Lars van den Brink

Interview

‘Burgers en regeringen denken nu: eigen rechten eerst’

Eduard Nazarski Na veertien jaar neemt Eduard Nazarski (66) afscheid als directeur van Amnesty Nederland. „We hebben meer aandacht gekregen voor onderwerpen in Nederland. Maar daar is niet iedereen het mee eens.”

Het zijn vooral de persoonlijke verhalen die Eduard Nazarski gaat missen. Van de Nigeriaan Moses Akatugba bijvoorbeeld, die als 16-jarige werd opgepakt, omdat hij een telefoon zou hebben gestolen. De jongen bekende tijdens een marteling en werd ter dood veroordeeld. Amnesty voerde actie en na tien jaar kwam hij vrij.

„Dat drijft mij”, zegt Nazarski (66), directeur van Amnesty Nederland, die na veertien jaar directeurschap met pensioen gaat en wordt opgevolgd door Dagmar Oudshoorn. „Mensen die in vreselijke omstandigheden hebben gezeten en zeggen: ik kreeg weer hoop door steun van Amnesty.”

Het gesprek vindt plaats in Nazarski’s kantoor in het Amnesty-pand aan de Amsterdamse Keizersgracht. „De democratie gaat wereldwijd al dertien jaar achteruit”, zegt Nazarski, verwijzend naar een rapport van de Amerikaanse ngo Freedom House. Hij praat snel, alsof hij haast heeft. „Dat gaat over China, Hongarije, Polen. Maar ook in Nederland moeten we ervoor waken. Ook hier blijkt het moeilijk om de vrijheid van demonstratie, een fundamenteel grondrecht, altijd te garanderen.”

Lars van den Brink

Amnesty heeft tijdens de jaren van Nazarski meer aandacht gekregen voor onderwerpen in Nederland. In 2013 schreef Amnesty een rapport over etnische profilering door de politie. De organisatie werd erom „verketterd”. Nazarski: „De voorzitter van de Centrale Ondernemingsraad [van de politie] verweet mij dat we 60.000 dienders voor racist uitmaakten, wat natuurlijk onzin is. Maar nu heeft ook de politie erkend dat het een patroon is, en dat er iets tegen moet gebeuren. Dat zijn belangrijke dingen die we hebben bereikt.”

Die aandacht voor binnenlandse problemen, nuanceert Nazarski, was niet zijn persoonlijke „agenda”. „In veel meer landen kijken Amnesty-afdelingen naar hun eigen land”, zegt hij. „Ik merk ook dat als je in andere landen praat over de situatie daar, zonder een goed verhaal te hebben over wat je met mensenrechten in Nederland doet, je gemakkelijk van tafel wordt gespeeld. Ze zeggen: je bent selectief, want je kijkt niet naar je eigen land.”

Nederland droeg mensenrechten altijd internationaal uit. Gebeurt dat minder?

„De laatste ministers van Buitenlandse Zaken hebben er steeds minder aandacht voor. Maxime Verhagen [CDA, minister tussen 2007 en 2010] had een duidelijke mensenrechtenagenda, maar zijn opvolger Uri Rosenthal [VVD, minister tussen 2010 en 2012] veel minder.”

Over de huidige minister Stef Blok (VVD) uit hij zich genuanceerd. „Laatst, tijdens het bezoek van zijn Saoedische ambtgenoot, stelde Blok in een Engelstalige tweet wel de situatie van een vrouw in de gevangenis aan de orde”, zegt Nazarski. „Dat vond ik goed. Zo liet Blok publiekelijk weten: we moeten het over mensenrechten hebben.” Maar, vervolgt Nazarski: „Dit is één zwaluw en nog lang geen zomer.”

U was eerder ook kritisch op Mark Rutte, omdat hij zich niet genoeg uitsprak.

Lees ook: Amnesty houdt ook de VS een spiegel voor

„Nog steeds wel. Toen de Chinese premier laatst in het Torentje was, zei Rutte niet expliciet: ik wil het over de Oeigoeren hebben, of over mensenrechtenschendingen in gevangenissen. Dan zou je toch een premier willen die zich met enige hartstocht uitspreekt.”

Mensenrechten waren lang een stokpaardje van de Nederlandse regering. Maar met een opgeheven vinger autoritaire regimes de les lezen, doet Nederland niet meer. „Ondanks de moord op journalist Khashoggi vorig jaar, zal de G20 in Saoedi-Arabië in 2020 doorgaan. Wat gaat Rutte doen om te zorgen dat Nederland daar niet aan een pr-show meedoet?”

Toch is Nazarski ook optimistisch: „Laatst debatteerde de Tweede Kamer over de China-strategie van het kabinet. Ik had het niet voor mogelijk gehouden, maar iedereen, behalve de VVD, zei tegen minister Blok: dat hoofdstuk over mensenrechten is gewoon niet goed genoeg.” De mensenrechtenpassage moet van de Kamer nu worden herschreven. Stef Blok noemde het „zinloos huiswerk”.

