‘Spaartaks’ in 2015 in strijd met eigendomsrecht

Vermogen Het gat dat de Hoge Raad schoot in de ‘spaartaks’ over 2013 en 2014, geldt volgens het gerechtshof ook voor 2015. Maar compensatie is niet evident.

Foto Getty Images

De vermogensrendementsheffing (‘spaartaks’) die veronderstelt dat belastingplichtigen jaarlijks 4 procent rendement op hun vermogen maken, is bij lage marktrentes in strijd met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). Dat staat in een ongepubliceerde uitspraak van het gerechtshof Den Haag over belastingafdracht in 2015 die in bezit is van NRC.

Met de uitspraak van vorige week sluit het gerechtshof aan bij een uitspraak van de Hoge Raad over dezelfde thematiek. De hoogste rechter oordeelde in juni dat de vermogensrendementsheffing in 2013 en 2014 strijdig was met het EVRM. Volgens het hof geldt dit nu ook voor 2015.

Door de historisch lage rentes is het de afgelopen jaren voor menig vermogend particulier haast onmogelijk om zonder hoge risico’s het door de fiscus veronderstelde rendement van 4 procent per jaar te behalen.

De Hoge Raad oordeelde daarom dat de vermogensrendementsheffing (30 procent over het vermeende rendement van 4 procent) in 2013 en 2014 in strijd was met het „recht op ongestoord genot van eigendom” zoals vastgelegd in het EVRM.

Lees ook dit vragenstuk over de uitspraak van de Hoge Raad

Volgens het gerechtshof Den Haag geldt dit dus ook voor het jaar 2015. Doordat de fiscus in 2015 meer belasting hief over vermogen dan dat burgers als gemiddeld rendement eruit wisten te slepen, was er „op stelselniveau” sprake van een schending van het eigendomsrecht.

Aangezien de rente ook na 2015 hard is gedaald, is het waarschijnlijk dat rechters in toekomstige procedures ook voor recentere periodes tot dezelfde conclusie zullen komen.

Dat wil niet meteen zeggen dat alle belastingbetalers ook compensatie van de fiscus krijgen. Volgens de Hoge Raad dienen individuele belastingbetalers daartoe bij de rechter aannemelijk te maken dat zij „een buitensporig zware last” hebben gedragen.

In de zaak bij het gerechtshof Den Haag slaagden de belastingbetalers daar niet in. Volgens hun fiscaal adviseur Cor Overduin, is het niettemin een belangrijke uitspraak. „Het hof concretiseert hiermee de uitspraak van de Hoge Raad”, zegt hij.

In september presenteerde het ministerie van Financiën plannen voor een grote verandering van de vermogensrendementsheffing. De fiscus wil vanaf 2022 uitgaan van de daadwerkelijke in plaats van de veronderstelde samenstelling van het vermogen in spaargeld en beleggingen.

Lees ook dit stuk over hoe het kabinet de vermogensrendementsheffing wil veranderen