Interview

‘God wilde mij op die foto’

Alaa Salah Een foto van een jonge Soedanese vrouw die bij een demonstratie een gedicht voordroeg, ging begin april de wereld over. Drie dagen later trad de president af.

Alaa Salah, een Soedanese studente van 22, klimt op het dak van een witte Geely, een Chinees automerk. Ze steekt haar wijsvinger in de lucht – en wordt zo het gezicht van een revolutie.

De foto is iconisch en vol symboliek. De witte sari die Salah draagt verwijst naar de kleding van vrouwelijke Soedanese ambtenaren. Haar oorbellen, maanvormig en goudkleurig, zijn een ode aan vorige generaties: ze worden traditioneel langs de vrouwelijke lijn doorgegeven.

De demonstraties tegen het dictatoriale en streng islamitische regime van de Soedanese president Omar al-Bashir begonnen in december 2018. Hij was toen al bijna dertig jaar aan de macht. Economisch ging het steeds slechter, er was een tekort aan medicijnen, mensen stonden uren in de rij voor benzine, brood werd duurder.

Het begon met zo’n vijfhonderd demonstranten in hoofdstad Khartoem en groeide binnen een paar maanden uit tot een protest van honderdduizenden, ook buiten de hoofdstad. In april trad Bashir af. Justitie in Soedan gaat onderzoek doen naar misdaden in de westelijke regio Darfur onder zijn bewind, werd deze week bekend. Het Internationaal Strafhof in Den Haag klaagde hem in 2008 al aan voor oorlogsmisdaden.

Salah belichaamde de prominente rol van vrouwen in het protest tegen Bashir. Ze wordt in eigen land ‘Kandake’ genoemd: een benaming voor een Afrikaanse koningin in het oude Soedan.

Het is september, vijf maanden na de foto, en Salah zit in de nis van een Turkse banketbakker in Khartoem. Een honingzoete geur trekt door de zaak. Vlak voor het gesprek wil iemand nog een selfie met haar. Ze knikt vriendelijk en glimlacht naar het telefoonscherm. Haar bordeauxrode lippen matchen met haar hoofddoek. Ze groet met een omhelzing, ze is frèle, heeft grote donkere ogen.

Hoe voelt het om het gezicht van een volksopstand te zijn? En wat ging er vooraf aan die foto?

Begin van het protest

Soedan ligt tussen zwart Afrika en het Midden-Oosten en is altijd onderhevig geweest aan invloeden uit alle windrichtingen. Het leidde tot een cultuur die noch Arabisch, noch Afrikaans is. Bashir zaaide sinds zijn aantreden, in 1989, verdeeldheid en veranderde Soedan van een gematigd islamitisch land in een conservatieve staat – tegen de wil van veel Soedanezen. Er vielen een half miljoen doden bij zijn strijd tegen opstandelingen in Zuid-Soedan, met een afscheiding in 2011 als gevolg. In Darfur bestreed Bashir de zwarte Afrikaanse inwoners, waarbij 200.000 doden vielen.

Bashirs regime leek weinig te geven om het lot van de bevolking. Wie in verzet kwam, werd vastgezet. Tot de economische problemen zich in 2018 opstapelden en steeds meer mensen de straat op gingen. Vooral jongeren die met diploma’s op zak werkloos thuis zaten, voelden zich aangesproken en sloten zich aan.

In december 2018 werd ook geprotesteerd op de universiteit van Salah, toen vierdejaars architectuurstudent. In het land werd door veiligheidsdiensten geschoten op demonstranten, onder wie studenten. „Mijn studiegenoten en ik wilden niet in het klaslokaal lessen volgen terwijl het regime studenten doodde.” Ze sloot zich aan. „We riepen: ‘No education in a bad situation.’” Niet lang daarna waren de klaslokalen leeg. Meerdere universiteiten, ook die van Salah, werden gesloten.

Sindsdien is ze niet meer naar school gegaan.

Alaa Salah draagt het gedicht voor, april 2019. Foto Lana Haroun/ AFP

Begin 2019

Ook in 2013 eisten demonstranten het vertrek van Bashir, maar hun organisatie, vooral op sociale media, miste kracht. Begin 2019 spreken mensen in WhatsApp- en Facebookgroepen met elkaar af. Dagelijks lopen de straten in Khartoem vol met mensen die geloven dat het einde van het tijdperk-Bashir in zicht is. Salah doet volop mee. „Ik wist niet hoelang het zou duren voor Bashir het veld zou ruimen, maar wel dát het ging gebeuren”, zegt ze achteraf. De 75-jarige autocraat was al leider van Soedan toen zij en veel andere demonstranten nog niet geboren waren. Er is iets veranderd in de houding van haar generatie, ziet ze. Hoop op een betere toekomst was er jaren niet, „maar ineens zag ik moed in hun ogen”.

