Reportage

‘Iedereen zegt dat dit een getto is’

Brand Arnhem De flat van de vuurwerkbrand in Arnhem is ontregeld. Hoe kon zoiets gebeuren? Het begint met verloedering, zeggen bewoners. “Maar wij kijken tenminste wel naar elkaar om.”

De flat in de Arnhemse wijk Immerloo waar een brand tijdens Oud en Nieuw het leven kostte aan een vader en zoon.
De flat in de Arnhemse wijk Immerloo waar een brand tijdens Oud en Nieuw het leven kostte aan een vader en zoon. Foto Flip Franssen

Bianca van Dijk-Smit, op drie hoog, rookt zich weer te pletter, zegt ze. Maar wat wil je ook als het jaar zo ellendig begonnen is als hier, in haar flat in Immerloo, Arnhem-Zuid.

In de brand die op nieuwjaarsnacht in de flat uitbrak, kwamen een vader en een zoon om het leven toen de lift waarin ze stonden vast kwam te zitten. Tot bij Bianca stond de hele boel vol rook.Haar vriend kreeg meteen weer last van zijn ademhalingsproblemen. Hun beide brommers zijn voor de deur afgefikt, total loss.

En nu is er die noodlift als enige manier om beneden te komen. Maar ze durft niet. „Claustrofobie.”

Alles is anders in de flat aan het Gelderseplein. De vaste ingang is met spaanplaten dichtgetimmerd. De misselijkmakende geur van gesmolten plastic hangt rondom de liftschacht. Voor wie aan huis is gekluisterd, doet woningcorporatie Vivare nu zelfs de boodschappen.

Schimmels op de muren

Maar bewoners zijn nog even sceptisch over de woningcorporatie, de politie, de gemeente. Maryam Abdullah, van de tweede etage, heeft al drie jaar bonje over de schimmels op hun muren. „Toen we dat aan Vivare vertelden, zei daar iemand: ‘Jullie verwarming staat te hoog of misschien transpireren jullie wel heel veel.’ Echt! Morgen komen ze, eindelijk.”

Haar zus, haar vader, haar moeder: ze knikken. Op tafel staat thee en appeltaart, op de televisie speelt een Iraakse actiefilm. Alle meubels zijn verschoven naar het midden van de kamer, weg van de muren, wachtend op de schimmelbestrijding.

Maryam en haar familie hadden het nieuwe jaar bescheiden gevierd – vuurwerk is geen pretje, als je uit oorlogsgebied naar Nederland bent gevlucht. Ze dachten vanwege de dichte mist eerst dat een auto in de fik stond, toen een appartement.

Het bleek een bank in de portiek die aangestoken was met vuurwerk, maakte de politie vorige week bekend. Twee minderjarige verdachten (12 en 13) wachten hun proces af. Het politieonderzoek loopt nog, net als een vooronderzoek van de Onderzoeksraad voor Veiligheid.

Zes betonnen flats in knipmeshouding tussen de ringweg en de rivier, dat is Immerloo II. De wijk verrees eind jaren 60, toen de woningnood hoog was en de plannen groots. Een ruim opgezette tuinstad ten zuiden van de Rijn was het eerste plan, het werden galerijflats in het groen.

Betaalbaar comfort

Licht, lucht en ruimte moesten de flats van Immerloo bieden. Betaalbaar comfort. En wát een uitzicht! Heel Arnhem aan je voeten. Wie tot de gelukkige bewoners wilde behoren, moest eerst de ballotage van de woningcorporatie doorstaan.

Heeft u betaald werk? Bent u getrouwd of alleenstaand? Heeft u plannen voor gezinsuitbreiding?

