Kabinet noemt strenger beleid onvermijdelijk

Verbod Rutte III gaat vuurwerk verder inperken. Maar een totaalverbod komt er niet, schat de premier in.

Minister Ferdinand Grapperhaus (Justitie en Veiligheid, CDA) heeft vrijdag een „serieuze inperking” van vuurwerk aangekondigd. Na de eerste ministerraad van het jaar noemde hij de laatste jaarwisseling een „wildwestpuinhoop”, waarvan hij en zijn collega’s hebben geconcludeerd: „Dit kan écht niet meer.”

Toch wilde Grapperhaus vrijdag nog niet concreet zeggen in hoeverre vuurwerk straks verboden zal zijn. Of, bijvoorbeeld, álle pijlen en ál het knalvuurwerk in de ban gaan. De minister gaat de komende weken in gesprek met de politie en met burgemeesters. Hij belooft in februari, „vóór de voorjaarsvakantie”, met een uitgewerkt plan te komen. Daarvoor zal hij de adviezen van de politie, het Openbaar Ministerie en de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) als „belangrijke leidraad” gebruiken. Al meer dan twee jaar geleden, in december 2017, adviseerde de OVV om op zijn minst knalvuurwerk en vuurpijlen te verbieden. „Als ik zeg: dat wordt mijn belangrijkste leidraad, dan begrijpt u ongeveer welke kant het opgaat”, zei Grapperhaus tegen de pers.

Premier Mark Rutte (VVD) ging op zijn persconferentie iets verder. Hij acht een totaalverbod „onwaarschijnlijk”, zei hij, omdat dit „een te verre inperking” zou betekenen. De premier zei dat ingrijpen na de laatste Oud en Nieuw „onvermijdelijk” is geworden. „Als het op zo’n grote schaal zó mis gaat.”

De afgelopen jaarwisseling vielen bijna 1.300 gewonden door vuurwerk, ongeveer 100 meer dan vorig jaar. Het aantal mensen dat oogletsel opliep steeg ook, met bijna 30 procent, naar 168 mensen, van wie dertien mensen blind raakten aan één oog. De materiële schade door branden en vernielingen bedraagt zeker 15 miljoen euro. De politie maakte vrijdag bekend dat zij ruim 9.300 ‘incidenten’ heeft geregistreerd, 400 meer dan een jaar eerder. Het aantal aanhoudingen nam iets af.

Huisvaders met kleine kindertjes

Grapperhaus zegt dat hij „in boosheid en vertwijfeling gevloekt” heeft toen hij de cijfers zag. „Oudjaar is voor sommige mensen een vrijhaven voor wildwestgedrag. In Duindorp gooiden ze een halve bom onder een politiebus. Gelukkig was die gepantserd.”

Grapperhaus zegt dat „sommige mensen denken dat alles maar moet kunnen op zo’n Oudejaarsnacht”. „Huisvaders met kleine kindertjes die de maandag nadat ze zich zwaar misdragen hebben weer gewoon op kantoor zitten en zeggen: hoe was jouw jaarwisseling? Dat kan dus niet. Die moeten we aanpakken, niet het grote deel van de bevolking dat zich op een normale manier gedraagt.”

Alleen een inperking van vuurwerk is volgens Grapperhaus niet voldoende, het gaat ook om brandstichting, vernieling en geweld tegen burgers en hulpverleners. Samen met zijn collega-minister Sander Dekker (Rechtsbescherming, VVD) werkt hij daarom aan een ‘taakstrafverbod’: „Als je geweld pleegt tegen hulpverleners kun je niet meer wegkomen met een taakstraf van veertig uur. Dan moet je een vrijheidsstraf oplopen.”