door NRC, wel door de NOS.

Hoe kwam dat?

Als het niet om zo’n treurige aanleiding ging, zou je het een comedy of errors kunnen noemen. Overlijdensadvertenties komen niet via de redactie in de krant, maar via een aparte afdeling van NRC Media. Maar de redactie kan ze wel op de pagina’s zien staan voordat die gezet worden en de digitale editie van de volgende dag online verschijnt. Voor next is dat circa 23.00 uur. Wakkere of slapeloze abonnees kunnen dus al om 23.01 uur precies dezelfde pagina’s lezen die ze pas de volgende ochtend in de bus krijgen.

Nu zag een alerte eindredacteur vroeg in de avond deze annonce bij de Familieberichten. Er was weinig nieuws, zoals vaker met Kerst, dus de nieuwsdienst ging aan de slag en schreef een necrologie, die om 23.00 uur tegelijk online zou worden gepubliceerd met de digitale editie (met daarin de annonce en een bekorte versie van de necrologie ). Alleen, het is dan wel zo correct contact op te nemen met de familie, die het overlijden immers zelf via de krant bekend wilde maken. Complicatie: het leek de dienstdoende nieuwsredacteur onkies om de familie op de avond van Tweede Kerstdag lastig te vallen.

Dus werd de NOS gebeld, om te vragen of ze daar op de hoogte waren van afspraken met de familie over publiciteit rond het overlijden van hun oud-werknemer. En toen begon de zaak te schuiven, want de NOS bleek niet op de hoogte. Kon er een foto van de annonce worden gemaild? Dat vond de NRC-redactie weer geen goed idee. Korte tijd later belde de NOS terug: zij hadden contact gezocht met een lid van de familie en zouden met een bericht komen.

Maar wie had nu de primeur? NRC had de familie niet gesproken, de NOS had zonder NRC het nieuws niet gehad. Afgesproken werd nu maar tegelijk te publiceren. En zo twitterde de NOS het nieuws om 22.30 uur, NRC om 22.31 uur – en kwamen necrologieën van NOS en NRC online. De Telegraaf, waarin ook een annonce zou komen, plaatste om 22.37 uur een kort bericht.

Kortom, ongeveer een half uur voor de digitale editie met annonce en bericht verscheen en zo’n acht uur voor de krant in de bus viel, stond het nieuws online.

Kies? Dat vonden nabestaanden niet – en ik ook niet.

Ja, nieuws is nieuws en moet de krant in omdat het nieuws is – zoals een tv-veteraan mij ooit met sluitende logica uitlegde. De redactie had ook zeker niet de opzet nabestaanden te bruuskeren.

Maar familie die een overlijdensbericht plaatst, betaalt ook voor het recht om de dood van een dierbare zelf wereldkundig te maken. Er is journalistiek niets op tegen als de krant waar die annonce in zal komen – en die dus beschikt over voorkennis – zijn ‘voorsprong’ gebruikt om een gedegen necrologie voor te bereiden die tegelijk met de annonce verschijnt. Maar éérder, al is het een half uur? Pijnlijk, en wrang genoeg juist het gevolg van te veel prudentie bij de redactie die de familie een telefoontje wilde besparen – dat tóch kwam.

Andere situatie: stel dat de krant wel die annonce had gehad maar nog geen bericht in de digitale editie, waarom zou er dan meteen om 23.00 uur een necrologie online moeten komen? In principe kan het – het ‘nieuws’ van de annonce ligt dan op straat, zoals het heet – maar waarom zou je het doen? Alleen om concurrenten voor te blijven? Je kunt je er iets bij voorstellen bij wereldleiders, maar haast is echt niet altijd geboden.

Het is een dilemma dat zich vaker zal voordoen in online journalistiek, die niet de genade van de dagelijkse deadline kent. Belangen afwegen wordt nog wat complexer. Ook voor lezers: wie een annonce plaatst, kiest voor een publicatiedatum. Maar de digitale editie is dus al de vorige dag, zij het pas een uur eerder, te lezen. De inhoud is dan dus openbaar, maar je kunt je indenken dat familie zich dat niet altijd realiseert.

Nog een algemener punt. Necrologieën zijn een moeilijk maar waardevol genre dat lezers kennis kan laten maken met denkers en doeners van wie ze anders soms nooit zouden hebben gehoord. Historisch besef, vakkennis en ook gewoon toeval – wat een redacteur heeft beleefd, gelezen of gestudeerd – spelen bij de keus ervan een rol. In dit geval gaf, behalve de luwte van Kerstmis, vooral het feit dat Emmer bekend was van televisie de doorslag.

Soms gaat het anders, zoals ik (oud-student filosofie) betreurde toen het overlijden van een grote Britse filosoof voorbijging aan de krant voor wie bereid is na te denken. En soms komt een necrologie pas met hink-stap-sprong over de streep, zoals die van hardloper Peter Snell, die niet de sportpagina’s haalde maar wel de zaterdagkrant. Daarin verschijnt wekelijks een necrologie, soms pas weken later. Vrijwel altijd zijn dat mooie en interessante stukken over bekende en minder bekende levens.

De laatste zijn niet minder lezenswaardig dan de eerste.

Reacties: ombudsman@nrc.nl

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.