De demonstraties worden groter en beperken zich niet tot Khartoem. Op sommige dagen komen duizenden mensen samen. De veiligheidsdiensten arresteren honderden mensen en schieten met traangas. Half januari zijn er 24 doden gevallen. Maar het houdt mensen niet tegen. Salah: „Ondanks de doden, de mishandeling van demonstranten, stonden we daar toch weer íedere dag.”

Tot maart 2019 zijn vooral jongeren betrokken bij het protest. Om ook de oudere generatie te overtuigen van de noodzaak van verzet, komen vrouwelijke studenten uit Khartoem met een idee: laat vrouwelijke demonstranten witte sari’s dragen. Salah: „Dat is wat vrouwelijke ambtenaren aandoen naar hun werk. We dachten: als we demonstreren in hun werkkleding, trekken we hun aandacht. Dan willen ze weten wie we zijn en waarom we kleding dragen die zij ook dragen.”

De sari deed ze voortaan iedere dag aan. „Echt iedere dag, ja”, zegt ze lachend, „ik had er meerdere.” Ze organiseren marsen ter ere van de rol die vrouwen bij het protest spelen. Een witte golf van sari’s trekt die dagen door de hoofdstad. „Door Bashirs conservatieve regime was voor de buitenwereld het beeld ontstaan dat wij vrouwen thuis zaten om voor de kinderen te zorgen. We konden eindelijk laten zien waar we toe in staat waren.”

Op sommige dagen bestaat het protest voor meer dan tweederde uit vrouwen, melden nieuwsmedia.

Alaa Salah tijdens het voordragen van het gedicht dat hier te luisteren is.

Foto Lana Haroun/ AFP

April, mei, juni

In de eerste week van april komen de demonstranten samen op een plein voor het militaire complex van de regering. Het leger heeft veel macht, maar de militairen lijden ook onder de economie. Salahs medestanders proberen militairen die aankomen bij hun werk te overtuigen zich bij het protest aan het sluiten. Met succes: plukjes militairen voegen zich bij de demonstranten.

Mensen doen via Facebook live verslag van de demonstraties. Zodra de politie iemand hardhandig aanpakt, legt iemand het vast. Beelden van mishandelingen van demonstranten worden overal in Soedan bekeken. De protestbeweging groeit en groeit. Tienduizenden mensen gaan nu de straat op. De demonstraties halen wereldwijd het nieuws. Geld verstuurd vanuit de Soedanese diaspora in Europa en Noord-Amerika sterkt de demonstranten verder.

Sympathisanten brengen eten naar de demonstranten, of helpen de straten schoon te vegen na een protest. Er worden liters bloed gedoneerd bij het ziekenhuis, om gewonde demonstranten te helpen. Buitenlandse media sturen journalisten, die voor hun camera’s verslag doen van een protest dat steeds meer in een volksopstand verandert.

„Op het plein hadden we allemaal één taak”, zegt Salah. „Iedereen deed waar hij of zij goed in was.” Zij enthousiasmeerde de menigte, met een politiek gedicht waar ze gek op was.

Hoe gaat het gedicht? Kent ze het nog? Ze lacht verlegen. „Natuurlijk ken ik het uit mijn hoofd.”

Terwijl ze het gedicht voordraagt in de banketbakkerij, wordt het om haar heen stil. Er gebeurt iets met haar gezicht. Ze legt extra nadruk op sommige woorden, alsof ze weer op die auto staat. De tranen springen in haar ogen. „Het is niet de kogel die doodt, maar de stilte van de mensen”, begint ze. „Ze vermoordden ons in de naam van religie, ze verbrandden en onderdrukten ons in de naam van religie, maar religie was onschuldig aan alles wat zij hebben gedaan.” Het gedicht gaat tweeënhalve minuut door.

Lees ook de column van Carolien Roelants: Temidden van vrolijk protest kiepert Libanon de afgrond in

Maandag 8 april

Op maandag 8 april trekt ze weer een witte sari aan. Ze doet haar gouden oorbellen in. Rond zes uur in de avond, vlak na het gebed, springt ze op de witte Geely en begint ze weer aan het gedicht dat ze honderden keren heeft voorgedragen. Een vrouw begeleidt haar op een trommel.

De menigte beweegt zich rondom de auto, vrouwen en mannen openen Facebook op hun telefoon en streamen live wat er gebeurt. „Ik concentreerde me zó op de tekst van het gedicht dat ik niet doorhad dat er foto’s van mij werden gemaakt.”

Een paar uur later wordt ze gebeld door een vriendin. „Ze vroeg of ik het was, op de foto die viral ging op Facebook. De volgende dag werd ik gebeld door enorm veel journalisten.” „Ben jij het meisje van het witte gewaad”, vroegen ze haar. Onder meer The New York Times en The Guardian schrijven over de kracht en de symboliek van de foto.

