Reportage

In een stad vol daklozen hangt de zweetlucht als mist in de straat

San Francisco Meer dan een kwart van alle Amerikaanse daklozen woont in Californië. Alleen al in San Francisco leven er ruim 17.000, het dubbele van wat tot nu toe werd gedacht. Een nieuw gekozen hoofdofficier van justitie wil nu armoede en dakloosheid decriminaliseren.

Een kwart van de daklozen in San Francisco zegt dat het verlies van een baan hen op straat heeft doen belanden. Wie werkloos wordt, wie zijn huis wordt uitgezet, kan niet meer in de stad wonen.
Een kwart van de daklozen in San Francisco zegt dat het verlies van een baan hen op straat heeft doen belanden. Wie werkloos wordt, wie zijn huis wordt uitgezet, kan niet meer in de stad wonen. Foto Lea Suzuki/ AP

Het is nog warm voor de tijd van het jaar. Zeven uur en in Haight-Ashbury, ooit epicentrum van de hippiebeweging in San Francisco, worden de laatste boodschappen van de dag gedaan. Op de straathoek spelen mensen gitaar. In het Buena Vista park vouwt een stevige vrouw een kartonnen doos uit bij wijze van matras. Een jong stel trekt zich terug in een paars Subaru’tje. Op de voorbank likt zij een joint met louter groene sliertjes dicht, de achterbank is een klerenkast. Voor cadeauwinkel My Favorite loopt een boomlange zwarte man, naakt op zijn gymschoenen na. Niemand kijkt op, niemand zegt iets.

Het Pacific Research Institute becijferde dat Californië, de staat waar 12 procent van alle Amerikanen woont, 25 à 30 procent van alle daklozen in de VS herbergt. En van alle plaatsen in Californië is San Francisco de kampioen. The New York Times berichtte onlangs dat er twee keer zoveel daklozen in San Francisco zijn als tot voor kort werd aangenomen. Geen 8.011, zoals de officiële telling in één nacht uitwees , maar 17.595, op basis van een inventarisatie van de databases van sociale voorzieningen.

Volgens de officiële telling, waarbij de daklozen zelf werden ondervraagd, is 19 procent van hen jonger dan 25 jaar. Een derde is ouder dan vijftig. President Trump grijpt de zwervers en het vuil in de stad herhaaldelijk aan om zijn politieke tegenstander, Democraat Nancy Pelosi mee om de oren te slaan. In plaats van dat impeachment-onderzoek naar hem, twitterde hij onlangs, „help liever de daklozen”.

In de binnenstad is het moeilijk in te schatten wie in de meerderheid is: de mensen die winkelen of naar hun werk gaan, of de daklozen die de trottoirs hebben ingericht als een huiskamer. Daar zit er een op een schuimrubberen stoel, naast een berg van boodschappentassen, daar staan een man en een vrouw minutenlang voorovergebogen over een crack-pijpje. Overal lopen jongeren met rugzak of duffelse tas. Je ziet zwervers met krukken, looprekken, winkelwagentjes, rollators, scootmobiels. Zweetlucht hangt als mist in de straat.

De bewoners en ondernemers van de stad proberen er omheen te leven. De hotels op Market Street kun je niet zomaar meer inlopen, daar moet je aanbellen. „Anders staan ze ineens voor je neus”, zegt de receptionist van Inn@Market. In het All Star Café zit een bevende man, zijn T-shirt en broek bij elkaar gehouden door tientallen grove zwarte stiksels, als het hoofd van Frankensteins monster. Boven zijn tafel hangt een bordje: ‘Wij behouden ons het recht voor mensen uit onze zaak te zetten.’ Af en toe nipt hij van zijn beker. Hij weet het anderhalf uur te rekken. Dan komt de serveerster van het café onder zijn tafel dweilen en vertrekt hij.

Lees ook: Deze zes maatregelen helpen om dakloosheid tegen te gaan

Geen baan, geen huis, op straat

Een kwart van de daklozen in de officiële telling zegt dat het verlies van een baan hen op straat heeft doen belanden. Wie werkloos wordt, wie zijn huis wordt uitgezet, kan niet meer in de stad wonen. De huurprijzen zijn de laatste vijf jaar met 18 procent gestegen en de woningen in Californië horen tot de duurste van het land, die in de regio’s van San Francisco en Los Angeles voorop. Tel daarbij op dat de kosten voor levensonderhoud in Californië veel hoger liggen dan in de rest van het land. Benzine is hier twee keer zo duur als in Iowa. Met een dollar kun je in de allerduurste stad in Alabama evenveel kopen als in de allergoedkoopste stad van Californië. Een gezin met twee kinderen moet er zo’n 141.000 dollar (ruim 130.000 euro) per jaar verdienen.

