Opinie

Europa als kreukelzone voor de wereldpolitiek

In Europa

In 1917 beschreef de Britse onderwijzer en geograaf James Fairgrieve in Geography and World Power delen van Midden- en Oost-Europa als een ‘crush zone’, kreukelzone. Dit gebied was een buffer tussen twee machtige staten, Duitsland en Rusland. Steeds als die ruzie kregen, schreef Fairgrieve, vochten ze het in die zone uit.

Om te begrijpen in wat voor situatie Europa zich tegenwoordig bevindt, zeker na de Amerikaanse eliminatie van de Iraanse generaal Soleimani, is dat beeld van Fairgrieve zo gek nog niet. Europa – de EU en zijn satellieten – wordt steeds meer een kreukelzone, op het wereldtoneel.

In de negentiende eeuw domineerden Europese grootmachten de wereld. In de twintigste eeuw domineerden de Verenigde Staten die. In de eenentwintigste eeuw domineert niemand de wereld, die is multipolair geworden. Er zijn meerdere machtscentra. De belangrijkste zijn de VS, China en Europa. Maar er zijn ook kleinere, regionale machten die gebruikmaken van het feit dat er geen mondiale politieagent meer is – Rusland, Turkije, Iran.

In die multipolaire wereld trekt iedereen aan iedereen. Na een lange fase van globalisering zijn landen sterk afhankelijk van elkaar geworden. Niemand kan het zich veroorloven om dat te negeren. Geen land kan zonder internationale geldstromen of energievoorziening. Waar de rivaliteit tussen de grootmachten, en die tussen de kleinere machten, vooral om gaat is wie er het best in slaagt om die connecties in zijn voordeel te draaien en connecties van rivalen te saboteren. Dit is een geraffineerd spel. Je staat elkaar binnen het mondiale systeem naar het leven. Niemand kan, zoals de Britten ontdekken, in zijn eentje soeverein zijn. Je hebt het systeem nodig. Maar tegelijkertijd gebruik je het als wapen tegen anderen. Je manipuleert elkaars publieke opinie met leugens en spin. Je verlamt het internationaal recht met absurde interpretaties van bestaande multilaterale akkoorden. Je stunt met belastingtarieven, hackt ministeries, bespioneert bedrijven, gebruikt vluchtelingen als drukmiddel, zet buitenlandse politici op je payroll. Iedereen is permanent aanwezig in het vijandelijke kamp. De truc is om de ander van binnenuit te verzwakken, zonder daarbij jezelf te benadelen.

De VS en China spelen dit spel hard en met verve. Ook kleinere machten als Rusland en Turkije gaan all-out. Europa is er minder goed in. Per definitie. Wij zijn een soft power: de EU is opgezet als vredesproject, om interne conflicten te managen, niet om aan buitenlandse politiek of zelfs landjepik te doen. De VS, China, Rusland en Turkije zetten ons veel harder onder druk dan wij hen. We zijn hard op weg om, in Fairgrieve’s terminologie, de kreukelzone te worden waarin zij botsen.

Hoe moeten wij reageren, nu iedereen tegen ons aantrapt en ons wil dwingen om partij te kiezen, zoals de VS en Iran nu? Velen voorspellen dat Europa uiteenvalt. Dat kan. Europese landen hebben verschillende belangen. Wat goed is voor de een is slecht voor de ander. Er is geen eensluidend beleid over Huawei en 5G, vluchtelingen of het conflict in Libië. Ook het Amerikaanse optreden in het Midden-Oosten heeft altijd voor verdeeldheid gezorgd.

De EU is afgelopen jaren vaak doodverklaard. Toch heeft ze recente crises allemaal overleefd, om de simpele reden dat Europese regeringen die wílden overleven. Zelfs de populisten willen geen exits meer. In zijn boek Connectivity, dat gaat over de hybride conflicten van tegenwoordig, schreef politiek analist Parag Khanna dat we in deze conflicten vooral niet bruusk moeten opereren. Alles hangt met alles samen. Balans is belangrijk. We hebben juist tactieken nodig die Europa wel liggen – behoedzaam opereren, kleine stapjes zetten, diplomatiek proberen met iedereen in gesprek te blijven. Voortmodderen, kortom. En tijd rekken. Laat dat nou precies zijn wat we al die jaren hebben gedaan.

Caroline de Gruyter schrijft wekelijks over politiek en Europa.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.