Zo streng was het daarna niet meer, maar Immerloo bleef gewild. Generatie na generatie raakte verknocht aan het water en het groen voor de deur, aan hun ruime woning met alle gemakken, aan hun oude vertrouwde buren. Zo’n flat lijkt misschien wel ongezellig, je komt elkaar altijd een keer tegen – in de moestuin, wachtend op de lift of, als de schemer valt, bij het dagelijkse uitlaatrondje. „Iedereen kent elkaar hier”, zegt Bianca’s dochter Samantha. „Of in ieder geval elkaars hond.”

Maar, zeggen de oudste bewoners, zoals vroeger is het niet meer. De overlast en de criminaliteit namen toe, vanaf de jaren 80 al, net als de armoede. Inmiddels hoort Immerloo al jaren bij de armste buurten van Nederland. De multiculturele volksbuurt werd een Vogelaarwijk, totdat de wijkaanpak van minister Ella Vogelaar in 2012 voortijdig werd stopgezet. De geldkraan ging dicht.

Het pijnlijkste is misschien wel, als je het de bewoners vraagt, dat buren elkaar steeds vaker níet kennen. Geen toeval: corporaties mogen zich bijna alleen nog maar richten op de allerarmste woningzoekers. De nieuwe aanwas bestaat daardoor steeds vaker uit statushouders, schuldenaars, kwetsbare types voor wie in de zorg geen plek meer is. Die nieuwe buren zie je wel, maar aan groeten doen ze vaak niet. En voor je het weet, zijn ze alweer vertrokken naar een volgend adres.

Lees het artikel ‘In deze flats veroorzaakt elke week een van de bewoners brand’

Spieden met de verrekijker

De hond uitlaten, zegt Bianca van 3 hoog, dat is oppassen hoor. „Ze gooien hier van alles over de reling. Als je niet uitkijkt, heb je zó een pan of een lattenbodem naar je harses. Je schrikt je het apelazerus. Dan denk je: hè, is er nou wéér iemand van het dak gesprongen?”

Een gebrek aan sociale controle, zegt Bianca, is precies waardoor zo’n brand kan ontstaan. „Ik vind het heel moeilijk om met een vingertje te wijzen. De woningbouw, die kinderen, de ouders, de mensen die daar die bank hebben neergezet. Maar als we de huismeester nog hadden, dan had-ie ’m wel bij de kelderboxen gezet.”

Huismeester Henk wordt gemist. Hij was een kletsmajoor en een roddelaar, maar hij dééd wel iets. Sprak mensen die hun vuil achteloos weggooiden aan, maakte schoon, was altijd in voor een praatje. Nu hadden bewoners geklaagd, maar de bank bleef staan. Vivare zegt dat het de eigenaar vergeefs had aangesproken. „Wij zijn geen vuilnisophaaldienst”, zei corporatiedirecteur Eric Angenent ook.

Geen stijl, vindt Maryam Abdullah dat. „Na de brand zag ik hier op de tweede verdieping allemaal spullen liggen. Wat als die in de fik waren gevlogen? Toen we daarover iets opmerkten, zei Vivare: ‘Moeten wij dan de mensen in de flat heropvoeden?’ Onbeschoft vind ik dat.”

Alsof de bewoners van Immerloo niet nú al voor elkaar zorgen – al zijn de eigen zorgen soms groot genoeg. Zo was er jarenlang een weggeefhoek in de buurt voor flatbewoners, totdat de oprichter haar handel moest opdoeken omdat de subsidie stopte, berichtte Omroep Gelderland vorig jaar.

En er is de vrouw op acht hoog die de buurt met haar verrekijker bespiedt. Is ze getuige van een diefstal of ziet ze dat de hangjeugd onder haar flat een fiets in de vijver mietert, dan belt ze meteen de politie. Maar je kan toch niet van haar verwachten dat ze alles oplost – en natuurlijk wil ze niet met haar naam in de krant. „Ik dacht het niet. Ze hebben mijn autoruit al eens ingeslagen”, vertelt ze.

Truien werden pakken

De huismeester verdween uit Immerloo zoals hij uit veel meer flats verdween. Niemand in de flat die de corporatiegedachte zo belichaamde – en het verdwijnen ervan.

