Burgemeesters: meer luisteren, meer begrip, minder scheldkannonades

Nieuwjaarstoespraken In het nieuwe jaar signaleren burgemeesters een gebrek aan verdraagzaamheid. „Oordelen, wat hebben we die snel klaar.”

De Maastrichtse burgemeester Annemarie Penn-te Strake vertelde in haar nieuwjaarstoespraak hoe teleurstelling plaatsmaakte voor trots nadat niet Maastricht, maar Rotterdam de organisatie van het Eurovisie Songfestival had gekregen.
De Maastrichtse burgemeester Annemarie Penn-te Strake vertelde in haar nieuwjaarstoespraak hoe teleurstelling plaatsmaakte voor trots nadat niet Maastricht, maar Rotterdam de organisatie van het Eurovisie Songfestival had gekregen. Foto Marcel van Hoorn/ANP

Ja, stikstof en het klimaat zijn thema’s in de lokale politiek. Net als de tekorten in het onderwijs, de zorg en bij de politie. Of drugscriminaliteit. Woningbouw. De gemeentelijke financiën.

Maar waar burgemeesters zich écht zorgen over maken, is polarisatie en gebrek aan verdraagzaamheid. In hun nieuwjaarstoespraken roept een groot aantal van hen op tot naar elkaar luisteren en begrip tonen voor elkaars mening – in navolging van de koning, in diens Kersttoespraak.

Lees ook over de Kersttoespraak van de koning: De toon wordt steeds menselijker

„Oor-delen, wat hebben we die snel klaar. Oordelen, ze zijn vaak zo hard en meedogenloos uitgebroken”, zei bijvoorbeeld burgemeester van Barneveld, Asje van Dijk (CDA). „Kijk eens goed naar dat woord oor-delen. Dat begint niet met spreken, maar met luisteren.”

Dat luisteren kan alleen als burgers buiten hun bubbel treden, vinden onder anderen de burgemeesters van Delft, Noordwijk en Zwijndrecht. De laatste, Hein van der Loo (CDA), noemt het „de paradox van de moderne tijd: in onze snelle wereld, met digitale communicatie, lijkt contact zo makkelijk. Toch zie ik dat we elkaar niet altijd weten te vinden.”

Het leidt tot ongewenste ontwikkelingen in de lokale politiek, ziet in Dronten burgemeester Jean Paul Gebben (VVD): de verantwoordelijkheid voor het publieke domein – de straat, de pleinen, de speeltuinen – wordt „meer en meer enkel en alleen als verantwoordelijkheid van de overheid gezien”. Of zoals burgemeester van Groningen Koen Schuiling (VVD) zegt: „Een denken in ‘jullie en wij’ leidt tot een denken in ‘ze doen maar’, wat snel wordt opgevolgd door ‘ze zoeken het maar uit’ en wat nog iets later verwordt tot ‘ik ga lekker mijn eigen gang’.”

In Breda signaleerde burgemeester Paul Depla (PvdA): „Kritiek is niet verkeerd. Maar in een tijdperk van ‘ik vind, dus ik besta’, blijft het helaas te vaak bij alleen kritiek. Blijft het te vaak bij alleen vinden en veroordelen. En daarmee komen we niet verder. Sterker nog, dan houden we elkaar vaak gevangen in de strijd om het eigen gelijk terwijl de maatschappelijke problemen niet worden aangepakt.”

De Haarlemse burgemeester Jos Wienen (CDA) had het over het stimuleren van initiatieven uit de stad en het ruimte geven aan meedenken, zodat er verder gebouwd kan worden in het dit jaar 775 jaar oude Haarlem. Maar hij waarschuwde ook dat er uiteindelijk beslissingen moeten worden genomen: „De gemeenteraad moet knopen doorhakken, hoe lastig soms ook.”

Amsterdamse superioriteit

De Amsterdamse burgemeester Femke Halsema (GroenLinks) hield een pleidooi tot samenwerken om problemen op te lossen. Of het nu om lerarentekorten of ondermijning gaat, om economische groei, „Amsterdam bestaat niet zonder haar ommeland, zonder de metropoolregio”, zonder boeren voor het eten, andere steden voor gedeeld welzijn. Er is „geen reden voor superioriteit”, zei Halsema.

Enige rivaliteit voelen sommige andere steden wel. De Eindhovense burgemeester John Jorritsma (VVD) signaleerde dat er een eeuw – de lichtstad viert dit jaar haar honderdjarig bestaan – met Amsterdam wordt gewedijverd om economische groei.

De Maastrichtse burgemeester Annemarie Penn-te Strake (partijloos) kijkt naar Rotterdam. De twee steden streden om het Eurovisie Songfestival. Maastricht verloor, maar de teleurstelling maakte plaats voor trots: „De wereldstad, die zo ontzettend diep moest gaan om te winnen, was in extase omdat het gelukt was de veel kleinere provinciestad voorbij te streven. Dat tafereel maakte in één klap mijn dag goed.”

Maar meestal ging het toch over verbinden. Dat is volgens burgemeester Ellen Nauta (CDA) van Hof van Twente niet alleen een taak voor volksvertegenwoordigers – ze noemde specifiek Europarlementariërs – maar eigenlijk voor ieder: „Iedereen moet uit de stoel komen, net als onze vrijwilligers, de boeren, de leraren, de bouwers en de verpleegkundigen.”

Want, zo zei burgemeester van Hoogeveen Karel Loohuis (PvdA), de bezuinigingen die er op lokaal niveau weer aankomen, onder meer in het sociaal domein „maken het nog belangrijker dan in tijden van voorspoed dat we samen zoeken naar de minst pijnlijke oplossingen en dat we dit doen vanuit wederzijds vertrouwen en respect. [...] Dus al die schandelijke scheldkannonades, bedreigingen en vuilspuiterij via sociale media kunnen we links laten liggen.”

Een groot aantal burgemeesters verbond het thema verdraagzaamheid aan de viering van 75 jaar bevrijding. „Net zoals een goede gezondheid is vrijheid de voedingsbodem van ons bestaan”, vindt de Rotterdamse burgemeester Ahmed Abouteleb (PvdA). En de burgemeester van Haaren, Yves de Boer (VVD) zei: „De vrijheid die we vierden, is niet gratis, het vereist onder meer redelijkheid en bereidheid om elkaar ruimte te geven.”