De dagelijkse stroom van techtoeristen

Een enkel bezoekje aan Stanford is niet genoeg om politici over technologie bij te spijkeren.

‘Techtoeristen’ stromen dagelijks de Stanford-campus en laboratoria binnen. Niet alleen families van studenten lopen hier trots rond: ook ministers, wethouders en delegaties uit het bedrijfsleven op zoek naar de laatste inzichten in kunstmatige intelligentie, zelfrijdende auto’s en nanotechnologie komen langs. Een delegatie uit Wenen is op studiereis en positioneert zich als ‘ innovatiefste stad van Europa’, en een organisatie die academische beurzen beschikbaar stelt, hoopt op samenwerking met universiteiten in Zweden. Bij andere kennisinstituten wordt het nut van deze politieke bezoekjes niet altijd gezien. Waarom zou je tijd spenderen aan zaken die niet bijdragen aan wetenschappelijke of persoonlijke ambities?

Stanford staat vooral bekend om zijn technologische expertise. De afgelopen jaren werden informaticavakken zo dominant, dat hoogleraren en universiteitsbestuur zich zorgen maken over de balans met sociale en geesteswetenschappen. Op de meeste Europese universiteiten gaat de inhaalslag juist de andere kant op en wordt naarstig in technologische kennis en artificial intelligence (AI) geïnvesteerd. Van de afgestudeerden aan Stanford heeft 90 procent minimaal één vak in computerwetenschappen gevolgd. Studenten die zich volledig storten op informatica hebben moeite met vragen die niet alleen met ‘ja’ of ‘nee’ beantwoord kunnen worden.

Een initiatief om ethiek en multidisciplinair onderzoek deel te laten uitmaken van alle studierichtingen, moet zorgen voor nieuw evenwicht: dit zou de maatschappelijke aansluiting vergroten. Maar of Stanford-studenten hier echt zin in hebben, is de vraag.

Tijdens het populaire vak ‘inleiding in de computerwetenschap’ wordt de les over ethiek veelal geconsumeerd als levertraan, en horen studenten tussen de regels door dat ethiek vooral géén obstakel moet zijn voor interessant onderzoek.

In politieke debatten is ethiek juist het toverwoord bij problemen rondom kunstmatige intelligentie, en wordt dit door het bedrijfsleven ook gepresenteerd als medicijn tegen onbedoelde uitwassen van hun door AI gestuurde diensten.

Negatieve effecten van algoritmen voorkomen is één ding, maar een nog grotere vraag is of politici en beleidsmakers wel voldoende toegang tot informatie hebben om kunstmatige intelligentie en andere nieuwe technologische toepassingen te begrijpen. In het Europees Parlement zag ik hoe techbedrijven wezenlijke informatie hooguit onder grote druk delen: zij werken meestal in het belang van innovatie of bedrijfswinst, niet voor het publieke belang.

Het gat dichten tussen politiek beleid en de laatste technologische ontwikkelingen zal niet lukken als de belangstelling van politici voor technologie niet wordt beantwoord door interesse van techexperts in de politiek en de rest van de wereld. Stanford-studenten zijn nauwelijks geïnteresseerd in studeren of stage lopen in het buitenland.

Intussen benoemen Denemarken en Canada ‘technologieambassadeurs’ om de betrekkingen met Silicon Valley permanent vorm te geven. In Washington of Brussel zijn de technologiebedrijven ook goed vertegenwoordigd, maar dan vooral door lobbyisten, aan wie jaarlijks miljoenen worden uitgegeven.

Een enkel bezoekje aan Stanford is niet genoeg om politici bij te spijkeren met onpartijdige informatie over technologie. Andersom kan de verbinding van politieke hubs als Washington en Brussel met experts uit Silicon Valley veel beter.

In elk geval weet Stanford dat een goede balans tussen technologische vakken en andere disciplines nodig is om ingenieurs beter op te leiden. En voor Europese universiteiten ligt de kans open om in de AI-inhaalslag onderwijs direct met politiek en maatschappij te verweven. Het vinden van dat evenwicht kan Europa zelfs tot een populaire bestemming voor tech- en beleidstoeristen maken.

Marietje Schaake, voormalig Europarlementariër, werkt voor de Stanford University, waar ze zich vooral bezighoudt met kunstmatige intelligentie. Ze schrijft een tweewekelijkse rubriek over leven en werken in Silicon Valley.