Reportage

Zorgen over de toekomst van Turkse universiteit Sehir door politieke druk

Turkije Een universiteit in Istanbul is een speelbal in de strijd tussen de Turkse president en zijn uitdager Davutoglu.

Foto EPA / Stringer

„Deze campus is mijn tweede thuis, de docenten en studenten voelen als familie”, zegt Mümin Kocamaz (22), een derdejaars student computerwetenschap aan de Sehir Universiteit in Istanbul. „Maar nu vragen we ons ineens af hoelang de universiteit nog bestaat.”

De campus aan de Aziatische oever van de Bosporus ligt er op deze stralende decemberdag groen en vredig bij. Hier en daar staan en zitten groepjes studenten te kletsen in de zon. Twee vriendinnen – de ene met hijab en de ander zonder, beiden met sneakers van het luxemerk Balenciaga – staan voor de ingang van de bibliotheek te roken en elkaars make-up bij te werken.

Achter deze façade gaan grote zorgen schuil over de toekomst van de universiteit. Je kunt het zien aan de bedrukte blikken van studenten in het filiaal van koffieketen EspressoLab. De universiteit is al maanden niet in staat om de salarissen van docenten en de beurzen van studenten te betalen. De reden is dat een rechtbank beslag heeft gelegd op alle financiële bezittingen van Sehir.

„Niemand weet wat de toekomst brengt,” vervolgt Kocamaz, terwijl hij aan zijn vlassige baardje plukt. „Door alle onzekerheid zullen sommige studenten en docenten misschien vertrekken. Maar als derdejaars kun je niet zo makkelijk overstappen naar een andere universiteit. Bovendien ligt mijn hart hier.”

Kocamaz komt uit de conservatieve stad Konya in Centraal-Anatolië, en zat op de middelbare school bij de beste 25.000 leerlingen van zijn jaar. Hij had de topuniversiteiten voor het uitzoeken, maar koos bewust voor Sehir. „Omdat ze hier in het Engels lesgeven, omdat het onderwijs interdisciplinair is, en omdat ze enkele prominente academici hebben aangetrokken. Naast computerwetenschap volg ik ook vakken over filosofie en politiek recht. Dat is zó goed voor me.”

Lees ook: Prestigeproject Erdogan is ‘een moordaanslag’ op Istanbul

Conservatieve-religieuze elite

Sehir wordt beschouwd als de universiteit van de conservatief-religieuze elite die is opgekomen in de zeventien jaar dat de AK-partij aan de macht is. Bij de oprichtingsceremonie in 2010 was de hele AKP-top aanwezig: premier Recep Tayyip Erdogan, president Abdullah Gül en minister van Buitenlandse Zaken Ahmet Davutoglu, de belangrijkste oprichter van en drijvende kracht achter de universiteit. Sehir moest de dominantie van seculiere universiteiten in Turkije doorbreken.

Maar er is al jaren juridisch getouwtrek over het eigendom van de grond waar de campus op is gebouwd. Een seculiere architectenbond stelt dat de grond publiek bezit is, dat Sehir die op onrechtmatige wijze heeft verkregen. De bond spande een reeks processen aan. Nadat een rechtbank de bond in oktober in het gelijk stelde, zei de staatsbank Halkbank te vrezen dat de universiteit zijn lening van 72 miljoen dollar niet zou kunnen terugbetalen. De campus was immers het onderpand.

Op verzoek van Halkbank liet de rechtbank beslag leggen op alle financiële bezittingen van de universiteit. Het universiteitsbestuur zegt dat het genoeg geld heeft om de lening af te lossen, maar er niet bij kan omdat de rekeningen zijn bevroren. De juridische en financiële problemen zouden het gevolg zijn van politieke druk. Want die begonnen nadat Erdogans voormalige bondgenoot Davutoglu in september uit de AKP stapte om een eigen partij op te richten.

Directe bedreiging voor Erdogan

„Dit laat zien dat je altijd gepolitiseerd kan worden in dit land, zelfs als je niet politiek actief bent”, zegt Mehmet Aytekin, decaan van Sehir. „En alleen maar omdat Davutoglu een van onze oprichters is en wordt beschouwd als het gezicht van de universiteit. Maar Erdogan en andere AKP-kopstukken waren net zo goed op onze openingsceremonie. Twee neven van Erdogan zijn hier opgeleid, net als veel familieleden van andere prominente AKP-leden.”

Davutoglu lanceerde zijn Toekomstpartij begin december in een statige balzaal van het Bilkent Hotel in Ankara. Dit bezegelt de eerste grote breuk binnen de AKP en vormt een directe bedreiging voor Erdogan. Het is in feite een revolte van de conservatieve elite die onder de AKP is geëmancipeerd. Het hoger opgeleide deel van de AKP-achterban maakt zich al langer zorgen over Erdogans autoritaire koers en economische management, en over de institutionele erosie onder zijn bewind.

