Foto Annabel Oosteweeghel

Interview

‘Dit gaat niet nog eens voor mijn ogen gebeuren’

Trauma David Krooshof (49) was erbij toen zijn vader stikte. „Een van de verplegers zei: ‘Ik heb er al veel zien gaan, maar nooit zo’.” Elf jaar lang had hij nachtmerries en herbelevingen. En toen redde hij zelf iemand van de verstikkingsdood.

‘Ik ben grootgebracht met de angst dat ik als kind zou komen te overlijden”, zegt David Krooshof (49). „Mijn ouders waren getraumatiseerd door het overlijden van hun eerste zoon.” Vijf weken na de geboorte is het jongetje, toen zijn ouders met Kerst op bezoek waren bij vrienden, gestikt. Hij lag te slapen in de kinderwagen en is tegen de plastic zijwand aan komen te liggen.

Toen David 5 was, werd zijn zusje geboren. Hij zag wat het hebben van een baby met zijn ouders deed. Het rakelde hun trauma van het verlies van hun eerste kind op. Ze waren overbezorgd. Begrijpelijk, maar „ze zaten zó dicht op onze huid”. Hij herinnert zich hoe volkomen in paniek ze waren toen zijn zusje – hij was 10 en zij 5 – een keer kwijt was in de speeltuin. Zijn vader huilde onbedaarlijk, zijn moeder ‘bevroor’. Hij fietste door de buurt en vond zijn zusje in een andere speeltuin, vlakbij. „Later, als puber, ben ik eens te laat thuisgekomen van uitgaan. Ouders van klasgenootjes waren boos, mijn ouders waren totaal ontredderd. Radeloos.”

Elk jaar in november, de maand waarin zijn broer was geboren, werd Krooshofs moeder steeds somberder. „Tegen Kerst heerste er een absolute grafstemming.” Andere gezinnen hadden diners en grote bomen met ballen en lichtjes, bij de familie Krooshof werd kerstsymboliek zoveel mogelijk gemeden. „Kerstprogramma’s op tv werden weggezapt en er werd niets speciaals gekookt. Mijn zusje ging die dagen weg, naar vriendinnen. Ik ging juist naar huis om mijn ouders door deze dagen heen te helpen.”

Het trauma van zijn ouders is de reden dat Krooshof nooit kinderen wilde. „Als een meisje tegen me zei: ‘Jij zou een goede vader zijn’, dan was dat voor mij reden om geen volgende date te plannen. ‘Baby = stress’ zat diep verankerd in mijn systeem.” In zijn studententijd – hij studeerde elektronische muziekcompositie aan het conservatorium – begon zijn toenmalige vriendin over kinderen. Krooshof begon te trillen, zijn hele lichaam beefde. „Duidelijk een lichamelijke angstreactie. Als je opgevoed wordt door ouders met veel angst en stress, heeft dat dus impact.”

Verstikking is een thema in het leven van Krooshof. Elf jaar geleden stierf zijn vader door zuurstoftekort als gevolg van longembolie. Hij lag in een hospice in Eindhoven. Krooshof was erbij. „In de laatste 36 uur van zijn leven hapte mijn vader doorlopend naar adem, terwijl hij volledig bij kennis was. Het ging er heel ruw aan toe, hij kreeg steeds minder lucht en was aan het stikken. De verpleging had geen controle over de situatie, ze wisten niet wat ze moesten doen. Een van de verplegers zei: ‘Ik heb er al veel zien gaan, maar nooit zo’.”

De beelden van zijn benauwde vader zag Krooshof nog vaak voorbijkomen. Hij kreeg nachtmerries, ging steeds minder en slechter slapen. Overdag had hij herbelevingen. „Ik heb hyperventilerend, hijgend en jankend voor de school waar ik werk gezeten.”

