Reportage

Finland exporteert gelukkige en zelfstandige kleuters

Fins onderwijs De Finnen proberen hun kijk op opvoeding en onderwijs te verkopen aan de rest van de wereld. Vooral in Azië slaat dat aan, als tegenwicht voor de tijgermoeder-cultuur.

Kinderen in de vestiging van HEI-Schools in Helsinki.
Kinderen in de vestiging van HEI-Schools in Helsinki. Foto Kim Örling

Anne Rusanen strijkt met haar vinger langs de puntige hoek van een houten bank. Haar blik verraadt trots. Voor het hoofd design van HEI Schools, een internationaal kleuterschool-concept dat in Helsinki is bedacht en ontwikkeld, zegt de aanwezigheid van die punt in een kleuterlokaal alles over de Finse kijk op kinderen, onderwijs en opvoeding.

„In Finland zijn ouders niet zo bezorgd”, zegt Rusanen. „Het is de gewoonte dat kinderen aan volwassenen vragen: zal ik iets wel of niet doen? Ouders geven dan een eerlijke inschatting, daarna moet het kind het zelf uitvinden. Als jong meisje vroeg ik mijn moeder ooit of ik achterstevoren van een glijbaan mocht. Ze zei: dat mag, maar dan bezeer je wel je hoofd en je nek. Ik deed het toch – al was het meteen de laatste keer. Zoiets zorgt gek genoeg voor een sterke vertrouwensband tussen ouders en kind.”

HEI Schools verkoopt die kijk op opvoeding sinds een aantal jaren aan de rest van de wereld, in de vorm van kleuteronderwijs. Daarbij helpt het enorm dat Finland solide meedraait in de toptien van de Oeso, waar het gaat om de beheersing van wis- en natuurkunde en de leesvaardigheid van leerlingen – al is er het afgelopen jaar sprake van een teruggang, net als in Nederland. Op de VN-lijst van gelukkigste landen scoren de Finnen eveneens uitstekend en stonden ze de afgelopen twee jaar zelfs op nummer een.

Lastig te exporteren

Die uitstekende rapportcijfers zorgen al jaren voor belangstelling uit de rest van de wereld voor het Finse onderwijs. Alleen: hoe exporteer je een systeem dat volledig publiek gefinancierd is en bovendien nogal holistisch van aard? Want de scholen waar zelfontplooiing, een minimum aan tests, universitair geschoolde leerkrachten en zelfstandigheid belangrijke ingrediënten vormen, zijn ingebed in de Finse welvaartsstaat en de Finse manier van denken.

Het was toenmalig staatssecretaris voor Onderwijs Pilvi Torsti die in 2015 inzag dat er voor ondernemers én voor Finland kansen lagen. „Telkens als zij een buitenlandse overheidsdelegatie ontving, werd de vraag gesteld: dit is zo prachtig, kunnen we niet iets samen doen”, zegt Milla Kokko, de directeur van HEI Schools. „En telkens moest ze antwoorden dat het allemaal niet zo eenvoudig was. Bovendien is er in Finland niet echt een gewoonte dingen in het buitenland voortvarend aan de man brengen.”

Kokko, een conceptontwikkelaar en al 25 jaar bevriend met Torsti, werd gevraagd iets te bedenken en al snel was HEI-Schools eind 2015 in bedrijf. „Najaar 2016 tekenden we ons eerste contract, in het noorden van China, Binnen-Mongolië, waar we via een vriend van Pilvi terechtkwamen. Hij had al eens gezegd: als je ooit iets concreets hebt, laat het dan weten. En wij dachten: als het daar werkt, dan werkt het waarschijnlijk overal.”

Lees ook: Het goede voorbeeld komt altijd uit Scandinavië

HEI-Schools verkoopt een abonnementsmodel aan plaatselijke ondernemers over de hele wereld, inclusief het speelmateriaal, de aankleding van de kleuterscholen en training van lokale leerkrachten volgens de Finse opvattingen en normen. Spelvormen en leermethodes gaan vergezeld van plannen op maand-, week- en dagbasis. De universiteit van Helsinki, partner in HEI-Schools, evalueert wat wel en niet werkt.

Kokko: „Het belangrijkste van de eerste onderwijsjaren is een goede band creëren tussen volwassene en kind. We trainen leerkrachten twee tot drie maanden op locatie. We leren hun het concept, hoe de ochtendkring verloopt, hoe de transitie tussen dagdelen gaat, hoe wij in Finland een oudergesprek voeren. Echt de basics. Daarna kunnen ze online terecht voor opfrismodules, uitlegvideo’s en oefeningen. Ze kunnen daar ook hun ervaringen delen met collega’s elders in de wereld.”

Er is begonnen met kleuterscholen omdat het curriculum voor die groep wereldwijd het overzichtelijkst is, maar inmiddels wordt in Argentinië ook geëxperimenteerd met de hogere klassen van de basisschool. Er zijn nu acht HEI-schools open, waarvan de meeste (drie) in Zuid-Korea. De principe-afspraken voor dertien nieuwe vestigingen in landen als China en Indonesië zijn er. Cijfers over omzet en winstgevendheid geeft het bedrijf niet vrij.

