Flexwerk wordt duurder, maar keert de vaste baan ook terug?

Arbeidsmarkt Leidt de nieuwe wet van minister Koolmees tot meer vaste banen? Ondernemers kennen al mogelijkheden om de regels te omzeilen.

Illustratie Stella Smienk

Op het ministerie van Sociale Zaken zijn de verwachtingen hooggespannen. Woensdag 1 januari treedt een nieuwe wet van minister Wouter Koolmees (D66) in werking, die een ambitieuze doelstelling heeft: de wet arbeidsmarkt in balans moet ondernemers aanzetten om meer vaste contracten uit te delen.

De werkgeverslobby probeerde de wet eerder tevergeefs tegen te houden. Flexibele arbeidscontracten worden nu duurder, via hogere werkgeverspremies. En oproep- en pay- rollkrachten krijgen meer rechten. Daar staat tegenover dat het vaste contract laagdrempeliger wordt: ontslag wordt iets makkelijker en de ontslagvergoeding van werknemers die lang in dienst zijn, wordt lager.

Toch leidt de wet tot hogere kosten en minder flexibiliteit, zeiden werkgevers eerder dit jaar, dus dat gaat banen kosten. Zijn ondernemers inmiddels al voorbereid op de nieuwe wet? En wat zijn de gevolgen voor hun bedrijf?

Het eerste wat Jeroen den Hollander, directeur van vakantiepark De Klepperstee in Ouddorp, van de nieuwe wet merkte, was dat zijn schoonmaakbedrijf duurder wordt. „Ik kreeg een brief waarin ze door de wet een prijsstijging van 5 tot 20 procent voorspellen. Daardoor gaan onze kosten dus ook omhoog.”

Ervaren vakantiekrachten

Zelf werkt Den Hollander zelden met uitzend- of oproepkrachten. Daardoor zal een aantal van de nieuwe regels hem niet raken. Wel moet hij een deel van zijn vakantiekrachten binnenkort een vast dienstverband aanbieden onder de nieuwe regels.

Op De Klepperstee werken het hele jaar door 25 werknemers met een vast contract. In het hoogseizoen komen er vijftig vakantiekrachten bij, vooral studenten, die een tijdelijk contract krijgen.

Sommigen hebben al drie jaar op rij een tijdelijk contract van hem gekregen, zonder de tussenpoos van een half jaar. „Dan moet ik een afweging maken: of ik stuur ze weg, of ik geef hen een vast contract.” Den Hollander neigt ernaar om hen vaste contracten te geven. „Dit zijn de vakantiekrachten met de meeste ervaring, die hou ik er graag bij.”

Lees ook: Nieuwe wet beoogt meer vaste contracten. Lukt dat?

Bij de Nederlandse Spoorwegen heeft de wet al geleid tot het vertrek van medewerkers. 160 uitzendkrachten hebben te horen gekregen dat zij hun werk – reizigers de weg wijzen bij werkzaamheden en bij evenementen zoals de Nijmeegse Vierdaagse of Koningsdag – bij de buitendienst kwijtraken.

Maar onder de nieuwe wet heeft iedere werknemer, ook uitzendkrachten, na een jaar recht op een vast urenaantal. De NS is verplicht om een aanbod te doen van minimaal het aantal uur dat de uitzendkracht het eerste jaar gemiddeld gewerkt heeft.

Dat is lastig, laat een NS-woordvoerder weten. „In een rustige periode heeft NS landelijk werk voor ongeveer zestien voltijdbanen per week. In drukke maanden voor 68 per week.”

In de winkels van de ANWB moeten om diezelfde reden honderd uitzendkrachten weg, bevestigt een woordvoerder na berichtgeving van RTL Z. Tachtig andere uitzendkrachten worden in dienst genomen met vaste uren.

Michel den Daas, directeur-eigenaar van Peoplez, dat bedrijven helpt bij hun personeelsbeleid, ziet ook al hoe bedrijven die vaste-urenregel kunnen omzeilen. „Je bent verplicht om vaste uren aan te bieden, maar de oproepkracht hoeft die niet aan te nemen. Ondernemers kunnen dus zeggen: als je wil blijven, moet je hier tekenen dat je geen vaste uren hoeft. Anders zoek ik een ander.”

‘Inbreuk op onze flexibiliteit’

Werkgevers in de horeca, waar flexwerk de norm is, zijn erin geslaagd om een aantal verplichtingen uit de nieuwe wet te schrappen en versoepelen, door daarover afspraken te maken in een collectieve arbeidsovereenkomst (cao) met vakbonden.

Zo hoeven oproepkrachten in de horeca niet vier dagen, maar uiterlijk één dag van tevoren te worden opgeroepen om te werken. En voor seizoensgevoelige arbeid, zoals op terrasjes en in strandtenten, hoeft een oproepkracht na een jaar geen vast urenaanbod te krijgen. FNV Horeca en CNV Vakmensen gingen beide akkoord met het schrappen van die nieuwe rechten.

„We hebben de scherpe randjes ervan af kunnen vijlen”, zegt Paul Schoormans, beleidsadviseur van brancheorganisatie Koninklijke Horeca Nederland. „Maar de wet blijft een forse inbreuk op onze flexibiliteit.”

Schoormans verwacht dat de loonkosten van horecabedrijven door de nieuwe wet toch nog al snel met 10 procent kunnen stijgen. Het zou hem niet verbazen als sommige ondernemers die kostenstijging moeten doorberekenen aan klanten. „Ze moeten kiezen uit twee kwaden: de hoge kosten accepteren of contracten geven die ze eigenlijk niet aankunnen.”

Lees ook: Bedrijven maken al plannen om de payrollwet te omzeilen

Maar ondernemers hebben nóg een uitweg: werken met zzp’ers. Daarover regelt de wet arbeidsmarkt in balans niets. Zij worden dus niet duurder. Minister Koolmees werkt nog aan nieuwe regels voor deze groep, die nu amper wettelijke bescherming heeft.

Vorig jaar waarschuwde de Raad van State, een belangrijke regeringsadviseur, al dat de wet makkelijk te ontwijken is door zzp’ers in te huren.

Mark Geluk, directeur-eigenaar van GLK Schoonmaak, zegt dat hij al een paar jaar zzp’ers in plaats van oproepkrachten inhuurt als hij invallers nodig heeft. „Een oproepkracht moest ik al een maand van tevoren waarschuwen als ik zijn contract niet verleng. Daar kwam zoveel rompslomp bij kijken. Zo drukt de overheid iedereen richting zzp.”