Reportage

‘Ik stel de mensen gerust en zeg dat twee uur all you can eat écht tijd zat is’

Vrije tijd Onze vrije tijd wordt gedomineerd door de all-in-hype: onbeperkt series kijken, online shoppen, vliegen, recreëren en vooral: onbeperkt eten. „Ik stel de mensen gerust en zeg dat twee uur all you can eat écht tijd zat is.”

Illustratie Olf de Bruin

Pahaap, mag ik op de iPad? Mag ik op de telefoon? Ronald Hoppzak, vader van een zoon en een dochter, tevens mede-eigenaar van een groot vakantiepark in de Limburgse Peel, was er wel klaar mee. Hij vroeg zich af: hoe krijg je kinderen weer in beweging? „Hoe breng je de digitale wereld terug naar de bestaande?”

Hoppzak, een energieke veertiger in roze overhemd, dacht ook aan zijn eigen vakantiepark. Mensen wachten niet meer tot het hoogseizoen om twee weken te vertoeven in een bungalow. Ze willen het hele jaar dóór „beleving” en wel meteen, on demand. Daar moet je als ondernemer op inspelen, door het recreatieseizoen te verlengen – „één van de keywords”.

Eerst dacht hij aan de bouw van een indoorspeeltuin, die rezen de afgelopen jaren als paddestoelen uit de grond. Of een trampolinepark. Maar daar komt de vrijetijdsconsument z’n bed al niet meer voor uit. Een bezoek moet voelen als een erváring, die je wilt delen met anderen op een verjaardag. Of liever nog op Facebook.

En toen dacht hij aan de bouw van een Angry Birds-park, ontworpen naar dat verslavende spelletje op je telefoon. Zulke parken heb je al in Finland en Rusland en hij nam contact op met de bouwer. Maar toen begreep hij dat je, om als ondernemer uit de kosten te komen, voor een experience van twee uur moet rekenen op een toegangsprijs van 25 euro. En dat gaat ’m in Nederland niet worden. „Hier wil de consument voor die prijs een hele dág fun.”

En zo creëerde Hoppzak zijn eigen wereld, op een plek waar tot vorig jaar nog koeien en schapen stonden. Een Fun & Entertainment Center grenzend aan zijn vakantiepark De Schatberg in het Limburgse Sevenum. Een witte hal die op afstand oogt als een distributiecentrum van Bol.com, gelegen aan een N-weg tegenover de McDonald’s, Kentucky Fried Chicken en LaPlace. En ook hier kun je eten, all-inclusive in elf restaurants tegelijk. Een hal met drie „concepten” voor jong en oud.

„Kom mee!”, zegt Hoppzak, wrijvend in zijn handen. „Even rondlopen.”

De mens is een gewoontedier

Vraag onderzoekers hoe de vrijetijdsbesteding de afgelopen tien jaar is veranderd en ze tonen grafieken met horizontale lijnen. De mens is een gewoontedier dat hecht aan het vertrouwde, aan het ritme van de dag, weten ze bij het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Grenzen tussen werk en ontspanning vervagen weliswaar door de komst van laptops en smartphones, maar de trend is nog altijd: werken overdag en ’s avonds hangen op de bank, want dan ben je moe.

Wáár je dan naar kijkt, vanaf de bank, dat verandert. Tien jaar geleden tv, nu óók Netflix en op je smartphone. Maar het totale mediagebruik is vrijwel niet toegenomen. En het sporten? Ja, iets. Fitness, hardlopen. De flexibele, individuele sporten. En dat ook niet overal. We doen nu wel iets meer activiteiten op een dag dan in het vorige decennium. Maar het idee dat we in een ‘speed-up society’ leven waarin we worden opgeslokt door drukte, is wetenschappelijk nooit aangetoond – en blijkt vooral een suggestie van mensen die het zélf heel druk hebben.

Gedragsverandering verloopt dus trager dan je denkt. Maar wat wél verandert is de markt voor vrijetijdsbesteding. Die is concurrerender dan ooit. En na een paar magere jaren rond de crisis nam de besteding voor een dagje uit toe van zo’n 13 euro per persoon aan het begin van het decennium tot bijna 19 euro aan het eind. Daarvan gaat het grootste deel op aan winkelen en consumpties.

Escaperooms! Indoor jeu de boules!

Vraag maar aan Hans van Leeuwen, eigenaar van adviesbureau Pleisureworld in Elst. Hij adviseert recreatieondernemers in moeilijkheden, die de tijdgeest niet hebben aangevoeld. En als je hem belt, houdt hij niet meer op met praten. „Even dan, want ik heb het onménselijk druk! Gister zat ik nog op Texel, morgen in Londen en nu ben ik onderweg naar een speeltuinleverancier die nog wipkippen verkoopt. Terwijl, het gaat nu om entertainment. Escaperooms! VR! Indoor jeu de boules! Vakantieparken worden pretparken, pretparken vakantieparken!”