Ze giechelt.

„Ineens was ik het gezicht van de revolutie.”

Fotograaf Lana Haroun, die de foto nam, zei tegen CNN dat Salah op de foto „alle Soedanese vrouwen en meisjes vertegenwoordigde”. Ze inspireerde de aanwezigen bij het protest. „Ze was perfect.” Salah: „God wilde mij op die foto. Hij wilde dat ik het gezicht zou worden van de beweging.”

Ze nam zichzelf voor tijdens die interviews niets te zeggen over haar privéleven; het moet uitsluitend gaan over de revolutie. En als haar naar de liefde werd gevraagd? Of ze nu bijvoorbeeld vaker ten huwelijk wordt gevraagd? „Ja”, zegt ze lachend, „dat gebeurt nu wel veel meer.”

De foto legde ook druk op haar. „Ik was steeds bang dat ik niet het juiste zou zeggen.” Mensen gingen met haar naam aan de haal. Op Twitter deden mensen zich als haar voor. Óf de profielen werden gemaakt uit jaloezie, zegt ze, óf het waren pogingen van het regime om haar in diskrediet te brengen.

In de zomer sprak ze in Marokko en Zuid-Soedan op conferenties over de Soedanese opstand en de rol van vrouwen daarin. Ze gaf workshops over revolutie voeren. „Ik benadruk dat je in een beweging moet blijven geloven, ook na een tegenslag, ook als de weg vol obstakels ligt.”

Het is uiteindelijk een groep militairen, oude vrienden van Bashir, die hem in april uit de macht ontzetten. De demonstranten eisen een burgerregering en blijven protesteren. In de vroege ochtend van 3 juni komt het tot een bloedig dieptepunt: een Soedanese militie die nauwe banden onderhoudt met de Golfstaten doodt meer dan honderd mensen. Er worden ook vrouwen verkracht.

Juli, augustus, september

De militaire machthebbers zeggen niets te maken te hebben met wat er die nacht is gebeurd. In de periode erna wordt druk onderhandeld tussen de burgerbeweging en de militairen. Begin september, een paar dagen voor het NRC-gesprek met Salah, komt het tot een akkoord. De demonstranten hebben bewezen door te gaan als ze hun zin niet krijgen. In het akkoord staat dat een burgerpremier het kabinet zal leiden, waarin militairen de posten Defensie en Binnenlandse Zaken bezetten. Van de driehonderd zetels in het parlement is tweederde bestemd voor burgers. Na drie jaar volgen verkiezingen.

Salah is tevreden. „De regering bestaat voor een groot deel uit burgers, ook vrouwen. Nu moeten we zien of de regering de economie en de positie van vrouwen kan verbeteren. Als het anders loopt dan we willen, staan we zo weer met z’n allen op straat.”

Veel jonge Soedanezen, door heel het land, hebben zich sinds het protest aangesloten bij buurtraden. Ze bouwen hun land op, vrijwillig. Sommigen halen af en toe vuilnis op, anderen repareren scholen die in verval zijn geraakt. Salah werkt met andere architecten aan een waterafvoersysteem.

Oktober, november, december

Dat Salah ook maanden na de foto niet vergeten is, blijkt op 18 oktober uit een opiniestuk van Ellen Johnson Sirleaf, de oud-president van Liberia en het eerste vrouwelijke staatshoofd van Afrika. „Soedanese vrouwen stonden vooraan in deze beweging voor democratie en verandering”, schrijft ze in The New York Times. De foto van Salah illustreert volgens Johnson Sirleaf „de revolutionaire macht van de vrouwen van het land”. De beweging was voor Johnson Sirleaf tekenend voor de toenemende deelname van Afrikaanse vrouwen aan het politieke proces.

Lees ook: Het nieuwe Soedan is van en voor de Soedanezen

Op 29 oktober spreekt Salah op uitnodiging de VN-Veiligheidsraad toe. „Na tientallen jaren van strijd en alles wat we riskeerden om de dictatuur van Bashir vreedzaam te beëindigen, zal genderongelijkheid nooit aanvaardbaar zijn voor de vrouwen en meisjes van Soedan. Ik hoop dat het even onaanvaardbaar is voor de leden van deze Kamer.”

Wat ziet ze als ze nu naar die foto kijkt? Zichzelf, of een symbool? „Niet mijzelf nee, ik zie de kracht van de Soedanese vrouwen. Ik ben blij dat mensen over de hele wereld van ons bestaan afweten.” Over drie jaar zijn er verkiezingen in Soedan. Dan zijn er weer nieuwe politici nodig. Iets voor haar?

„Nee”, zegt ze direct, glimlachend. „Ik ben geen politicus. Niet voor de revolutie, niet tijdens, en ook nu niet. Ik zal altijd liever op straat staan.”

Luister hier de voordracht van Alaa Salah: