De Jonge verscherpt scheidslijn binnen coalitie over migratie

Migratie Vicepremier Hugo de Jonge (CDA) wil dat Nederland minder migranten toelaat. Dat kan, maar met een streng asielbeleid kom je er niet. Ondertussen wordt duidelijk hoe anders de coalitiepartijen denken over de kwestie.

Hugo de Jonge wil het aantal immigranten dat Nederland toelaat begrenzen. Een maximum wil de CDA-vicepremier niet noemen, maar hij wil wel kwijt dat tachtigduizend, het migratiesaldo van de afgelopen jaren, te hoog is.
Hugo de Jonge wil het aantal immigranten dat Nederland toelaat begrenzen. Een maximum wil de CDA-vicepremier niet noemen, maar hij wil wel kwijt dat tachtigduizend, het migratiesaldo van de afgelopen jaren, te hoog is. Foto Koen van Weel/ANP

Als vicepremier Hugo De Jonge (CDA) met zijn pleidooi voor beperking van migratie op steun uit rechtse hoek had gehoopt, bleek dat ijdel. „Verkiezingen in aantocht en de CDA-huichelaars melden zich weer”, twitterde PVV-leider Geert Wilders, die een Kamerdebat met de minister wil. „Na verkiezingen gewoon weer linksaf”, hoonde Derk Jan Eppink, fractieleider voor Forum voor Democratie in het Europees Parlement.

Nederland heeft extra kennis en arbeid nodig, vertelde De Jonge zaterdag in een interview met NRC, dit land hóórt vluchtelingen op te vangen en kan dat ook. „Luister, we zijn een ongelofelijk solidair landje”, zei de minister van Volksgezondheid. Maar: „Als we willen dat dat zo blijft, moeten we het aantal begrenzen.”

Lees het interview met Hugo de Jonge: 'Dat het ons nu overkomt, maakt mensen onzeker.'

Hoeveel is te veel? Een maximum wilde De Jonge uitdrukkelijk niet noemen, hij heeft het liever over „doelstellingen”. Tachtigduizend migranten per jaar, wilde hij wel kwijt, is in elk geval te hoog, „als je doorrekent hoeveel dat er zijn over een tijdje”. Die tachtigduizend slaat op het migratiesaldo (het aantal nieuwkomers min het aantal vertrekkers), dat de afgelopen jaren rond dat cijfer schommelde.

Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) kwam uitgerekend vorige week, nadat het interview met De Jonge was afgenomen, met nieuwere bevolkingscijfers. Doordat de immigratie in 2019 hoger was dan verwacht, schat het CBS het migratiesaldo voor het afgelopen jaar nu op 114.000. Die 114.000 is vergelijkbaar met het inwonertal van een gemeente als Dordrecht of Alkmaar. Het is ook bijna anderhalf keer zo veel als wat de De Jonge „echt te hoog” vindt.

Binnen de coalitie was de toon nauwelijks milder dan bij de rechtse oppositie. „Het zou pas echt wat zijn als het CDA ook bereid is tot een nieuw asielstelsel dat uitgaat van opvang in de regio”, liet VVD-Tweede Kamerlid Bente Becker weten. „Dan komt er echt een einde aan de aanzuigende werking van Nederland.”

Dat klonk als een echo van de uitspraken die haar partijleider Mark Rutte deed in een kerstinterview met De Telegraaf. De premier waarschuwde dat het vrije verkeer van personen binnen de Europese Unie onder druk staat, doordat landen aan de buitengrenzen er niet in slagen goed onderscheid te maken tussen asielzoekers en economische migranten.

Alleen: asielzoekers vormen maar een klein deel van de aantallen die Hugo de Jonge zegt te willen inperken. Slechts 14 procent van de netto-immigratie in het afgelopen jaar bestond uit goedgekeurde asielaanvragen. Veel vaker ging het om Poolse klussers, Duitse studenten, Indiase ict’ers – die drie nationaliteiten bezetten de kopposities – en andere arbeids- en kennismigranten.

Dat is al jaren niet anders, zegt Leo Lucassen, hoogleraar arbeids- en migratiegeschiedenis aan de Universiteit Leiden. Het is in de eerste plaats de markt die de aantallen in de hand heeft. „De Nederlandse economie draait als een tierelier, terwijl het binnenlandse aanbod van arbeid terugloopt. En dat blijft voorlopig ook zo.”

Een Canadees immigratiemodel?

Kán het überhaupt, dat aantal omlaag brengen? Lucassen: „We kunnen best met zijn allen zeggen dat een procentje minder groei prima is. Of dat we bepaalde activiteiten die van goedkope arbeid afhankelijk zijn hier niet zo nodig hoeven te hebben – al die distributiecentra, de kassen in het Westland.” Maar, zegt hij, dat gaat verder dan een quotum of een doelstelling. „Dan moet je als overheid veel actiever worden. Daar gaan bedrijven ongetwijfeld hard tegen lobbyen. En je kunt je afvragen hoeveel partijen er dan nog achter blijven staan.”

En een Canadees immigratiemodel, zoals De Jonge in het NRC-interview voorstelde? Dat land is selectiever, zegt Lucassen, ook omdat het op de landkaart „totaal geïsoleerd” is. „De Canadezen kunnen dus zelf een getal bedenken en vervolgens met een lijstje in de hand de krenten uit de vluchtelingenpap kiezen: hoogopgeleid, Engelssprekend. Voor arbeidsmigranten geldt een puntensysteem, zoals wij dat ook hanteren voor wie van buiten de EU komt. Dat ís hier al streng geregeld.”

Meer Segers dan Wilders

Blijft over: migratie uit andere EU-lidstaten, goed voor meer dan de helft van de nieuwkomers. „Binnen de Europese regels kun je in Nederland heel weinig doen, vanwege het vrije verkeer van personen”, zegt Lucassen. Wie over de grens wil werken, kan dat nu eenvoudig doen. „Wil je dat veranderen, dan moet het hele EU-systeem op de schop.”

Dat is precies wat Lilian Marijnissen (SP) en Gert-Jan Segers (ChristenUnie) onlangs voorstelden. De twee partijleiders kwamen vorige maand met een actieplan om arbeidsmigratie te beteugelen en de werkomstandigheden te verbeteren, onder meer door lidstaten toe te staan afspraken te maken over aantallen. Marijnissen zegt na het NRC-interview met De Jonge dat ze daarbij op de steun van het CDA rekent.

Komt die er? De denkwijze van De Jonge zit in elk geval dichter op die van Marijnissen en Segers dan op die van Wilders. „Helpen we Rotterdam-Zuid als daar een flink deel van de Bulgaren neerstrijkt?” vroeg hij zich in het interview af.

Zo tekent zich een scheidslijn af binnen de coalitie in het denken over arbeidsmigranten. CDA en ChristenUnie zijn uitgesproken sceptisch, de VVD wil de werkgevers die baat hebben bij goedkope arbeid niet van zich vervreemden. Ook D66 wil liever méér dan minder arbeidsmigratie, een standpunt dat ChristenUnie-leider Segers bij de presentatie van zijn actieplan als „naïef” bestempelde.

Eén ding moeten politici vooral níét doen, adviseert Lucassen. „En dat is dit soort dingen roepen zonder eerst een plan te bedenken. Dan ben je bezig voor de bühne en creëer je verwachtingen die je niet waarmaakt.”