Een stapje terug.

Toen Bianca in de flat neerstreek om in de sociale werkplaats aan de slag te gaan en toen Maryams vader Irak ontvluchtte en in Immerloo belandde, hadden de woningcorporaties net de grootste ommezwaai in hun bestaan achter de rug.

Tot eind jaren 80 waren de corporaties in alles een bastion van de verzorgingsstaat, zegt Cody Hochstenbach, stadsgeograaf aan de Universiteit van Amsterdam. Sober en idealistisch, tot op de werkvloer: stoffige mannen in truien, met snorren en een visie op volkshuisvesting.

Maar in de jaren 90 werden de woningcorporaties financieel verzelfstandigd van het Rijk. Ze moesten de markt op en efficiënter met hun geld omgaan. De truien maakten plaats voor pakken en de pakken deden vervolgens dingen die de truien nooit gedaan zouden hebben. Ze sloten risicovolle renteverzekeringen af, ze verslikten zich in de aankoop van het SS Rotterdam, ze reden rond in een Maserati of betaalden mee aan dure universiteitscampussen.

Na het derivatendebacle met Vestia riep de politiek om een harde aanpak en dat werd de herziene woningwet van 2015. Voortaan moesten corporaties zich beperken tot hun kerntaak: stenen stapelen om huurders met lage inkomens te huisvesten. Voor alle leefbaarheidsactiviteiten van vroeger bleef alleen een klein potje over.

„Het is schraler geworden”, zegt Liesbeth van Asten van Volkshuisvesting Arnhem. Volkshuisvesting, dat ook flats in beheer heeft in Immerloo, heeft zijn huismeesters nog. Maar ook bij haar corporatie is de opgave groot, zegt Van Asten: „Ergens moet je het geld vandaan halen.”

Te druk met ‘eigen shit’

Bij Vivare verdween de huismeester wel, zoals bij veel andere corporaties. In hun plaats kwamen wijkbeheerders en klantconsulenten, die samen meerdere flats beheren. Af en toe maken ze een rondje langs de flats, bewoners kunnen ze bellen. Onhandig, zegt Cody Hochstenbach. „We weten dat de allerarmsten vaak te druk zijn met hun eigen shit om zo’n beroep op iemand te doen.”

De oude bewoners van Immerloo hebben geleerd vooral op elkaar te vertrouwen. Om hen heen veranderde de wereld: het woonbeleid ging alle kanten op, het geld droogde op, er kwamen coaches, wijkteams, wijkmanagers – maar zij bleven.

„Iedereen zegt dat dit een getto is”, zegt Bianca. „Maar wij kijken tenminste wel naar elkaar om.”

Je kunt geen rechte pijl trekken van het woonbeleid naar een vuurwerkbrand, zegt Hochstenbach. „Maar er is wél een verband. Is de klimaatcrisis de directe oorzaak van de bosbranden? Nee, maar die schept wel de condities waardoor die uitkomst waarschijnlijker wordt. Dat is hier ook zo.”

Eind 2018 luidde corporatiekoepel Aedes al de noodklok over de armste buurten. Waar corporaties hun mensen kunnen inzetten, zijn die vooral druk met de grootste psychische en sociale probleemgevallen. De winst in leefbaarheid was verdampt, concludeerde directeur Marnix Norder: „De Vogelaarwijken zijn terug.”

„Immerloo”, zegt burgemeester Ahmed Marcouch, „is volgens mij exemplarisch voor heel veel wijken in Nederland.” Er valt, denkt hij, nog heel veel terug te winnen. „We zijn in onze samenleving vies van paternalisme. Maar soms mogen we best wat paternalistischer zijn.”

Na de brand gaat het veel over de schuldvraag, zegt Maryam op 2 hoog. Daar schiet niemand iets mee op. „In plaats van denken wiens schuld dit is, moeten we misschien eens bedenken: hoe lossen we dit op?”