Davutoglu presenteert zijn partij nadrukkelijk als opvolger van de oude, inclusieve, en ‘schone’ AKP. In zijn toespraak had hij kritiek op het presidentiële systeem, en de corruptie, het nepotisme en het mediamonopolie van de AKP – hoewel hij de partij en Erdogan niet één keer bij naam noemde. Hij wil dat Turkije weer een meritocratie wordt. „We zullen een rechtssysteem creëren dat de levens, bezittingen en vrijheden beschermt van alle burgers. Want alle burgers zijn gelijkwaardig. Elke taal, cultuur en geloof is onderdeel van onze natie. Eenheid in verscheidenheid.”

Na de toespraak werden op een groot scherm alle oprichtende leden van de partij voorgesteld met naam, foto en kort cv. Er zitten veel voormalige AKP-leden tussen, onder wie kopstukken zoals voormalig vicepresident Selçuk Özdag en de oud-partijvoorzitter in Istanbul Selim Temurci. De Turkse politiek is een mannenaangelegenheid; de balzaal wordt gedomineerd door snorren en maatpakken. Maar er zijn ook vrouwen, die veelal zijden hijabs en kunstig geborduurde overjassen dragen.

Sommige leden komen bij andere partijen vandaan, zoals Ahmet Kemal Demirler. een student van begin twintig met blond haar en blauwe ogen. Hij was eerder betrokken bij de lancering van de nationalistische IYI Partij in 2017, maar raakte teleurgesteld door alle interne conflicten. „We begonnen als een partij die mensen samenbracht. Maar sommige parlementariërs vielen elkaar voortdurend aan. De partijleider nam de teugels niet genoeg in handen.”

Demirlet besloot over te stappen naar de Toekomstpartij. Nu leidt hij de jeugdafdeling van Ankara en is hij betrokken bij de campagne op sociale media. „Ik wil in Turkije blijven. Maar als de situatie niet verbetert, dan vrees ik dat ik zoals veel jongeren naar het buitenland vertrek. Er is sprake van een enorme braindrain, vooral van studenten. Het onderwijs op Turkse universiteiten is dramatisch aan het verslechteren.”

Niet de enige nieuwe partij

Davutoglu is niet de enige prominente AKP’er die voor zichzelf begint. Ook oud-premier Ali Babacan werkte de afgelopen maanden aan het opzetten van een nieuwe partij, die volgens ingewijden binnen enkele weken wordt gelanceerd. In zijn eerste televisie-interview na zijn vertrek uit de AKP in september zei Babacan dat Turkije in een „donkere tunnel” zit en waarschuwde hij voor het gevaar van „alleenheerschappij”. Net als Davutoglu wil hij terug naar het parlementaire stelsel.

Lees ook: Trump en Erdogan, een prima match

In het begin maakte Erdogan de muiterij van Davutoglu en Babacan belachelijk. Maar inmiddels heeft hij de aanval geopend. Tijdens een recente partijbijeenkomst beschuldigde hij Davutoglu ervan op illegale wijze staatsgrond te hebben verworven voor Sehir. Hij beschuldigde andere voormalige AKP’ers, onder wie Babacan, ook van betrokkenheid. Hij zei dat ze proberen Halkbank op te lichten door grote leningen aan te gaan en die niet terug te betalen.

Iedere dag een andere waarheid

De aanval op Sehir komt Davutoglu politiek gezien niet slecht uit. Want het maakt van hem een slachtoffer, en daar zijn Turken gevoelig voor. De studenten en docenten van Sehir willen echter geen kant kiezen. „Ze zeggen dat het een politiek conflict is”, zegt Kocamaz. „Maar wij willen alleen dat onze universiteit blijft bestaan en dat de academische vrijheid hier gehandhaafd blijft.”

Ook decaan Aytekin wil zich verre van politiek houden. In zijn werkkamer staan boeken over de islam tussen werken van westerse filosofen. Hij werkte in het verleden als Davutoglu’s adviseur, maar ging daarna aan de slag bij Turkish Airlines, waarvoor hij naar Australië verhuisde. „Ik heb mijn leven in Australië achtergelaten om hier les te geven. Mijn kinderen kunnen moeilijk aarden en vragen me voortdurend waarom we hier zijn. Nu de universiteit dreigt te sluiten, vraag ik me dat ook af.”

De zaak gaat om meer dan Sehir, meent Aytekin. „Deze ondermijning van de rechtsstaat gaat het hele land aan. Wie begint voortaan nog aan zo’n ambitieus project? Turkije zou institutionele continuïteit moeten nastreven. We moeten dit repetitieve verhaal – degenen die de macht grijpen, zetten de instituties naar hun hand en onderdrukken de rest – eindelijk eens achter ons laten.”

Toch overweegt Aytekin vooralsnog niet om de politiek weer in te gaan. Hij was ook niet bij de lancering van de partij van zijn oude mentor Davutoglu. „Ik vind de universiteit nu belangrijker dan de politiek. De studenten maken zich grote zorgen over hun toekomst. In de politiek verandert de waarheid iedere dag. Ik wil liever bijdragen aan een waarheid die langer standhoudt.”