Tegenbeweging in Azië

Juist vanuit Azië en het Midden-Oosten is de belangstelling het grootst. Daar is de maatschappelijke voorhoede op zoek naar een onderwijsaanpak die afwijkt van het gangbare. De Aziatische partners zien volgens Kokko een duidelijke tegenbeweging tegen wat de tijgermoeder-cultuur is gaan heten: kinderen die onder grote druk van ouders met maximale middelen worden klaargestoomd voor de beste universiteiten.

„We zien dat de huidige generatie ouders door dat stressvolle systeem van presteren zijn gegaan”, zegt Kokko. „Die hebben nu zelf jonge kinderen en denken: dit ga ik ze nooit aandoen. De tiger mom-aanpak is nog steeds mainstream, ook in de VS en in andere markten. We richten ons daarom op de groep die al op een ander punt is aangekomen. Zoals je ook in de technologie early adopters hebt. Met deze groep is er voor de komende tien jaar meer dan genoeg vraag om voort te kunnen.”

Potentiële buitenlandse partners die vandaag een rondleiding krijgen in de HEI-vestiging in Helsinki, bevestigen de trend die Kokko beschrijft. Zo zegt een Fins-Chinese belangstellende: „Toen ik een Chinese vriendin eens vroeg naar haar jeugd, stelde zij gelijk de wedervraag: ‘welke jeugd?’ Alles stond in het teken van leren, van presteren. De pianoles was voor haar het ontspanmoment, want die leraar was het minst streng.” Iemand uit de Singaporese delegatie valt hem bij: „Het is meestal ‘My child needs to learn fast’. Dat is voor veel ouders nog altijd de belangrijkste eis.”

De modelvestiging, waar HEI-Schools experimenteert en buitenlandse gasten ontvangt, staat in wat we in Nederland een bakfietswijk zouden noemen: Ruoholahti, een gebied in het zuidwesten van Helsinki met veel moderne appartementen vol jonge hoogopgeleide tweeverdieners en expats. Ook de geïnteresseerde ondernemers uit Australië, Singapore, Koeweit, China en Zuid-Korea mikken vooralsnog op een dergelijk koopkrachtig publiek. Als zij eenmaal een licentie hebben, mogen ze zelf de prijs bepalen die aan ouders gevraagd wordt.

Lees ook: Wat kan ik leren van de buitenlandse opvoeding

Directeur Milla Kokko erkent meteen dat er allereerst op de wereldwijde maatschappelijke bovenlaag wordt gemikt. „Het is nu zeker nog iets voor de hogere middenklasse, maar we denken ook na over meer basis- modellen in ontwikkelingslanden, bijvoorbeeld in samenwerking met de Wereldbank. We spreken daar nu over, maar nog in een zeer verkennende fase. We zijn nu 3,5 jaar bezig en hebben al zeven scholen open. Dat had via de routes van subsidies en ngo’s veel langer geduurd.”

Volgens de directeur is het de bedoeling dat HEI-Schools „uiteindelijk net zo betaalbaar en ruim voorhanden zijn als IKEA. Toen IKEA in de jaren 60 begon was het ook niet zó toegankelijk en betaalbaar.”

Foto Kim Örling

Vorm en functionaliteit

Het design past bij die ambitie. Hoewel Finland officieel niet tot Scandinavië hoort, is er op Scandinavische wijze over nagedacht, met veel aandacht voor vorm en functionaliteit die het voornaamste doel – zelfontplooiing – ondersteunt. Kokko: „Wat voor doos kan een vierjarige dragen? En zou die doos ook een tafel kunnen zijn? Of een brandweerkazerne? We besloten een canvas te ontwerpen waar de verbeelding van kinderen en ook de leraren de rest moet doen.” En ook lekker Fins: in de eetzaal zitten de kinderen niet op lage stoeltjes maar op ‘volwassen’ hoogte.

Het totale ontwerp is nagenoeg vrij van impulsen van buitenaf. En geen lange gangen met klaslokaal na klaslokaal, maar grotere kale ruimtes waarin kinderen hun fantasie de vrije loop kunnen laten. De aanblik en geur van veel kurk en onbewerkt hout heeft een rustgevende werking op het kinderbrein, zegt hoofd design Anne Rusanen. „Kinderen raken vrij snel overprikkeld, omdat ze van zichzelf al energie hebben en een levendige fantasie. Dan moet je de muren niet vol hangen met nog meer prikkels. Visuele herrie is net zo stressvol voor het brein als harde geluiden.”

Dat het er in de folders én in werkelijkheid allemaal heel strak ontworpen en Scandinavisch uitziet, is geen toeval, erkent Milla Kokko. Nordic design heeft nu eenmaal een wereldwijde verkoopkracht, dus is het HEI-concept ervan doordrenkt. „Natuurlijk is het ook marketing. Je moet er als ouder wel een beetje verliefd op worden. Bij voorkeur liefde op het eerste gezicht.”