Verklaart dat de man die in de rij staat voor de voedseluitdeling van de St Agneskerk in Haight-Ashbury? Hij draagt een geklede jas van blauwe wol, zijn schoenen zijn gepoetst, hij heeft draadloze oortelefoontjes in. Als hij een boodschappentas vol heeft met appels, maïs, chips, vruchtensap, loopt hij in snelle pas de trappen van de kerk af en laat zich niet aanspreken. „Ik weet dat hij Michael heet”, zegt coördinator Kathleen Devine. „Maar ik zal hem nooit vragen wat er is gebeurd waardoor hij in aanmerking komt voor onze hulp.”

Onderaan de trap past Joe Gates op de hond van een vriend die binnen in de rij staat. Hij is 47, heeft bij de reinigingsdienst gewerkt „tot mijn rug en benen stuk waren”. Hij logeert, zegt hij zelf, in een single room occupancy, tijdelijke opvang die de gemeente subsidieert. „Daar logeer ik nu zevenenhalf jaar.” Hij staat op de wachtlijst voor sociale woningbouw, „maar daar durf ik niet meer op te rekenen”.

San Francisco koos vorige maand een nieuwe hoofdofficier van justitie die iets aan het daklozenprobleem belooft te doen – op een bijzondere manier. Chesa Boudin (39), zoon van linksradicale activisten die wegens medeplichtigheid aan moord bij een overval gevangen werden gezet toen hij veertien maanden oud was en wiens vader nog altijd achter tralies zit, heeft campagne gevoerd met de belofte „armoede en dakloosheid te decriminaliseren”. Dit betekent dat gedragingen waarvoor daklozen tot nog toe werden opgepakt, voortaan niet zullen worden vervolgd: vrij kamperen, prostitutie en prostitueebezoek, wildplassen en het blokkeren van de stoep.

Geen twijfel mogelijk, San Francisco is een progressieve stad. Op elke bus die langsrijdt staat ‘Clean Energy Vehicle’. Als honden hebben gepoept, veegt het baasje hun billen af met een doek. Bij cafés die Europese namen dragen als Du Soleil of Réveille hangen bordjes: ‘Roken alleen 1) op de stoeprand of 2) als er geen stoep is, minstens 3 meter van uitgangen, ingangen, ramen en luchtkanalen.’ In hotels staan op de kamer alleen aardewerken bekers. Bij de verkiezingen van november vorig jaar stemde San Francisco ook over een wetsvoorstel om de hier alomtegenwoordige rijke bedrijven extra belasting te laten betalen om voorzieningen voor daklozen te bekostigen. Het voorstel werd met 61 procent van de stemmen aangenomen. In plaats van een oplossing te vormen voor het probleem heeft het nieuws van een stad die 300 miljoen over heeft voor zorg aan daklozen, als reclame gewerkt.

Ingeslagen autoruiten

De daklozencrisis stelt de sociale vooruitstrevendheid op de proef. Door de hele stad zie je de glazen korrels van ingeslagen autoruiten in de goot. San Francisco Chronicle telde er in november gemiddeld 62 per dag en houdt op een kaart bij wat de hot spots zijn. Autoverhuurder Chris Donlon („Ik ben even links als deze stad”) zucht. „Decriminaliseren?” South Dakota had goed een Chesa Boudin kunnen gebruiken, zegt hij, of Oklahoma City. Maar San Francisco? Dat is al progressief genoeg.

Een kleine 10 procent van de daklozen gaf psychische problemen op als oorzaak van hun leven op straat. Op de geestelijke gezondheidszorg is jarenlang bezuinigd. Patiënten zijn met medicijnen de straat op gestuurd, met alle stress van dien. Dit is de meest zichtbare groep, zij maakt de crisis en het verzet acuut. In augustus viel een dakloze man een vrouw aan die net haar sjieke wooncomplex binnen wilde gaan. Hij riep dat de aarde door robots werd overgenomen en dat hij haar wilde redden. De vrouw heeft haar ongewilde beroemdheid meteen ingezet om te protesteren tegen de komst van een daklozenopvang met 200 bedden in haar buurt.

