Hoe veilig zijn voedingsapps?

Wat eten we? Apps kunnen helpen om gezonder te eten. Maar niet bij alle ontwikkelaars zijn je data even veilig.

Echt. Dit jaar ga je gezonder eten. Bewuster. Meer groente, minder calorieën. En je hoeft het niet alleen te doen, want er zijn talloze apps om daarbij te helpen. Moet lukken. Nu alleen nog even een app zoeken die werkt en deugt. Want dat is niet altijd hetzelfde.

De Consumentenbond onderzocht al eens een aantal populaire voedingsapps en keek onder meer naar gebruiksgemak en privacy. Met gebruiksgemak zit het meestal wel goed – dat verklaart waarschijnlijk ook waarom apps als MyFitnessPal en Lifesum, waarop je kunt bijhouden wat je eet, zo populair zijn. Maar het gekke is, het lijkt soms of we gemak belangrijker vinden dan al het andere. Wie leest de gebruiksvoorwaarden nou echt van A tot Z? Als er in de voorwaarden zou staan dat je akkoord gaat met het afhakken van je rechterarm, zou je inmiddels overal op straat verminkte mensen zien lopen.

Een half jaar geleden was er nog ophef over FaceApp, dat zomaar foto’s van je gezicht zou kunnen verkopen. Maar miljoenen mensen slingeren nog steeds zonder enige terughoudendheid hun gewicht, leeftijd en eetgewoontes naar app-ontwikkelaars, vaak zonder een idee te hebben van wat die met hun data doen. MyFitnessPal heeft wat dat betreft een reputatie. De app is van sportmerk Under Armour en deelt data met Facebook en adverteerders. De gebruiksvoorwaarden tellen 22.000 woorden. Wie leest die?

De enige app die er bij de Consumentenbond qua privacy goed vanaf komt is Mijn Eetmeter van het Voedingscentrum, een app die inzicht geeft in wat je eet, of dat strookt met de Schijf van Vijf en die tips geeft voor gezondere keuzes. Mijn Eetmeter wordt door circa 800.000 Nederlanders gebruikt, hoewel slechts door 5 procent vaker dan twee keer per maand.

Balans tussen makkelijk en nauwkeurig

Corné van Dooren, expert duurzaam eten van het Voedingscentrum, volgt de technologische ontwikkelingen en weet hoe moeilijk het is om een goede app te maken. Privacy is voor het Voedingscentrum geen onderwerp van discussie. Voor een onafhankelijk adviescentrum zou het delen van data een soort harakiri zijn, zelfs wetenschappers mogen er niet bij. Lastiger is het om een app te maken die betrouwbare informatie biedt en tegelijkertijd gebruiksvriendelijk is. „Het is zoeken naar een balans tussen makkelijk en nauwkeurig. Hoe preciezer de app, hoe meer moeite het vaak van de gebruiker vraagt.”

Lees ook: Vier uur, dus tijd voor een dropje? Zo pak je ongezonde eetgewoontes aan

Van Dooren ziet wel ontwikkelingen die het gebruiksgemak kunnen vergroten. De Eetmeter heeft sinds kort barcodescanner. Andere ontwikkelaars lukt het steeds beter om met foto’s voedsel te herkennen, „restaurants die verspilling willen meten, maken daar al gebruik van”. En er is een app die aan de hand van je kassabon de klimaatimpact van je boodschappen kan meten. „Daarmee omzeil je dus de supermarktapp waarmee je die kennis misschien niet wilt delen.”

Hoe meer je bereid bent te delen – je DNA, de data op je smartwatch – hoe gepersonaliseerder het advies kan worden. Maar de paradox is: met bedrijven die daar goed in zijn, zoals Google of Samsung, wil je misschien je data niet delen. En app-ontwikkelaars die je vertrouwt zijn daar vooralsnog niet zo ver in. Zo zit er voorlopig weinig anders op dan het advies van je moeder (en het Voedingscentrum) volgen: alles met mate en braaf je groenten opeten.