In de sterk concurrerende vrijetijdsmarkt, zegt Van Leeuwen, draait alles om „beleving, storytelling”. Naar de bioscoop? In 3D, of liever nog 4D. Naar het museum? Alleen met VR-bril. Naar de sauna? Dan wel met geurbeleving en muziek. Een wandeling in het bos? Een klímbos. En daarna een pannenkoek. Of liever nog een crêpe. Met een kneepje limoen, geserveerd vanuit een foodtruck.

Passé zijn het circus, de kermis, het ‘gewone’ winkelcentrum. Liever doen we aan „runshoppen” op de meubelboulevard, „showshoppen” in de binnenstad van Den Bosch en voor „retailtainment” gaan we naar de outlet in Roermond. Daar komen al meer bezoekers dan in de Efteling.

De zwembaden hebben het moeilijk, zegt Van Leeuwen, net als de tennishallen, de golfparken. „Geef de mensen eens ongelijk: wie wil er nou nog achttien holes wachten op z’n biertje?” Nee, dan liever een potje glowgolf in het donker met een bitterbal in de hand. Vorige week nog was Van Leeuwen op een vrijetijdsbeurs in de VS, waar hij de opkomst zag van E-sport-centers: met vrienden „in een kroegsetting” een tafel huren om samen de hele avond Fortnite of FIFA te spelen. „Dat komt allemaal hierheen.”

‘Geef de mensen eens ongelijk: wie wil er nou nog achttien holes wachten op z’n biertje?’

„Kijk, dit is de bedoeling”, zegt Ronald Hoppzak in zijn Fun en Entertainment Center in Sevenum. Hij wijst naar een moeder in roze tutu, haar kinderen in het decor van Angelina Ballerina, een tv-serie over een dansende muis. Vader maakt vanaf de zijlijn een foto met zijn telefoon.

Dit concept, voor de allerkleinsten, is van speelgoedfabrikant Mattel. Het idee: ouders en kinderen spelen samen in een ‘wereld’ die ze kennen van de tv. „Learning en roleplay.” En alles is op ware grootte, zodat het „aansluit bij de beleving”.

Hoppzak toont de wereld van Bob de Bouwer, waar een kind met geel helmpje een kruiwagen voortduwt. En de wereld van Brandweerman Sam, waar een vader in de kajuit de brandweerboot bestuurt, geen kind te zien. „Vaders zijn wat terughoudender,” zegt Hoppzak, „maar als ze eenmaal los zijn laten ze zich helemaal gaan”.

„En hier worden complete afleveringen nagespeeld”, zegt Hoppzak in de wereld van Thomas de Trein. Herkenning, daar draait het om. Het moet precies zo lijken als op tv. En dus moest Cranky de Kraan drie keer terug naar de fabriek omdat z’n neus niet klopte. Fabrikant Mattel is perfectionistisch, zegt Hoppzak. Het was „een hell of a job om dit door de branding heen te krijgen”.

Opel Kadett of BMW

Het Family Entertainment Center in Sevenum ligt aan een recreatieplas zoals je er in Nederland talloze hebt. Ze werden uitgegraven in de jaren 60 voor de bouw van snelwegen en woonwijken en vulden zich met water. Mensen gingen er zwemmen, er ging een hek omheen, er kwam een hokje voor de entree, een frietkot, een kroegje, en zo verrees ook camping De Schatberg rondom een plas.

In 1995 nam de familie Hoppzak het park over en breidde uit tot honderd hectare vakantiepark met 1.200 plaatsen, inclusief restaurants, bowling, squash, een klimpark, een zwemparadijs. De familie had eerder een camping in Utrecht en zag de vraag veranderen. Hoppzak: „Vroeger wist je: de familie met de Opel Kadett gaat kamperen, die met de BMW kiest de bungalow. Maar nu loopt alles door elkaar. Mensen slapen de ene keer in een duur hotel, de andere keer in een tent. Het is maar net de beleving die ze op dát moment zoeken.”

En wie had gedacht dat nu ook de 75-plussers met hun camper het park op komen rijden? De seniorenmarkt is erbij gekomen. En iedereen komt nu door het jaar heen. Mensen hebben meer tijd, meer geld, of in ieder geval meer creditcards, en dus meer „beslismomenten”. Hoppzak ziet het aan de reserveringen voor zijn restaurants. Veel gezinnen besluiten nog op de dag zélf om uit eten te gaan. Al gauw twee keer per maand. „In mijn jeugd was dat twee keer per jáár.”

