Opinie

De jaren 10: hoe de geopolitiek oprukte in de wereld

Veiligheid Hoe maakt de Pax Americana plaats voor een nieuwe orde waarin afspraken minder tellen dan ‘ieder voor zich’? Wat zijn de grote ontwikkelingen die die overgang markeerden? maakt de balans op van het afgelopen decennium.
Illustratie Ruben L. Oppenheimer

Het woord ‘geopolitiek’ leefde tien jaar geleden nauwelijks. Ooit was het zelfs een verdachte term. De Duitse geleerde en generaal Karl Haushofer (1869-1946) vond er een gretig oor voor bij Adolf Hitler en Rudolf Hess en hun ideeën over Lebensraum, de ‘natuurlijke’ Duitse expansie naar het oosten. Intussen is het misschien wel de meest gangbare term geworden voor het oprukken van rauwe machtspolitiek ten koste van multilateralisme.

Die beweging tekende zich tien jaar geleden nog vaag af, maar lijkt nu genormaliseerd. Het leidt tot culturele verwarring, economische ongelijkheid, binnenlandse politieke politisering en versnippering, Europese verdeeldheid, uiteenvallende organisaties, maatschappelijke ontrafeling. Misschien ook is dit alles slechts ruis, tijdelijke – en gevaarlijke – turbulentie die onvermijdelijk hoort bij de overgang van de ene Pax (Americana) naar de andere (de Chinese?). Wat markeerde die overgang in het afgelopen decennium? Zes ontwikkelingen.

1 The Great Power Competition

De great power competition is terug, de ‘multipolaire’ wereld is een feit. Zie Trumps America First, het Take Back Control van de Brexiteers en het tragische motto van Jean-Claude Juncker, de voorlaatste voorzitter van de Europese Commissie: Last Chance Europe. Het overeind houden van de euro was een succes, maar maskeert de Europese slijtage met Brexit als ongelukkigste demonstratie van masochisme en zelfverwonding. De economische macht van China, gemeten naar bbp (aangepast aan de koopkrachtpariteit) , passeerde in 2014 die van de VS. Rusland bleek militair nog in staat de ‘oude politiek’ van invloedssferen – en militaire interventies – te bedrijven op de Krim, in Oost-Oekraïne en Syrië. En India, grootmacht in wording, probeert de nieuw verworven assertiviteit om te zetten in exclusieve Hindu power.

Militaire conflicten genoeg maar onderling grepen de grootmachten nog niet naar de wapens. Puur militair zijn de VS nog ontegenzeggelijk overal de baas. Al is de vraag wat je met militaire superioriteit nog kunt, als je economisch en diplomatiek de lakens niet meer uitdeelt (of doelbewust verwaarloost).

De VS beschikken wereldwijd over veruit de meeste militaire steunpunten. Daar hoor je doorgaans minder van dan van die ene Russische basis in Syrië, en dat ene steunpunt van China in Afrika. In de Koude Oorlog hadden de VS nog 1.600 bases in veertig landen; nu is het netwerk gehalveerd naar 800 steunpunten, maar uitgebreid naar twee keer zoveel landen. Dit jaar openden de VS bijvoorbeeld een dronebasis in Niger van waaruit Amerikaanse strijdkrachten de hele Sahel bestrijken. Volgens officiële Pentagoncijfers waren in december in totaal ruim 200.000 Amerikaanse militairen in 170 landen actief; waarvan 8.700 in oorlogsgebied – los van een bijna even groot aantal en in de cijfers moeilijker zichtbare speciale eenheden, die overal ter wereld kunnen worden ingezet, ook in het kader van antiterreuroperaties. Hun aantal is deze eeuw verdrievoudigd.

Alleen al dit netwerk kost de Amerikaanse belastingbetaler ruim 100 miljard dollar per jaar. Tel ‘Afghanistan’ en ‘Irak’ daarbij op en de rekening wordt het dubbele.

2 Deceptie na de lente

De Arabische Lente, die in 2010 begon vol optimisme met een verrassend protest op een marktplein in Tunesië, deed de hoop oplaaien dat in de ‘MENA-regio’ – van ‘Middle East’ en ‘North Africa’; relatief de meest conflictrijke ter wereld – een fase van democratie en liberalisering kon aanbreken, maar eindigde tien jaar later in een deceptie. Op die balans: een verschrikkelijke oorlog in Syrië, een contrarevolutie in Egypte , een verwoest en chaotisch Libië, de consolidatie van autocratische systemen van Turkije tot Saoedi-Arabië, een met oliegeld gefinancierde oorlog tegen Jemen, de onmogelijkheid om een eind te maken aan het fiasco-Irak, de bemoeienis van Rusland en Iran in wespennesten waar Europa en de VS hun gezag verloren. De kans op een fatsoenlijke oplossing voor het Israelisch-Palestijnse conflict is verkeken. En na de Amerikaanse terugtrekking uit de nucleaire deal met Iran is er kans op ongebreidelde proliferatie van kernwapens in die regio.

