Ov-bedrijven: ‘Boerkaverbod niet noodzakelijk’

Er was geen noodzaak voor het ‘boerkaverbod’ in het openbaar vervoer. Dat heeft de branchevereniging OV-NL vorige maand in een evaluatie op het ministerie van Binnenlandse Zaken laten weten.

Foto: David van Dam

Sinds het ‘boerkaverbod’ op 1 augustus inging, zijn er twee incidenten geweest met boerka- of nikabdraagsters in het openbaar vervoer waarbij de politie ter plaatse kwam. Die vonden plaats in de eerste twee maanden na het verbod. Dat zegt Pedro Peters, voorzitter van Openbaar Vervoer Nederland (OV-NL), de branchevereniging van de openbaar vervoerders in Nederland. De politie bevestigt dat.

Dat verbod op gezichtsbedekkende kleding ging op 1 augustus dit jaar in en geldt voor overheidsgebouwen, openbaar vervoer en ziekenhuizen. Dáár was communicatie noodzakelijk en gezichtsbedekking dus onwenselijk, was het idee. In Nederland dragen tussen 200 en 400 vrouwen een nikab (alleen ogen zichtbaar) of boerka (gezicht volledig bedekt).

Peters had begin deze maand een evaluatiegesprek op het ministerie van Binnenlandse Zaken. „Vrouwen met gezichtsbedekkende kleding veroorzaakten voor het verbod geen incidenten”, zegt Peters. „Er was dus wat ons betreft geen probleem dat opgelost diende te worden met de wet.”

Lees ook: ‘Als ik met de tram ga, heb ik bij voorbaat al stress’

De twee incidenten, die breed werden uitgemeten in de pers, gingen om een vrouw die op verzoek van de chauffeur uit een Arrivabus werd gehaald in Limburg, en om een vrouw die weigerde uit een trein van NS te stappen in Rotterdam. In beide gevallen werd de politie ingeschakeld die geen boete uitschreef.

Uiteraard is de wet de wet, zegt Peters. „Maar we hebben tegen onze medewerkers gezegd: de-escalatie heeft prioriteit. Dus als er iemand met een nikab in een tram gaat zitten, dan kan een controleur zeggen: ‘Mevrouw, weet u dat dit niet mag?’ Maar als ze dan blijft zitten, dan is het prima als hij niets doet om de situatie niet te laten escaleren.”

Tweede Kamerleden Bente Becker (VVD) en Harry van der Molen (CDA) vinden beiden dat de wet veel strenger gehandhaafd moet worden. Becker: „Het is de wet. Hij is aangenomen met een meerderheid in beide Kamers, dan moet dat serieus genomen worden.” Becker was teleurgesteld over de langzame invoering, zegt ze. En is nu ontstemd over de uitvoering. „Ik heb het idee dat er sinds de invoering enkel wat foldertjes gedrukt zijn.”

Van der Molen vindt dat er te veel onduidelijk is. „In het openbaar vervoer, in ziekenhuizen en andere opverheidsgebouwen wordt gezichtsbedekking gedoogd. Dan schep je onduidelijkheid en onrust.” Van der Molen vindt dat ook dat controleurs en boa’s in het openbaar vervoer de bevoegdheid moeten krijgen om een boete uit te schrijven. Die bevoegdheid hebben ze nu niet.