Lees ook: Zo ziet een overnachting in de daklozenopvang eruit

„Het is een begin”, zegt Miguel Carrera over de nipte overwinning van hoofdaanklager Boudin. Carrera werkt voor de Coalitie tegen Dakloosheid, een organisatie die online zijn team presenteert met de voornamen, maar óók met de gewenste voornaamwoorden erbij. Kelley is ‘zij/haar’, Jay is ‘zij/hen’ en directeur Jennifer is ‘zij/haar/sir’ – naar het Star Trek-woord voor genderneutrale wezens. De organisatie heeft de krant gehaald, toen zij een restaurant in San Francisco aanklaagde wegens een vermeende anti-daklozen maatregel. In de portiek voor Izakaya Sushi Ran had de eigenaar namelijk een rotsblok gelegd.

Sierhekken en plantenbakken

Dat zie je op meer plekken: stenen, plantenbakken, sierhekken om te voorkomen dat daklozen gaan zitten of liggen. Maar dit rotsblok was in de kleuren van de regenboog geschilderd, waarmee het restaurant ogenschijnlijk steun aan de LGBTQI-beweging betoonde. „Als je inclusief wilt lijken, maar daklozen haat”, twitterde een medewerker van de Coalition on Homelessness.

In zijn kantoortje met posters van historische revolutionairen als Emilio Zapata en Pancho Villa zet Miguel Carrera uiteen wat er aan de hand is. „Niet de daklozen zijn het probleem, maar het kapitalistisch, koloniaal systeem. Dat geeft geld aan de rijken en neemt het van de armen.”

Hij vindt het een schande dat van de ruim 12 miljard op de stadsbegroting zo’n 2 miljard naar politie en brandweer gaat. De brandweer, goed, die blussen branden. „Maar waarom in hemelsnaam geld uitgeven aan de politie? Dat is een criminele organisatie. Die behandelt daklozen als misdadigers.” Vandaar dat hij voorzichtig optimistisch uitkijkt naar de komst van aanklager Boudin. „De politievakbond heeft tienduizenden dollars uitgegeven aan een campagne om te voorkomen dat hij zou worden gekozen.”

Carrera is in 1998 zelf uit zijn huis geprest, zegt hij. „Je slaapt op de straat, in auto’s als het kan. Ik heb jaren in shelters gewoond. Daar stikt het van de ratten en de luizen. Je wordt ziek, je raakt verslaafd, je verliest jaren van je leven.” Misschien is betaalbare huizen bouwen niet de finale oplossing van het probleem, het is wel een noodzakelijke maatregel. „Anders vind je geen rust.”

Schilderen en conciërgewerk

Op Haight Avenue zit Eric Neely op de plantenbak voor de CVS-drogisterij. Nog drie jaar te gaan tot zijn pensioen, maar hij heeft nu al recht op geld van de overheid, zegt hij. Ze zijn hem jaren aan bijstand en invalidenuitkering schuldig. Ik heb een fijne rechtszaak lopen, zegt hij.

Hij zegt dat hij klusjes doet voor wie hem maar inhuurt. Schilderen, maar ook conciërgewerk. „Zo houd ik het hoofd boven water”, zegt-ie. En hij bedelt. Neely is 32 jaar geleden van St Louis naar San Francisco verhuisd. „Voor mijn gewrichten”, zegt hij. Het is in december nog altijd 14, 15 graden overdag – ook dat trekt zwervers aan.

Al die 32 jaar in San Francisco heeft Neely nooit in een huis gewoond dat op zijn naam stond. Het was altijd bij vrienden logeren. Nu slaapt hij bij zijn neef die op nummer 3582 woont. „Ik sta ingeschreven voor sociale huur, voor een pension en voor bejaardenwoningen.” Allemaal woningen waarvoor jarenlange wachtlijsten zijn.

Een vrouw komt uit de CVS en overhandigt Neely een pakje etenswaar. Hij dankt. Het is kaas, salami en bacon, in vier aparte secties verpakt. „Dit kan ik niet eten”, zegt hij, terwijl hij op de salami tikt. „Dan moet ik meteen naar de wc.” Dit ook niet, zegt hij, wijzend naar de bacon. „Ik heb nog maar de helft van mijn tanden.”

We gaan samen de CVS in voor boodschappen die hij wel kan eten. Hij pakt in honing gerookte ham en kalkoenborst, fruitsap, instant koffie. Dan zegt hij ineens: „Ik moet hier weg, ik krijg last van gasophoping.” Hij grist een donker fabrieksbrood mee en haast zich naar buiten. Hij dankt omstandig voor de boodschappen. „Daar komt mijn bus”, zegt hij. Een Clean Energy Vehicle.

Correctie (9 januari, 2020): aanvankelijk werd melding gemaakt van een Clear Energy Vehicle. Dat is aangepast naar Clean Energy Vehicle [red.].