Dat ook Amnesty moet schipperen in deze tijd van grote maatschappelijke polarisatie bleek afgelopen zomer, toen de organisatie zware kritiek kreeg op het standpunt over het boerkaverbod. Via een filmpje maakte Amnesty duidelijk tegen het verbod te zijn, en voor de vrije keuze van vrouwen. Het leidde tot woedende reacties en honderden donateurs zetten hun bijdrage stop.

Nazarski noemt het „heftig”. „Inhoudelijk staat ons verhaal nog steeds: als vrouwen uit vrije wil voor de boerka kiezen heeft de overheid daar geen barst mee te maken. Maar ik denk dat we het te makkelijk gebracht hebben. Het gevoel van mensen dat de boerka onderdrukkend is, botst met de redenering van Amnesty. Dat goed uitleggen, lukt niet in een simpel filmpje.”

De klassieke boodschap van Amnesty is het opkomen tegen onrecht, vooral in landen met repressieve regimes. Spreekt die boodschap nog aan in een wereld die steeds onvrijer wordt?

„Ja, maar er is wel een ontwikkeling gaande wereldwijd onder regeringen én burgers – ook in Nederland – van: eigen rechten eerst. Dingen die we in moslimlanden aan de orde stellen, worden hier toegejuicht. Als je zegt: we gaan die principes ook hier toepassen, horen we steeds vaker: ho, dat is niet de bedoeling.”

Zoals?

„De beperkte vrijheid van meningsuiting in Saoedi-Arabië vindt iedereen een punt. Maar als je zegt: moslims moeten ook in Nederland kunnen zeggen wat ze willen, dan worden mensen – ook uit onze klassieke achterban – kritischer. Dan zijn mensenrechten ineens lastig en zitten ze in de weg. Juist onze achterban had er moeite mee dat wij ons niet meer alleen met mensenrechten in het buitenland bezighielden. Daarom is het van groot belang om met hen te blijven praten.”

Amnesty zet zich nadrukkelijk in voor vluchtelingen en migranten, een van de meest politieke thema’s van deze tijd. Lopen jullie daarmee risico je onafhankelijkheid te verliezen?

„Nee, dit is bij Amnesty al beleid sinds 1976. En ja, we krijgen de kritiek dat we politiek worden. Maar ik zie dat veel politieke partijen geen oplossingen meer bieden voor vluchtelingen, het beleid is eerder hard dan rechtvaardig.”

„In de Griekse kampen trekken vrouwen ’s nachts een luier aan om niet naar de wc te hoeven, omdat ze bang zijn verkracht te worden. Dan denk ik: dit is verdorie Europa! Het is een schande dat hier niks aan wordt gedaan. Nee, we willen niet dat een miljard Afrikanen hier naartoe komen en ook niet tien miljoen vluchtelingen. Maar we willen wel een menswaardige oplossing.”

Nazarski’s grootste frustratie uit zijn tijd bij Amnesty beleefde hij afgelopen winter. Hij kwam terug van het Griekse eiland Samos en schreef op Facebook dat hij woedend en verbijsterd was over de slechte situatie. „Eerder zat ik nog wel eens bij Nieuwsuur na zo’n reis, maar hier viel het stil. Ik wist meteen dat politici niks met die situatie zouden doen.”

Hoe komt dat? Trekken mensen zich onrecht minder aan? Is er minder solidariteit?

„Ik merk dat veel Nederlanders – het zwijgende midden – óók een menswaardiger oplossing willen. Maar ze zijn murw geslagen door de felle discussies en vallen stil. Die mensen moeten we helpen hun stem terug te vinden, om zo ook een politiek geluid te laten horen. En dat is nodig, want mensenrechten zijn hier veel te vanzelfsprekend geworden.”

Mensenrechten staan wereldwijd misschien altijd wel onder druk. Maar de laatste jaren krijgen ook de organisaties die voor die mensenrechten opkomen het zwaar te verduren: de Turkse directeur van Amnesty werd in 2017 opgepakt en zat ruim een jaar vast. In Israël werden doodsbedreigingen op de kantoormuren van Amnesty gezet. Dat is „heel zwaar” zegt Nazarski. „Maar het is geen reden om bij de pakken neer te gaan zitten, integendeel. We kunnen alleen maar stug doorgaan.”

Ik bespeur geen cynisme bij u – ondanks de zwaarte van het onderwerp.

„Fijn dat je dat zegt. Dat is een van de dingen die ik me altijd heb voorgehouden: als je cynisch wordt, moet je dit eigenlijk niet meer doen. Hoop is in dit vak uiteindelijk het sleutelwoord. Als je geen hoop meer hebt, ben je uitgerangeerd.”