Je zorgen parkeren – en je fiets

Parkeerplaats Een groep autoloze Amsterdammers vindt dat zij recht hebben de ruimte van een parkeerplek in te richten naar hun smaak. Wij vroegen lezers: wat zou u doen met de ruimte van een parkeerplaats?

Tekening van Jan Laseur
Tekening van Jan Laseur

‘In Amsterdam hebben slechts vier op de tien huishoudens een auto. Toch bepaalt de auto volledig het straatbeeld en de luchtkwaliteit.” Dat zei filosoof Marli Huijer in november in een Twistgesprek in NRC. Huijer is een van de bewoners van Amsterdam die vinden dat zij recht hebben op de ruimte van een parkeerplek om groen in te richten. Want waarom hebben mensen zonder auto niet het recht op dezelfde ruimte als mensen mét een auto? Daarvoor willen de bewoners best 265 euro betalen, de prijs van een parkeervergunning in hun stadsdeel. De redactie van de Achterpagina vroeg lezers wat zij het liefst zouden doen met de ruimte van een parkeerplaats. Hierbij een selectie uit de inzendingen.

Op het eerste gezicht lijkt het of Jolien Schroot zich er met haar ontwerp makkelijk vanaf heeft gemaakt: haar schetsje lijkt in vijf minuten gemaakt, met een ballpoint. Maar ze heeft er wel over nagedacht, blijkt uit haar omschrijving: „Vier ingegraven autobanden in een klaverveld. De klaver slaat stikstof op, zuivert de lucht en brengt geluk. Op en rond de banden kun je spelen of zitten. De banden zijn zo geplaatst dat het lijkt of er een auto begraven ligt.”

Daan Bleichrodt heeft van ‘zijn’ parkeerplek een tiny forest gemaakt met inheemse bomen, heesters en struiken om „zorgen in te parkeren”. „Kijken naar groen ontspant en mensen zijn ook aardiger voor elkaar in een groene buurt”, zegt hij.

Als dit een wedstrijd in creativiteit was geweest was er een onbetwiste winnaar: Jan Laseur. Hij bedacht de Poule-Pool, een verrijdbaar kippenhok op rails. Te delen met de buren die ook een auto kunnen delen. Is het een kippenhokdag of een autodag?

Aukje Vergeest – ze is betrokken bij het Amsterdamse initiatief – wil dolgraag een stedelijk zentuintje, maar omdat ze zelf niet kan tekenen, vroeg ze haar partner Gijs Klunder een ontwerp te maken. Ook Christine Innemee ontbrak het naar eigen zeggen aan enig tekentalent. Zij maakte een collage van haar idee: trampolines op parkeerplaatsen. „Het is dan iets wat door bewoners van alle leeftijden gebruikt kan worden. Een goed middel om jong en oud met elkaar te verbinden in een straat. Reëel is Innemee ook nog: „Het moet wel een veilig en hufterproof exemplaar zijn.”

Rob Vrakking projecteerde flink wat plannen op een parkeerplaats. Hij schreef erbij dat de ruimte 6 bij 2 is. Maar voor wat hij allemaal wil, is wellicht een groter oppervlak nodig. We zien: plantenbakken, een ‘muziekmuurtje’, gestalde fietsen, een zitje („nodigt uit tot contact met de buren”) en een ruilboekenkastje. Ook is een deel van de parkeerplek bestraat met tegels met gaten erin. Daar kan groen groeien, en regenwater wegvloeien. Veel algemeen belang dus. „Maar”, zegt Vrakking: „Het is ook gewoon fijn een plek te hebben waar we onze eigen fietsen kunnen wegzetten.”