Recensie

Recensie Beeldende kunst

Polke versus Blaudzun: bokswedstrijd tussen kunstenaar en muzikant

Tentoonstelling De soundtrack die singer-songwriter Blaudzun maakte bij gouaches van de Duitse schilder Sigmar Polke is prachtig, maar op zaal komt de muziek soms als een dikke matras tussen toeschouwer en kunstwerk te liggen.

De tentoonstelling ‘Polke vs Blaudzun’ in het Cobra Museum in Amstelveen.
De tentoonstelling ‘Polke vs Blaudzun’ in het Cobra Museum in Amstelveen. Foto Peter Tijhuis

Minder mysterieus worden de werken er niet van. Voor het Cobra Museum in Amstelveen creëerde de Nederlandse singer-songwriter Blaudzun een soundtrack bij de serie van veertig gouaches Musik ungeklärter Herkunft van de Duitse kunstenaar Sigmar Polke (1941-2010). Anders dan collega-liedschrijver Spinvis, die onlangs bij een vergelijkbare opdracht van het Mauritshuis het mysterie van Het meisje met de parel leek te willen oplossen (‘Heel de wereld in een lijst/ De toeristen gaan voorbij/ Als ze weg zijn blijf jij staan’), kiest Blaudzun er niet voor om te proberen het mysterie van de kunst simpelweg te beschrijven, maar eerder om dat mysterie te vergroten. Dat doet hij met een spannende soundtrack die het midden houdt tussen popliedjes en een sfeervolle soundscape.

Lees ook: Blaudzun: ‘Ik ben een dictator met fluwelen handschoenen’

Terecht. Sigmar Polke voltooide de reeks gouaches, waaruit de serie Musik ungeklärter Herkunft werd samengesteld, tussen 1995 en 1996 in een ongekend productieve periode. Wie de werken nu ziet voelt de geïnspireerde energie waarmee ze gemaakt moeten zijn: de felle kleuren, de diverse schildertechnieken, de combinatie van kant-en-klare onderwerpen uit kranten en tijdschriften (een gezin dat op straat loopt, een figuur uit een kaartspel) met mysterieuze, abstracte schilderingen. En dan zijn er nog de lange essay-achtige titels (‘Elke Duitser bezit, statistisch gezien, 10.000 dingen’, ‘Het belang van sommige dingen wordt erkend door de staat. Een tv kan tegenwoordig niet meer in beslag worden genomen’), die geen duidelijke verwijzing zijn naar het werk. Polkes werk werd in de jaren zestig bekend als de Duitse pendant van popart, zelf sprak hij van ‘kapitalistisch realisme’. In Musik ungeklärter Herkunft brengt hij het banale van popart en het sacrale van abstracte kunst prachtig samen. Deze werken zijn gemaakt om te verwarren en te overdonderen, niet om uitgelegd te worden.

De tentoonstelling ‘Polke vs Blaudzun’ in het Cobra Museum in Amstelveen.
Foto Peter Tijhuis
De tentoonstelling ‘Polke vs Blaudzun’ in het Cobra Museum in Amstelveen.
Foto Peter Tijhuis

Eclectische soundtrack

Blaudzuns soundtrack klinkt even eclectisch en dynamisch als de gouaches eruitzien. Van breekbare auto-tune-zang in ‘Pirouette Fall (From Unknown Source)’, gevoelige piano op ‘Talk (Sonate)’ en de vrolijk klinkende houtblazers op ‘Frühling’ naar de pompende electro in ‘Wann kommt denn endlich einer?’: Blaudzun klinkt bijzonder geïnspireerd en is, bevrijd van het knellende keurslijf van de popliedjes, misschien wel spannender dan ooit. Op zaal in het Cobra Museum kun je de muziek beluisteren in een ruime donkere kubus, waarbij losse instrumenten van alle kanten om je heen komen. Op subtiele manier wordt in het geluid ruimtelijk duidelijk gemaakt om welke van de negen door Blaudzun geselecteerde werken de muziek draait.

Musea hebben de popmuziek ontdekt, we kunnen wel spreken van een serieuze trend. Behalve de expositie van Blaudzun in het Cobra Museum en de muziekopdracht van het Mauritshuis was de afgelopen maanden het nieuwe album van rapper Sticks exclusief te horen in Museum de Fundatie en ondertussen nodigde Het Hem de populaire producer Nicolas Jaar uit om artistiek onderzoek te doen op het Hembrugterrein. In Marres in Maastricht exposeert de Noorse componist Espen Sommer Eide op dit moment zijn ruimtelijk muziekalbum The Waves. Deels zal het zijn om een jonger publiek aan te trekken, deels past het binnen een al decennia steeds breder wordende opvatting van wat kunst kan zijn.

Polke vs Blaudzun heet de expositie in het Cobra Museum, maar juist die opvatting van de expositie als bokswedstrijd is een zwakte. De gouaches van Polke hebben van zichzelf zoveel te bieden, ze zijn al overweldigend genoeg, dat de muziek regelmatig gewoonweg een laag te veel is. Als een dikke matras dringt de muziek zich tussen de toeschouwer en het werk. Door het luisteren vergeet je te kijken, en door het kijken vergeet je te luisteren. Dat is zonde, want afzonderlijk zijn muziek en kunst sensationeel.