Foto Merlijn Doomernik

Interview

‘Ik zie op Instagram waar mijn moeder is’

Intussen thuis Toen Shabnam Ashkar (36) jong was, had ze nog gewoon speelgoed. Dochter Julia (5) heeft een telefoon.

Julia Masha (5) pakt haar telefoon. „Het is een makkelijke code”, zegt ze. Ze wiebelt met haar vingertje over het scherm en opent de familiegroepsapp. Daarin deelt ze de hele dag spraakberichten, voornamelijk met haar opa. De rest van het gezin wordt er gek van. „Kijk”, zegt ze, terwijl ze laat zien dat ze haar eigen naam al kan typen. Ze drukt op ‘send’.

„Of het leuk is dat ze dat kan, weet ik niet hoor”, zegt haar moeder Shabnam Ashkar (36). „Ze kan nog niet eens lezen.” Shabnam heeft een eigen beautysalon en is social influencer. Misschien mede daardoor zit ondertussen het hele gezin, Julia incluis, op Instagram.

„Toen ik jong was, bestond al die techniek niet. Ik had nog gewoon speelgoed.” Ze wijst naar haar dochter. „Zij wil helemaal geen speelgoed.” Een goedkoop kind, grapt ze. Toch vindt Shabnam het vooral zonde. „Julia zei laatst: in de poppenhoek heb ik een spelletje gespeeld dat niet bestaat. Dat is nou fantasie, zei ik.”

Grote broer Farhan (15) en zus Sophia (10) hebben allebei sinds hun achtste een telefoon. Dat hun jongere zusje drie jaar eerder was, viel niet goed bij de twee. „Maar nu ben ik wel blij voor haar dat ze een eigen telefoon heeft, ze moest altijd op die van papa”, zegt Sophia.

Lees ook: De ver-apping van de wereld

Sophia gebruikt haar telefoon zelf graag. „Voor spelletjes, want hij heeft meer geheugen dan mijn iPad, maar ook om contact te houden met papa en mama.” „Nou,” zegt Shabnam, „of gewoon drie uur bellen met vriendinnen.” „Dat is toch ook contact houden met mensen”, zegt Sophia.

Farhan gebruikt hem eigenlijk alleen maar om contact te houden met vrienden. „En soms moet ik natuurlijk even op Snapchat kijken, anders denken ze dat ik onder een steen leef.” Met zijn ouders appt hij misschien twintig keer per jaar. „Maar geen verhaaltjes ofzo.”

„Hij appt alleen als de kaas op is”, zegt Shabnam. Zijn moeder legt haar hand op zijn arm. „Gaat het ooit gebeuren dat je me appt voor gezellige dingen? Hé mam, hoe is het? Hoe laat kom je thuis? Ik mis je? Zoiets?”

Als hij eraan toe is om in het weekend te gaan stappen, wil ze dat hij een app op zijn telefoon zet die haar laat weten waar hij uithangt. „Dat vind ik echt niet fijn”, zegt hij. „ Je kunt toch appen? Ik ga soms naar plekken die gewoon privé zijn.” Naar vrienden bijvoorbeeld, voegt hij er snel aan toe. „Geen tracker, dan ook geen nieuwe iPhone”, zegt Shabnam.

Sophia gebruikt haar moeders Instagram-account als tracker. „Als ik niet weet waar ze is, kijk ik gewoon even naar haar verhaal”, zegt ze. Ze vindt wel dat haar moeder thuis ook veel op haar telefoon zit. „Soms wil je gewoon met je moeder praten. Maar ik kan ook niet zeggen dat ik er last van heb, want het is haar werk en het maakt haar gelukkig.”

Beschaamd zegt Shabnam gemiddeld acht uur per dag op haar telefoon te zitten. „Bizar. Vroeger zouden we in een deuk hebben gelegen als iemand zou zeggen dat we nu een snoerloze telefoon hebben.” De vooruitgang gaat zo snel dat ze al verschil ziet tussen Farhan en Julia, zegt ze. „Toen hij jong was, was een telefoon een super big deal. Hij had in zijn stoutste dromen niet kunnen verwachten dat hij er een zou krijgen.”

Zijn jongste zusje daarentegen claimde er gewoon een. Ze straalt, nu ze haar telefoon in haar handen heeft. „Een tijdje geleden gingen we uit eten, en toen moest ze eerst een foto van haar pizza maken om naar opa te appen”, zegt Shabnam. „Ze is vijf hè!”

Als Julia er niet uitkomt, omdat ze niet kan lezen bijvoorbeeld, spreekt ze Siri of Google aan. „Ja”, zegt Farhan met enige verontwaardiging in zijn stem. „Dan zeg ik iets tegen haar en dan zegt ze: zie je niet dat ik aan het praten ben? Omdat ze met haar telefoon in gesprek is.”