Interview

Wethouder over Rotterdams Klimaatakkoord: ‘Inderdaad, het is nog niet voldoende’

Energietransitie Uit doorrekening door de DCMR blijkt dat er in het Klimaat Akkoord in Rotterdam van eind vorig jaar niet veel concrete besparingen van CO2-uitstoot zijn afgesproken. Hoe laat zich dat rijmen met de grote ambities van dit college?

„Afgelopen jaren hebben we al veel zaken in gang gezet”, aldus wethouder Bonte.
„Afgelopen jaren hebben we al veel zaken in gang gezet”, aldus wethouder Bonte. Foto Casper Rila

Na meer dan vijftig gesprekken door honderd bedrijven en instellingen en duizend Rotterdammers lagen er uiteindelijk 49 afspraken om de CO2-uitstoot terug te dringen: het Rotterdamse Klimaat Akkoord. De gemeente investeert deze collegeperiode 150 miljoen in het klimaatakkoord, Milieudienst Rijnmond DCMR rekende de plannen door.

In 2030 wordt volgens DCMR 13,5 Mton CO2 bespaard. Het grootste deel, 8,2 Mton komt door de sluiting van de kolencentrales; landelijk beleid. Van de overige besparingen ligt slechts 0,4 Mton vast. De rest heeft de status ‘beoogd’. Rotterdam stoot ongeveer 30 Mton per jaar uit.

Dat betekent dus een zekere besparing van nog geen 1,5 procent. Is dat niet erg weinig?

„Het is heel logisch. Dit zijn de afspraken die we in krap een jaar tijd gemaakt hebben. Het laat zien waar de kansen liggen en wat we graag verder uit willen werken. De deals moeten nog vertaald worden in concrete projecten met een juridisch bindende status. Die sluiting van de kolencentrales is eigenlijk het enige dat vast ligt. Al zou ik het liefst zien dat deze centrales nog eerder dicht gaan. Daar zetten we de lobby op in.”

De meeste afspraken zijn vrijblijvend. Hoe gaat u bedrijven daaraan houden?

„Woningbouwcorporaties hebben bijvoorbeeld de intentie om duizenden woningen van het gas te halen. Dat is inderdaad geen juridische overeenkomst. We kunnen ze er niet mee voor de rechter slepen als ze het niet doen. Maar corporaties zeggen dit niet zo maar. Ik zie het wel degelijk als een inspanningsverplichting. Ze willen ermee aan de slag om dit te realiseren en wij gaan ze als gemeente daarbij helpen.”

Ze zagen ons eerst als ‘bijzettafeltje’

U zet zich al jaren in voor minder CO2, nu zit u als wethouder aan de knoppen, moet u dan niet wat strenger zijn?

„Die 49 afspraken zijn veelbelovend. Dat wordt onderbouwd door DCMR. Maar dit is zeker niet het eindpunt. Dit is pas het begin van de transitie. In het akkoord hebben we de kansen benoemd die de komende jaren concreet moeten worden. Daar gaan we keihard aan werken. En er is nog een restopgaaf. Uiteindelijk willen we onder de 12 Mton uitkomen, dat betekent dat we daarbovenop nog 4 Mton moeten realiseren. Dit is de basis van waaruit we verder gaan bouwen.”

Ik mis eigenlijk een beetje Arno Bonte in het klimaatakkoord. Klopt dat?

„Ik zal je uitleggen hoe dat zit. Ikzelf en het stadsbestuur hebben een grote ambitie. We willen over 10 jaar 49 procent minder CO2 uitstoten dan in 1990. Daar is veel voor nodig. Dat kunnen we als gemeente niet alleen. Daarom heb ik eerst breed draagvlak gerealiseerd in de raad door de ondertekening van het akkoord over energietransitie. Ik hoop dat als mijn werk er straks op zit, de transitie doorgaat. Stap twee is om de samenleving en het bedrijfsleven mee te krijgen. Daarvoor moet je met elkaar in gesprek. Wat dat betreft heb ik als wethouder een andere rol dan als raadslid. Daar vind ik dat we goed in geslaagd zijn. Maar het is inderdaad nog niet voldoende. We zijn er nog lang niet.”

De ambitie ligt zo hoog, is het dan geen tijd voor impopulaire maatregelen?

