Antoinette de Jong lijkt na de NK afstanden terug bij af

NK afstanden Dit schaatsseizoen wilde Antoinette de Jong prijzen winnen die al lang op haar verlanglijstje staan, vooral de wereldtitel op de 3.000 meter. Bij de NK afstanden kreeg ze klap na klap. Gevolg: geen WK-ticket.

Het licht van de camera springt aan en benadrukt haar rode, waterige ogen. Ze had nog zo haar best gedaan de tranen weg te vegen, voordat ze zou uitleggen waarom ze die had gelaten. Maar wat zou het ook? Die emoties zijn er nou eenmaal, en ze verstoppen lukt niet als je als sporter tien minuten na de grootste teleurstelling in lange tijd wordt geacht in volzinnen te praten over wat er allemaal mis is gegaan. Dan maar die paar minuten in de catacomben van Thialf gebruiken als snelle therapiesessie – verwerken terwijl je praat. Eerst in het Fries, dan in het Nederlands, maar verdriet klinkt in beide talen hetzelfde.

Het is zaterdag, laat in de middag. Op driehonderdsten van een seconde heeft Antoinette de Jong (24) het podium gemist op de 3.000 meter bij de NK afstanden. Dat betekent dat ze zich niet heeft geplaatst voor de EK en WK afstanden. En de 3.000 meter winnen op de WK was nou juist haar hoofddoel dit seizoen, nadat ze vorig jaar in Inzell zilver had behaald.

Ze is een van de zeldzame echte allroundsters in het Nederlandse schaatsen, maar de 3.000 meter is toch wel haar favoriete afstand. Toen ze achttien was, reed ze in Calgary op die afstand het ruim zeven jaar oude juniorenwereldrecord van de Tsjechische Martina Sablikova uit de boeken. In 2016 en 2017 won ze op de drie kilometer brons tijdens de WK afstanden, in 2018 deed ze hetzelfde tijdens de Olympische Spelen in Pyeongchang.

Dit seizoen schaatst ze die 3.000 meter niet eens bij de WK, in Salt Lake City bovendien, waar de snelste ijsbaan ter wereld ligt. Het gebeurt niet vaak dat schaatsers de kans krijgen daar deze afstand te rijden, dus wat had ze graag geprobeerd een wereldrecord te rijden. Ja, dit deed pijn. „Zit ik daar als ze rijden voor de televisie. Dat is niet leuk.”

Eerste teleurstelling

Vrijdag was de eerste klap al gekomen. Ook op de 1.500 meter, die andere afstand die haar zo goed ligt, was ze vierde geworden op het ijs van Thialf. Ze voelde zich zo goed, had ze gezegd, dus het kwam uit het niets. „Als je mijn trainingen ziet, rijd ik daarin supermakkelijk achter de mannen aan. Vorige week reed ik nog een 500 meter voor het eerst onder de 39 hier. Ik heb zó veel snelheid. Dan wil je het hier laten zien en komt er helemaal niets uit”, zegt ze, nog snikkend.

De Jong wil te graag winnen, zegt ze. Dat is het. Het is zo’n verklaring waar je als buitenstaander niet veel mee kan, maar De Jong begint vervolgens een paar minuten uit te leggen hoe dat bij haar werkt als ze op het ijs staat. „Ik schaats veel te gretig. Op sommige momenten zet ik te hard af, op andere momenten raak ik mijn slagen totaal niet. Ik schop te veel naar achteren, daar hebben Jac [Orie, haar trainer] en ik weken lang heel erg op getraind.” Het gebeurde namelijk al vaker dit seizoen. Tijdens het kwalificatietoernooi voor de wereldbeker begin november plaatste ze zich overtuigend op vier afstanden voor de eerste wereldbekerwedstrijden, om daar vervolgens teleur te stellen. Ze reed rond „als een pannenkoek”, zei ze na het toernooi in Polen. Ze deed dingen fout die je als kind vroeger al goed leerde doen.

Winnen is wat De Jong al zo vroeg in haar schaatscarrière gewend was. Ze werd op loopafstand van Thialf geboren, in Rottum. Ze begon als paardenmeisje – haar familie fokte paarden. Toch werd het schaatsen en daarin bleek ze een zeldzaam talent. Zestien jaar was ze toen ze zich plaatste voor haar eerste NK afstanden. Een jaar later reed ze als jongste Nederlandse ooit een EK allround en werd er tegen alle verwachtingen in vijfde. Bij de junioren won ze tussendoor medaille na medaille. En ze was dus een echte allrounder, die voorbestemd leek om de opvolgster van Ireen Wüst te worden.

We zijn nu jaren verder, maar bij de senioren blijft het grote winnen nog steeds uit. Als ploeggenoot van Wüst ging de rek uit haar ontwikkeling, bovendien boterde het niet echt tussen de twee. De Jong zou later zeggen dat ze in de ploeg een beetje onderdrukt werd. Sinds vorig jaar rijdt ze voor het machtige Jumbo-Visma onder coach Jac Orie, die haar op jonge leeftijd al had willen binnenhalen. Ze voelde zich er vrijer, maakte weer stappen en won eerder dit jaar op het EK in Collalbo haar eerste internationale allroundtitel.

Dit seizoen moest het grote winnen gaan beginnen, maar in Thialf lijkt ze zaterdag te beseffen dat ze even helemaal terug bij af is.

Kracht niet kwijt kunnen

De Jong slaapt slecht zaterdag, haar hoofd zit veel te vol, alles flitst voorbij. Ze vindt wel weer energie om zondag nog wat te laten zien. De 5.000 meter besluit ze te laten schieten, zodat ze zich hopelijk op de 1.000 meter alsnog kan plaatsen voor de grote afstandstoernooien.

Maar zondag wordt het weer niets. In haar rit heeft ze in de laatste ronde bijna een bocht achterstand op Jutta Leerdam, die de afstand wint. Harken. Ploegen. Niets klopt.

Nu geen tranen bij De Jong, maar apathie. „Ik had wat missers bij de start en daarna kwam ik niet in mijn slag. Ik weet het niet, ik kan er niets meer van maken. Ik kon mijn kracht niet kwijt op het ijs. Een beetje zoals het hele weekend was.”

Ze maakte fouten, vat trainer Jac Orie het samen. „Even zijn ze eruit dit seizoen, vervolgens komen ze terug. Met de breedte in de schaatstop word je dan afgestraft.” In de trainingen is er niets aan de hand, zegt hij. „Nu zie je dat ze haast krijgt, naar achteren schopt, aan alle kanten met haar romp gaat zwaaien. Als ze in de racemodus komt, vergeet ze te veel dingen.”

De Jong moet noodgedwongen een nieuw plan voor de rest van het seizoen maken. Nu gaat alle aandacht naar het WK allround, eind februari in Hamar. Ze heeft alle tijd voor de voorbereiding, hoe teleurstellend de reden ook is. „Maar ik heb best veel gereden de afgelopen maanden. Misschien is altijd alles maar rijden ook niet de oplossing. Ik moet aan mezelf denken.”