3 De VS, baken van democratie?

Nog een sombere observatie: in de jaarlijkse Global Democracy Index van de Economist Intelligence Unit, halen de Verenigde Staten al een paar jaar niet langer de top-20. In de laatste editie zakten ze zelfs vier plaatsen, naar 25, en vallen nu in de categorie ‘gebrekkige democratieën’.

Die index is een soort rapportcijfer dat op zestig criteria is gebaseerd, gegroepeerd rond thema’s als politieke cultuur, civil liberties, verkiezingen, politiek participatie en het functioneren van de publieke sector. Bovenaan staan steevast fijne Scandinavische landen, Nederland staat op 11, en ver onderaan bungelen Syrië en Noord-Korea. Ook als je er andere lijstjes bij pakt, zoals The Human Freedom Index of de Human Development Index, is de conclusie onvermijdelijk dat vrijheid, voorspoed en democratie dit decennium er stelselmatig op achteruit gegaan zijn, zelfs in „een waanzinnig gaaf land” als Nederland (dixit premier Rutte).

4 War on Terror, open einde

Wat op 11 september 2001 begon met de aanslag op de Twin Towers en het Pentagon, duurt voort: het terrorisme en de bestrijding daarvan. Er zijn oorlogen om gestart (operatie Iraqi Freedom, Afghanistan) die ons en passant van dictaturen zouden verlossen die Al-Qaida faciliteerden, maar zij bleken vals en met een open einde. De uitschakeling van Osama Bin Laden op 2 mei 2011 deed even de hoop opleven dat de nieuwe vijand was verslagen, maar de wereld kreeg de Islamitische Staat ervoor terug, en Al-Qaida bleef actief in filialen (Jemen, Sahel, Somalië, Zuid-Azië).

De Global War on Terror kostte en kost miljarden dollars, eiste duizenden slachtoffers en verschafte dictators wereldwijd een gemakkelijk excuus om onder het mom van terroristenbestrijding lokale repressie te bedrijven en op te voeren, van Egypte tot China en de Filipijnen. Intussen werd de aandacht verwaarloosd voor conflicten die juist wel aandacht verdienden en die op hun beurt een nieuwe lichting terroristen inspireerden.

Europa en de VS kenden in dit decennium hun dramatische aanslagen (Parijs, Brussel, Berlijn), maar hun is qua aantallen slachtoffers en incidenten vooralsnog veel leed bespaard gebleven, zeker de nucleaire catastrofe of het bioterrorisme dat deskundigen tien jaar geleden voorspelden. Dat is misschien ook het enige ‘positieve’ dat er te melden is, want sinds de traumatische aanslagen van muziekzaal Bataclan, de Promenade des Anglais in Nice en vliegveld Zaventem is duidelijk geworden dat iedereen het willekeurige slachtoffer van terreur kan zijn én dat verijdeling van zulke aanslagen meer vergt dan state-of-the-art contraterrorisme en preventieve maatregelen. Niettemin is er enige hoop: de statistieken liegen niet en er zijn aan het eind van de ‘jaren 10’ minder terreuraanslagen en slachtoffers dan vroeger.

5 Onvoorbereid op migratie

Het tweede decennium van deze eeuw is ook getekend door massa-immigratie en vluchtelingen; die kwesties hebben weliswaar nooit ontbroken op de agenda maar acuter waren ze nooit. Deels aangespoord door klimaatverandering en oorlog kwamen vluchtelingen en migranten naar Europa en Noord-Amerika, de werelddelen die nog het minst door deze fenomenen worden getroffen en continenten die politiek, bestuurlijk en cultureel totaal onvoorbereid bleken op een rechtvaardige oplossing van wat demografisch vooralsnog kleine schokjes zijn.

Het zijn gemakkelijke constateringen, maar het weren van vluchtelingen en migranten met het tegenhouden van bootjes uit Libië, een ‘deal’ met Erdogan, of door het bouwen van muren en detentiekampen langs de Rio Grande maakten we tien jaar geleden nog niet mee. Belangrijker: zulke noodgrepen wijzen niet op structureel vernuft van Europa en de VS en bij het volgende tienjarenoverzicht zullen deze thema’s prominent terugkeren.

6 Klimaat, existentiële dreiging

De grootste bedreiging van de mensheid is niet geopolitiek maar existentieel en helaas voor sommigen nog altijd controversieel. Klimaatrampen en opwarming werden ook tien jaar geleden voorspeld, maar niet in de huidige mate, niet op basis van wetenschap, en werden nauwelijks erkend. Pas vanaf 2014, toen Barack Obama ‘klimaat’ „de grootste bedreiging” noemde, en zijn generaals de stijging van de zeespiegel als een „clear and present danger” – een erkend militair noodsignaal – bestempelden, is het onderwerp wereldwijd op de agenda gekomen. Too little too late desondanks, het klimaatakkoord van Parijs (2015) gaat mislukken. Trump en andere klimaatontkenners wuiven de dreiging weg. Bij het decenniumverzicht deo volente in 2029 zal ook dit thema niet ontbreken, en mogelijk zelfs op de eerste plaats staan.

Correctie (7 jan 2020): In de tekst is ‘decade’ door ‘decennium’ vervangen, het juiste woord voor een ‘periode van tien jaar’.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.