Recensie

Recensie Film

Vijftig tinten blauw in fraaie waterdocumentaire

Documentaire In ‘Aquarela’ zoomt Victor Kossakovski in op water in al zijn vormen. Vaak is dat buitengewoon en pakkend, soms wordt het saai.

Omdat het ijs op het Baikalmeer in Siberië tegenwoordig drie weken eerder smelt, beseft nog niet iedereen hoe gevaarlijk het is om met de auto over het ijs te rijden, in ‘Aquarela’.
Omdat het ijs op het Baikalmeer in Siberië tegenwoordig drie weken eerder smelt, beseft nog niet iedereen hoe gevaarlijk het is om met de auto over het ijs te rijden, in ‘Aquarela’. Foto Stine Heilmann

Vijftig tinten blauw, zo zou je de eerste zeventig minuten van de documentaire Aquarela kunnen karakteriseren. Er is daarin nauwelijks een andere kleur te zien dan die van water en lucht, en dan in allerlei gradaties.

De Russische regisseur Viktor Kossakovki laat zonder commentaar beelden zien van een bevroren meer, afbrekende gletsjers en smeltende ijsschotsen, fraaie golven en vernietigende stormen met striemende regen. Vooral het begin is pakkend, met een groepje mannen die op het Baikalmeer bezig zijn hun door het ijs gezakte auto weer op te takelen. Omdat het ijs tegenwoordig drie weken eerder smelt, beseft nog niet iedereen hoe gevaarlijk het is om met de auto over het ijs te scheuren, blijkt uit een huiveringwekkende scène.

De over de hele wereld haarscherp gefotografeerde beelden zijn schitterend, soms abstract en bijna buitenaards. In het middensegment, dat zeilers op zee volgt, zien we vooral meditatief rollende golven en dan wordt het wat saai. Als Kossakovski daarna de beukende heavy metal van Apocalyptica in de montage laat botsen op beukende golven is dat niet heel geïnspireerd.

Over de Apocalyps gesproken: de kijker mag zelf bepalen hoezeer ecologische boodschap er in Aquarela schuilt, maar het beeld van een half ondergelopen begraafplaats spreekt boekdelen.