Opinie

Plaats Nederland in een Blijf-van-mijn-lijf-huis

Zihni Özdil

Bijna alle experts zijn het erover eens dat echtscheidingen goed, nuttig en positief kunnen zijn. Mits ze op tijd plaatsvinden, beide partners verstandig zijn en beiden niet het eigen belang, maar dat van hun kinderen voorop stellen.

Een huwelijk dat allang niet meer werkt toch volhouden, is schadelijk. Het lijdt onvermijdelijk tot permanente krassen op de zielen van de betrokkenen. Komt het dan toch tot een scheiding, dan is het het te laat: vooral kinderen zullen er voor de rest van hun leven schade aan overhouden.

„Hopelijk net op tijd”, schreef ik afgelopen september over de echtscheiding die tijdens de Troonrede werd aangekondigd. In 1994 werd Nederland door Paars I uitgehuwelijkt aan het neoliberalisme. De Zalmnorm ging prompt om de ringvinger van de bruid. Vanaf toen mocht er bij een meevaller op de begroting niet langer geld worden geïnvesteerd in de economie. Geen cent meer naar zorg en onderwijs. Naar onderzoek en innovatie. Nee, geld dat overbleef moest naar de staatsschuld. Er mocht überhaupt geen geld meer worden geïnvesteerd, tenzij het ergens anders werd wegbezuinigd: de ‘CPB-sharia’ noemde ik dat weleens in de Tweede Kamer.

Want de nieuwe echtgenoot van Nederland is een verstikkend autoritaire man. Een totalitaire controlfreak die alles eenzijdig oplegt. Nederland moest van hem verplicht aan de ‘marktwerking’. Zonder dat het er zelf om had gevraagd. Zonder dat de bevolking het wilde.

Om die marktwerking toch in te voeren, ontpopte de echtgenoot zich steeds meer als een loverboy. De werkgeverslobby kreeg verregaande macht als souteneur. De ene na de andere neoliberale technocraat mocht vervolgens over Nederland heen gaan. Niks van publieke waarde werd gepasseerd: patiënten werden ‘zorgconsumenten’, leerlingen en studenten werden ‘rendementen’. Hoger onderwijs werd een marktproduct, waar je jezelf voor in de schulden moet stoppen. Volkshuisvesting werd ‘woningmarkt.’ Je werd ‘flexibel’ als je niet meer wist of je morgen nog een baan had. Inmiddels zijn er nergens in Europa zoveel flexcontracten als in Nederland. Sociale rechten werden overgeheveld naar de Belastingdienst. Subsidies werden ‘toeslagen’, waar mensen zo min mogelijk aanspraak op mochten maken.

Om het af te maken was het ook nog eens klaar met de economische toekomst en het verdienmodel van Nederland, de high tech innovatie. Want ook wetenschapsbeleid kwam onder de zweep van de strenge echtgenoot.

Hopelijk net op tijd dus, de echtscheiding tussen Nederland en het neoliberalisme, dacht ik in september. Want de volgende premier van Nederland, Wopke Hoekstra, kondigde een prachtig en broodnodig investeringsfonds aan. Met „tientallen miljarden”. Om onder andere te investeren in innovatie, vanuit een ‘langetermijnvisie’. In plaats van vanuit de vraag of het meteen winst oplevert voor de portemonnee van de allerrijksten.

Maar inmiddels begint mijn hoop te vervliegen. Want het jaar is voorbij en die scheiding is nog altijd niet in zicht. Meerdere ingewijden vertellen ook nog eens dat het aangekondigde investeringsfonds gekaapt dreigt te worden. Door, jawel, VNO-NCW, de kortetermijnsouteneur van het neoliberalisme.

Daarom eindig ik dit jaar met een oproep aan Wopke Hoekstra.

Wopke, dat een echtscheiding niet over een nacht ijs gaat snap ik ook. Maar over de toekomst van onze economie en onze samenleving kun je niet polderen. Wacht daarom geen dag langer. Plaats Nederland nu in een Blijf-van-mijn-lijf-huis. Houd ons uit de klauwen van de agressieve echtgenoot tot de scheiding geregeld is: schop VNO-NCW uit het besluitvormingsproces van je investeringsfonds.

Want elke dag dat je dat uitstelt vergroot de kans op een vechtscheiding. Een vechtscheiding duurt meestal heel lang. Is uitzichtloos, vol geschreeuw, vol agressie en gericht op destructie. En dan verliest iedereen.

Zihni Özdil is historicus.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.