Necrologie

Voor kunstenaar Sjoerd de Vries (78) was het Friese landschap universeel

Sjoerd de Vries (1941-2020) Kunstenaar Sjoerd de Vries verruilde het penseel voor een stanleymes, waarmee hij landschappen en (zelf)portretten kerfde in karton. Zijn portret van een burgemeester kreeg een expositieverbod.

Portret van Sjoerd de Vries uit 2007.
Portret van Sjoerd de Vries uit 2007. Foto Reyer Boxem

Hij voelde zich als een „echte hofschilder die de hooggeplaatste heren mocht portretteren”. De Friese kunstschilder, beeldend kunstenaar en graficus Sjoerd de Vries kreeg in 1971 de eervolle opdracht drie naoorlogse burgemeesters te portretteren. Er ontstond opschudding over het portret van burgemeester mr. Adriaan van der Meulen: die vond zijn oren te groot afgebeeld. Via de rechter eiste de burgemeester een expositieverbod tot tien jaar na zijn dood. De kunstenaar voelde zich ernstig in zijn integriteit aangetast. Sjoerd de Vries is op 7 januari overleden in Leeuwarden, op 78-jarige leeftijd. De burgemeesteraffaire en het gewraakte portret hebben hem destijds aangegrepen. Hij beriep zich vergeefs op het auteursrecht.

Sjoerd de Vries was een van de befaamde Friese kunstschilders die, met onder anderen Willem van Althuis, Boele Bregman, Abe Gerlsma en Gerrit Benner, onder bezielende leiding van museumdirecteur Thom Mercuur, een thuishaven kregen in Museum Belvédère in Heerenveen-Oranjewoud. Hun gemeenschappelijke kenmerk was ‘zichtbare koppigheid’, zoals NRC in 1999 berichtte.

En dwars en koppig was De Vries beslist. Hij werd op 9 november 1941 geboren in Oudehaske en was als kind al gefascineerd door het Friese landschap: met zijn vinger maakte hij opmerkelijke tekeningen op de beslagen ramen van het ouderlijk huis. Ook tekende hij met een stuk rood dakpan rietkragen en weilanden op de weg. Hij behaalde vakdiploma’s voor machinebankwerker en huisschilder op de ambachtsschool, maar voelde zich tot de kunsten aangetrokken. Op de kunstacademie Minerva in Groningen voelde hij zich niet thuis: hij was, zoals hij het later noemde, ‘slecht inpasbaar’.

Uitsnede van Sjoerd de Vries,’ zelfportret Tequila uit 1985.

Aan het begin van de jaren zeventig vond hij inspiratie bij materialen als boekbandjes en oud karton. Hij verruilde het penseel voor een stanleymes, waarmee hij landschappen, portretten, zelfportetten en naakten kerfde in karton, waardoor prachtig reliëf ontstaat. Zijn werkwijze is zonder meer revolutionair, maar zelf beschouwde hij zijn werken als fresco’s op afgebladderde muren uit de Renaissance. Hoewel hij altijd dicht bij huis in Friesland schilderde, noemde hij zijn landschappen „universeel” en beschouwde hij ze als een ‘passepartout’ waarin hij zijn vaak gekwelde en zelfs depressieve gemoed aanschouwelijk maakte.

Hoewel de Vries’ werkwijze robuust en rauw lijkt, is het resultaat dat zeker niet. Zijn landschappen en naakten zijn ijl, rank, teer. Fragiele rietpluimen kon hij als geen ander uitbeelden. En het burgemeesterportret? Dat is nu, als bruikleen, in het Fries Museum in Leeuwarden te bewonderen.