Recensie

Recensie Boeken

Een knetterend debuut over generatieconflicten

Babyboomer Arthur is een wat grauwe docent aan een niet al te hoog aangeschreven universiteit. Omdat hij weet dat zijn millennial kinderen hem uit de financiële problemen kunnen helpen nodigt hij ze uit.

Het is jammer dat de debuutroman De weldoeners van Andrew Ridker (1991) pas halverwege echt tot leven komt, want ik kan me voorstellen dat lezers daarvoor al zijn afgehaakt tijdens de uitgebreide, in tijd en plaats verspringende aanloop naar wat de echte thema’s van dit boek blijken te zijn. Een diepgeworteld generatieconflict, zoeken naar zelfontplooiing, falend vaderschap en geld, altijd weer geld.

Maar wanneer er halverwege leven ingeblazen wordt gebeurt dat ook goed, en wel wanneer Arthur Alter, een wat grauwe docent aan een niet al te hoog aangeschreven universiteit, zijn beide elders in het land wonende kinderen, uitnodigt bij hem op bezoek te komen. Zowel hij als zijn rebelse dochter Maggie zijn weldoeners, altruïsten in hun eigen ogen; maar Arthurs idealistische project om ooit de bewoners van Zimbabwe van goed sanitair te voorzien kent een hopeloze afloop. En met Maggies hardnekkige weigering werk te doen dat ook geld oplevert is ook al niemand gebaat, of het moet een van de jongens zijn aan wie ze bijles geeft en die in haar de ideale sparring partner voor zijn gevechtssport meent te zien. De onderliggende motivatie voor Arthurs uitnodiging is dat zijn overleden vrouw Francine een geheim fortuin heeft vergaard dat ze, kort voor haar dood en op de hoogte van Arthurs overspel, aan de kinderen heeft nagelaten.

Joodse bruiloft

Arthur is niet alleen een slechte vader, zo wordt hem in een van de terugblik-hoofdstukken door zijn vrouw aan het verstand gebracht, maar ook een klungel, dat maakt de auteur meer dan duidelijk. In een poging te laten merken dat hij de homoseksualiteit van zijn uiterst meegaande zoon Ethan accepteert, trakteert hij hem op een voorstelling van Het Zwanenmeer. Want homo’s = ballet. Ook is hij vergeten dat zijn dochter vegetariër is, en begrijpt hij niet echt waarom ze in zijn favoriete biefstukkenrestaurant alleen maar water nuttigt. Maar hij weet dat ze hem uit zijn financiële problemen kunnen helpen – en dat levert knetterende scènes op. Het is dan echt heerlijk lezen, vooral in enkele voortreffelijk geënsceneerde taferelen op een joodse bruiloft en op de tribune bij een honkbalwedstrijd.

Ridker vertelt het allemaal in een meer dan prettige, zeker voor een 28-jarige, uitermate trefzekere en humoristische (soms naar sarcasme neigende) stijl, met veel aandacht voor uitwassen van de Zeitgeist. Hij portretteert ouders en kinderen met nuance, vooral in een treffend en bijna ontroerend slothoofdstuk, waar een hardere confrontatie makkelijk opnieuw op de loer had kunnen liggen.