Opinie

(Wan)hoop na scheiding

Frits Abrahams

Marriage Story moet een van de meest besproken speelfilms van de laatste tijd zijn. Onder degenen die hem gezien hebben, breekt algauw een felle discussie los over de vraag: wie is hier het slachtoffer van wie? Is de vechtscheiding uit de film aan de man te wijten, aan de vrouw of aan beiden?

Ook in het gewone leven een zeer herkenbare vraag zodra buitenstaanders zich over de scheidingsperikelen van anderen buigen. „Waarom moest hij haar zo halsoverkop in de steek laten?” „Ze zal het er wel naar gemaakt hebben.” Waarna men elkaar toch nog vindt in de roerende conclusie: „Het is vooral zo erg voor de kinderen.”

De lezer die deze boeiende film nog wil zien, moet ik ernstig waarschuwen: ik ga noodgedwongen alle ongeschreven spoilerwetten overtreden. Toch is het misschien goed voor uw huwelijk om nog even door te lezen, het is maar wat u prefereert.

In Marriage Story is het niet de man (Charlie), maar de vrouw (Nicole) die ervandoor gaat met hun zoontje. Hij is een ambitieuze toneelregisseur in New York, zij een filmactrice die een veelbelovende carrière in Los Angeles opgaf door zich bij haar man te voegen. Uiteindelijk neemt zij het initiatief tot de scheiding.

Ze weigert mee te werken aan mediation, keert met haar zoontje terug naar Los Angeles en neemt een compromisloze advocaat in de arm. Haar man streeft aanvankelijk naar een vrediger oplossing, maar besluit ten slotte met gelijke munt terug te betalen: een even agressieve advocaat en de bijbehorende oorlogsretoriek. Het levert hem niets op, hij eindigt als de verliezer: zonder vrouw (zij krijgt een nieuwe vriend) en een kind dat hij alleen nog kan zien als hij zich ook in Los Angeles vestigt – wat hij doet.

Het lijkt erop dat de filmregisseur, Noah Baumbach, je meer sympathie wil laten voelen voor Charlie dan voor Nicole. Bij mij lukte dat in eerste instantie ook, maar toen ik later alles nog eens goed overdacht, kreeg ik meer begrip voor Nicole, al bleef ik bezwaar houden tegen haar onaangekondigde aftocht mét kind.

In interviews houdt Baumbach zich op de vlakte. „Deze film laat alleen maar zien dat het dwaas is om partij te kiezen”, zei hij in The Guardian. In het laatste deel van de film wilde hij vooral aantonen dat er in zulke gevallen geen objectieve waarheid is. Hij wilde – en dat verbaast mij nogal – de film hoopvol laten eindigen. Nicole en Charlie vinden ieder hun eigen stem: Nicole in haar filmcarrière, Charlie letterlijk door spontaan in een bar de song ‘Being Alive’ van Stephen Sondheim te zingen, een lied over een 35-jarige vrijgezel die tot het inzicht komt dat alleen ook maar alleen is: „Make me alive, make me confused/ Mock me with praise, let me be used/ Vary my days, but alone is alone, not alive!

Mensen moeten vooral blijven trouwen, verzucht Baumbach in The Guardian. De journaliste had hem gevraagd waar dat trouwen eigenlijk goed voor is met al die scheidingen. „It’s a great act of hope. It’s… romantic”, zegt hij dan.

Ik citeer hem, omdat het niet bepaald de boodschap is die ik uit zijn film had gehaald. Ik zag een man die is ingestort, alleen achterblijft en plotseling in een lied uitbarst dat hem nog zieliger maakt. Voor mij sprak daar meer wanhoop uit dan hoop, maar misschien ben ik niet romantisch genoeg.