Krooshof is geluidstechnicus op de Academie voor Theater en Dans in Amsterdam. Op zijn werk was hij chagrijnig en prikkelbaar en in discussies met collega’s kon hij emotioneel reageren. Zijn werkgever zei: ‘Dit kan zo niet langer’. De huisarts verwees hem door en hij kreeg de diagnose PTSS, posttraumatische stressstoornis. „Het overlijden van mijn vader is waarschijnlijk een trauma geworden omdat het er zo ruw aan toeging en ook nog eens overeenkomt met de dood van mijn broertje.” Krooshof voelde zich ook in de steek gelaten omdat goede medische ondersteuning van zijn vader volgens hem uitbleef.

Sinds mei volgt hij therapie. „Dankzij EMDR [Eye Movement Desensitization and Reprocessing] en gesprekstherapie kan ik er nu over praten. Maar ik tril nog steeds.” Dat zie je op het eerste gezicht niet aan hem, hij zit op de bank in zijn geluidsstudio en vertelt er rustig over. Dan steekt hij zijn hand uit, laat zijn trillende vingers zien.

In september is er iets gebeurd waardoor hij in de therapie met stappen vooruitging, zegt hij. Een scenarioschrijver had het niet zo kunnen bedenken. „In het appartement naast mij wonen drie studenten. Een van de jongens bonsde op mijn deur. Hij riep: ‘Jord ademt niet meer’.” Zijn lippen waren paars, vertelt Krooshof, en hij ademde inderdaad niet. Krooshof zag een bakje met druiven staan en dacht dat er een druif in zijn luchtpijp zat. Als bhv’er op zijn werk volgde hij al twintig jaar elk jaar een ehbo-cursus. Hij dacht: dit gaat niet nog eens voor mijn ogen gebeuren.

Hij voerde drie keer de heimlichmanoeuvre uit, een methode om een blokkade van de luchtwegen te verhelpen en verstikking te voorkomen. „Na de vierde keer begon hij weer te ademen, hij was wel nog buiten bewustzijn. Ik legde hem in een stabiele zijligging, zodat hij kon blijven doorademen. Toen de ambulance er was, begon hij bij kennis te komen. Ik heb hem gered. Het is raar om zo te zeggen, maar het is het beste wat me had kunnen overkomen.”

Sindsdien, nu drie maanden geleden, slaapt hij de nacht door, voor het eerst in elf jaar. Geen angstdromen, geen nachtmerries. Niet urenlang muziek maken of foto’s bewerken op de computer en het naar bed gaan uitstellen. „Voor het eerst in jaren voel ik me helder en superrustig.”

Hij heeft iemand gered van dat waar zijn vader aan overleden is, en mede daardoor gaat het nu beter met hem, zegt hij. „Het is nu eens een keer goed afgelopen.” In het ziekenhuis bleek dat de student zich niet verslikt had, maar dat hij niet ademde omdat hij een elektrische schok had gekregen toen hij zijn computer wilde herstarten.

Wat Krooshof heeft geholpen om te genezen, zegt hij, is dat de moeder van Jord bij hem heeft aangebeld en hem heeft bedankt. „Ze zei dankjewel, maar de blik in haar ogen was nog belangrijker. Ik zag dat zij wist wat ik haar had bespaard. En dat heeft me erg goed gedaan.”

Lees ook: Wie wil weten hoe een therapeut te werk gaat, moet dit boek lezen

Krooshof is nu in de afrondende fase van therapie. „Als mijn vader goed was begeleid en rustiger was gestorven, was ik niet zo lang uit de roulatie geweest. Al die therapie en de maanden dat ik niet kon werken, hebben de maatschappij geld gekost.” Toen zijn moeder in 2014 overleed heeft hij ervaren dat het ook anders kan. „Er is genoeg kennis over hoe je mensen comfortabel kunt houden en de dood zachter kunt laten verlopen”, zegt hij. Als zijn vader vreedzaam was gestorven, was het trauma bij hem minder groot geweest, denkt hij.

Hoe gaat hij om met de kerstdagen sinds zijn ouders er niet meer zijn? Vorige week vierde hij Kerst met vrienden, de tweede dag ging hij naar zijn zus en haar gezin. „Sinds mijn moeder is overleden, voel ik me ontslagen van de zwaarte rond Kerst. Ik kan nu genieten van de feestdagen. Het was hun zwaarte, niet die van mij. Ik weet nu: ik ben geen eigenaar van hun angst.”