En elk moment kan de behoefte weer veranderen. Dan wil de recreant weer iets anders en zal Hoppzak daarop moeten inspelen. Zo heeft hij over de inrichting van de bungalows op zijn park geregeld discussie met de eigenaren. „Die zeggen: ‘de tegeltjes zijn nog niet versleten’. En dan zeg ik: ‘nee, maar na zeven jaar zijn ze aan vervanging toe’. Niet omdat ze kapot zijn, maar omdat de gast een ander tegeltje wil.” Ook het Family Entertainment Center kan daarom elk moment worden aangepast. De hal heeft zowel binnen als buiten een „flexibele schil”.

Illustratie Olf de Bruin

Friet met snack

„Kijk, hier kunnen ze free runnen op de achtergrond van een computerspel”, zegt Hoppzak aangekomen bij concept twee. Het ‘Portal Action House’, bedoeld voor kinderen vanaf acht, is zijn eigen idee geweest. Kinderen lopen door een woonkamer met ouderwetse schemerlampen en idem 16 bits Nintendo-spelcomputer, „zoals het vroeger was”, en betreden via een ‘portal’ de wereld van computerspelletjes. Je ziet ze met een koprol achterover springen in een bak met zachte Minecraft-stenen terwijl een vader een filmpje maakt, en ze klimmen langs een wand waar ze muntjes kunnen verzamelen zoals in Super Mario.

De kinderen spelen wel, zegt Hoppzak. „Dat is winst.” Maar over de ouders is hij nog niet zo te spreken. In de eerste weken deed de Wifi het niet, dat kreeg ’ie wel te horen, „terwijl ik eigenlijk helemaal geen wifi wilde”. En in de Mattel-wereld is ‘samen spelen’ het idee, maar veel ouders eindigen al snel in de horeca, waar je op de menukaart onder het kopje ‘hoofdgerechten’ als enige optie ‘Friet met snack’ vindt. „De gezonde keuzes staan er ook op, maar ja, mensen zeggen: we zijn toch een dagje uit.”

Her en der speelt heus een vegan-hypeje, zegt ook Hans van Leeuwen van Pleisureworld over de telefoon, maar de trend is toch écht andersom. „De borden worden alleen maar groter en groter. Eten is dé gezamenlijk attractie geworden! In Amerika heb je nu jaarabonnementen voor onbeperkt eten in pretparken. Je hebt er muffins met warme kazen! En dat gaat allemaal naar Nederland komen! We worden moddervet!”

‘In Amerika heb je muffins met warme kazen! En dat gaat allemaal naar Nederland komen!’

„En hier begint de all you can eat”, zegt Hoppzak, aangekomen in het decor van een plein in een pittoresk dorpje, een franchise van ABC Restaurants. Tussen de sierlijke geveltjes, lantaarntjes en doorkijkjes vind je hier elf buffetten. Je krijg voor 32,50 euro per persoon op een van de terrasjes een vaste tafel toegewezen vanwaar je twee uur lang onbeperkt kunt opscheppen. Sushi, Chinees, Vis, Mexicaans, Italiaans, steakhouse.

Hoppzak heeft lang getwijfeld over het idee van all you can eat, „je denkt toch snel aan een vreetschuur”. Maar toen hij ging kijken bij de eerste vestiging in Velp was hij snel overtuigd. „Ik was verrast door het concept, de beleving, en vooral door de aantallen.”

Vandaag, woensdag, druppelen vanaf half vijf de eerste bezoekers binnen. Mensen schuifelen langs de buffetten vol biefstuk, spareribs, sliptongetjes en zalm, pizza’s en pannenkoeken, maar ook kleine bakjes ‘ham en meloen’ en ‘salade met knoflookgarnalen’. De vraag naar vega is minimaal.

„Proeven, dáár gaat het om”, zegt Hoppzak. Daarom zijn er kleine porties, wat relatief veel afwas en personeelskosten oplevert. Maar „de beleving” moet het goedmaken, zodat mensen nog eens terugkomen. Op een goeie dag zit het vol, 1.150 plaatsen.

Bij de ontvangst van groepen neemt Hoppzak rustig de tijd om het concept uit te leggen. Dan stelt hij de mensen gerust en vertelt hij dat twee uur all you can eat „écht tijd zat is”. En dat je van alle zeshonderd gerechten kleine porties kunt nemen. Zijn armen spreidend: „En nóg komen sommigen met zúlke borden vol terug aan tafel.” Die mensen, zegt hij, zijn na drie kwartier klaar. Tjokvol.

Met overvloed kan de mens maar moeilijk overweg. Dat merkte hij laatst, toen een vrouw na afloop een hele plastic zak vulde met snoep. Krijg je in de meeste restaurants na het eten een pepermuntje, in zijn concept kun je graaien in 27 kokers gevuld met snoep. „Maar dat is natuurlijk ook niet de bedoeling”, zegt Hoppzak. Hij heeft al bedacht wat hij de volgende keer zal zeggen: „Eet u alles hier ter plekke in één keer op”.