Hooi of honger voor de grazers

Natuurbeheer Actievoerders hebben illegaal dieren in de Oostvaardersplassen bijgevoerd. Nergens voor nodig, zegt Staatsbosbeheer.

Sommige konikpaarden in de Oostvaardersplassen zijn deze winter volgens Staatsbosbeheer ‘aan de dikke kant’.
Sommige konikpaarden in de Oostvaardersplassen zijn deze winter volgens Staatsbosbeheer ‘aan de dikke kant’. Foto Olivier Middendorp

Is het nodig de grote grazers in de Oostvaardersplassen illegaal te voeren met hooi, zoals in de nacht van zaterdag op zondag is gebeurd? „Absolute flauwekul”, zegt bioloog Frans Vera, geestelijk vader van het natuurgebied in Flevoland. „Als de dieren honger hebben, is dat een volstrekt natuurlijk proces in de winter.”

Opnieuw moeten Vera en geestverwanten zich verdedigen tegen beschuldigingen dat dieren in de Oostvaardersplassen onnodig lijden. „Veel dieren zijn er absoluut niet goed aan toe”, zegt Eddy Nagel, namens de actievoerders die in de nacht van zaterdag op zondag op drie plaatsen ijzerdraad van hekken doorknipten en honderdvijftig pakken hooi in het natuurgebied legden. „Ze vreten de bomen kaal omdat er geen voedsel meer is. Wij willen niet wachten tot de dieren tijdens de winter allemaal weer omvallen.”

Nagel is voorzitter van een aantal belangengroepen die zich zorgen blijven maken over het welzijn van de edelherten, paarden en runderen. „Er is sinds het nieuwe beleid weinig veranderd. Wij willen deze kwestie opnieuw op de agenda zeten.”

Staatsbosbeheer gaat aangifte doen van vernieling en spreekt tegen dat de dieren in een slechte conditie verkeren. Integendeel; sommige paarden zijn „aan de dikke kant”, runderen zijn eveneens in goede conditie en edelherten vertonen „normaal, alert gedrag”, meldde een van de boswachters onlangs. Bijvoeren is kortom „niet nodig”, zegt een woordvoerder van Staatsbosbeheer. „Het is bovendien overbodig, want zodra de dieren onder een bepaalde conditiescore komen, voeren wij hen zelf bij. Dat is wij met de provincie Flevoland hebben afgesproken.” En dat de dieren aan bomen knabbelen? „Dat vinden ze gewoon lekker.”

Barre kou

Frans Vera, die door sommige dierenactivisten wordt beschouwd als de kwade genius achter wat zij zien als dierenmishandeling, , gruwt van het handelen van de actievoerders. Hij vindt bijvoeren sowieso ongewenst. „Als je honger hebt, spreek je toch niet meteen van ondraaglijk lijden? We hebben allemaal toch wel eens honger?” Het is volgens hem ook onwenselijk dat Staatsbosbeheer tijdens periodes van barre kou in opdracht van de provincie dieren gaat bijvoeren. „Staatsbosbeheer gaat daarmee z’n boekje te buiten. De organisatie waait met de politieke winden mee. In dit geval met het bestuur van een provincie die wil buigen voor een aantal actievoerders. Terwijl bij de verzelfstandiging in de jaren negentig destijds werd gesteld dat de taken van Staatsbosbeheer zich kenmerken door een stabiele beleidsomgeving en een geringe politieke gevoeligheid.”

En zou het echt zo zijn dat veel Nederlanders genoeg hebben van het natuurlijke beheer in het gebied? Welnee, zegt Vera. „Het is louter de politiek die wil ingrijpen. Zoals de politiek zich wel vaker niets aantrekt van wetten. Zoals de politiek de stikstofcrisis heeft veroorzaakt. Zoals de politiek kan besluiten dat de aarde plat is.”

Over enkele weken dient een rechtszaak over het plan om het afschieten van edelherten te hervatten. Tot dat afschot was besloten door de provincie Flevoland op advies van een commissie onder voorzitterschap van oud-staatssecretaris Pieter van Geel. Om grote sterfte in de winter als gevolg van voedselgebrek te voorkomen, laat de provincie Staatsbosbeheer veel edelherten afschieten. Daarnaast moest ook een groot deel van de konikpaarden uit het natuurgebied verdwijnen. De paarden werden vorig jaar naar Spanje en Wit-Rusland gebracht, maar voor edelherten is transport lastig en stressvol. Daarom worden ze gedood.

In november verbood de rechter met onmiddellijke ingang verder afschot, omdat een ecologische onderbouwing ontbrak. De rechter hechtte daarentegen veel waarde aan een rapport van Vera, die daarin onder meer stelt dat in dit Europees beschermde Natura 2000-gebied de aantallen dieren worden bepaald door de hoeveelheid voedsel in de winter.

Om onnodig lijden te voorkomen mogen alleen dieren worden afgeschoten die in zo’n slechte conditie verkeren dat ze de winter niet overleven. Grootschalig afschot in de zomer en de herfst past daar niet in.

Wintersterfte is een volkomen natuurlijk verschijnsel, betoogt Vera in het rapport. Zo is in de winter van 2017-2018 de populatie edelherten weliswaar met 68 procent afgenomen, maar gemiddeld lag de sterfte sinds 2010-2011 op 32 procent; veel lager dan bijvoorbeeld het gemiddelde jaarlijkse sterftepercentage op de Veluwe, namelijk 47 procent in de laatste vijf jaar. Op de Veluwe wordt, anders dan in de Oostvaardersplassen, op dieren gejaagd.

Valsheid in geschrifte

Vera: „Er is beweerd dat de sterfte in de Oostvaardersplassen veel hoger is dan in andere natuurgebieden. Dat heeft onder meer de commissie Van Geel geschreven. Die stelde de hoge sterfte in de winter van 2017-2018 voor als een gemiddelde. Dat klopt niet. Je zou de commissie kunnen aanklagen voor valsheid in geschrifte of zoiets.”

Staatsbosbeheer gaat voorlopig geen edelherten meer afschieten, behalve om onnodig lijden te voorkomen. De pauze is genomen in afwachting van een nieuwe rechtszaak, over twee weken, over de vraag of het nieuwe faunabeheerplan een ecologische onderbouwing biedt voor het afschot.

Vera denkt van niet. „Het argument dat de biodiversiteit in het gebied door afschot wordt vergroot, deugt niet. Het veranderen van het beheer in dit Natura 2000-gebied kan alleen na een correcte, passende beoordeling. Die is er niet.”