„Ik ben ervan overtuigd dat als er een intrinsieke motivatie is, of dat nou geldt voor de petrochemische bedrijven in Pernis of de inwoners van Pendrecht, we die transitie beter voor elkaar krijgen. Afgelopen jaren hebben we al veel zaken in gang gezet. De komst van de grootste windmolen ter wereld naar Rotterdam. Het aantal zonnepanelen is verdubbeld. Er is Walstroom aan de Parkkade. Het klimaatakkoord versnelt dat proces. Toen ik begon als wethouder had ik de ambitie om de stijging van CO2-uitstoot op korte termijn om te zetten in een daling. Dat is gelukt.”

Ja, maar dat komt vooral door de sluiting van de oude kolencentrales.

„Daar ben ik heel blij mee. Die sluiting helpt ons heel erg, maar die trendbreuk is blijvend. Dat zie je ook in de doorrekening van DCMR. De daling zet door. Dat betekent dat we een goed akkoord hebben.”

Het is maar een hele kleine daling, toch? In 2021 wordt er 0,2 Mton bespaard. In 2025 is dat 0,7 Mton.

„Op korte termijn is het optisch nog klein. Maar dat we nu dalen na een stijging van de afgelopen tien jaar, vind ik grote winst.”

Rotterdamse wijk verduurzaamt door en voor bewoners

De grootste opgave ligt in de haven. 90 procent van de CO2 wordt daar uitgestoten. Is het moeilijk om met bedrijven daar afspraken te maken?

„Ja en nee. Een deel van die bedrijven verdient geld met fossiele brandstoffen. De transitie treft op korte termijn hun inkomsten. Voor de lange termijn is het ook in hun belang om die omslag te maken.”

U heeft als raadslid stevige uitspraken gedaan over de kolencentrales en het havenbedrijf. Maakt dat uw relatie met de bedrijven daar moeizaam?

„Ik geloof ik dat de kolencentrales nog steeds geen fan van mij zijn, maar dat is wederzijds. Voor de rest heb ik goede contacten en hebben de meeste partijen in de haven intensief en constructief meegedacht. Ik ben kritisch op de fossiele kanten van de haven, maar positief over steeds meer bedrijven die kansen zien in de energietransitie. Neem de grootste windmolen ter wereld. Daar moeten er nog veel meer van komen op zee. Dat is een enorme kans voor heel veel bedrijven en voor de werkgelegenheid in de regio.”

U bent dus wel de juiste man op de juiste plek?

„Ja, dat blijkt ook uit de afspraken die we hebben gemaakt in het klimaatakkoord. De verbinding tussen de gemeente en de bedrijven heeft tot 49 concrete deals geleid. We hebben de energietransitie niet alleen in de stad, maar ook in de haven vorm kunnen geven. Dat betekent dat zowel in de stad als in de haven, de juiste mensen zitten.”

Over die kolencentrales. De eigenaren zeiden toe de CO2 op te slaan. Dat gebeurde nooit. Kunt u de toezeggingen van bedrijven nu wél vertrouwen?

„Dit is iets anders. Hier kijken we naar de kansen van de energietransitie. Bedrijven zijn geïnteresseerd om mee te denken in bijvoorbeeld een waterstof-infrastructuur. Zij weten ook dat vroeg of laat die CO2 heffing er komt.”

Maar als er tegenslag is, er komt geen CO2 heffing en economisch gaat het minder goed; dan heb je niks.

„Nou niet niks. Maar deze bedrijven hebben ook met aandeelhouders te maken. Dat is een risico. Daarom willen we ook de druk op het rijk hooghouden zodat er snel duidelijkheid komt over de CO2-heffing, maar ook over beschikbare subsidies voor de transitie. Wij zorgen in Rotterdam voor 20 procent van de landelijke CO2 uitstoot. Besparingen hier kunnen de minister helpen om de landelijke doelen te halen. Aan de andere kant hebben wij de hulp van de landelijke overheid hard nodig om onze doelen hier te realiseren.”

In de stad zelf bent u er ook nog lang niet. Maatregelen in de gebouwde omgeving leveren 148 kiloton besparing op, waarvan 93 kiloton nog onzeker is. Het doel is 334 kiloton.

„Dit zijn vooral de plannen voor de korte termijn. De plannen die zo concreet mogelijk vanuit ons en de corporaties en vastgoedpartijen nu bekend zijn.”

U zegt ‘concreet’ en ‘korte termijn’ maar dit gaat om plannen over tien jaar waarvan voor meer dan de helft nog geen financiële dekking is.

„De klimaattafels gaan de komende periode door. Ik verwacht dat daar de komende jaren nieuwe deals uit voortrollen. Ieder jaar vragen we DCMR een update. Ik heb goede hoop dat de besparingen volgend jaar hoger uitkomen. Nogmaals; we zien dit akkoord niet als een eindpunt, maar als een beginpunt van de transitie.”