Opinie

Hopen op een even stressbestendige economie in 2020

handel en verkiezingen

Commentaar

Weerbarstig, zo kan de wereldeconomie van 2019 het best worden omschreven. Terwijl vlak voor aanvang van het jaar de beurzen op de recessiestand stonden en vrijwel alle duistere voorspellingen over de wereldhandel uitkwamen, hield de economie zich verrassend goed. De Amerikaanse handelsoorlog, hét thema van dit jaar, ging door. Pas twee weken geleden werd een wankel staakt-het-vuren tussen de Amerikaanse en Chinese regering overeengekomen. Maar de kou is nog lang niet uit de lucht. Destructief was het besluit van de regering-Trump om geen nieuwe leden te benoemen van de essentiële beroepscommissie van de wereldhandelsorganisatie WTO, die daardoor dodelijk verlamd is.

Ook de rest van de wereld leefde onder de constante dreiging van Amerikaanse sancties. De EU kreeg nog deze maand een nieuw dreigement, nadat Brazilië verrast werd met plotselinge staalheffingen. En dan was er ook nog de vrees dat de stimuleringsmaatregelen van de regering-Trump uit 2018 uitgewerkt zouden raken. Brexit bleef een onzekerheid die pas op het allerlaatst, door de overwinning van de Conservatieven in nieuwe Britse verkiezingen, werd weggenomen.

De economie op de grond trok zich er niet zoveel van aan als werd verwacht. Ja, de industrie had het vrijwel overal moeilijk – een direct neveneffect van zoveel onzekerheid. Maar de consument hield zich goed, vooral geholpen door een aantrekkende werkgelegenheid, afnemende werkloosheid en een dankzij de krapte op de arbeidsmarkt oplopend loon. De eurozone beleefde zijn zesde achtereenvolgende jaar van economische groei. De VS zelfs hun tiende, en dat is de langste periode van ononderbroken groei sinds de statistieken worden bijgehouden.

Ook op de financiële markten prevaleerde de voorspoed, met een van de beste beursjaren sinds de Lehman-crisis. Maar de markt en de economie werden wel gestut door een ultralos monetair beleid. Europa beleefde negatieve rentes, die in het najaar nog eens wat werden verlaagd. De vraag is of de nieuwe president van de Europese Centrale Bank, Christine Lagarde, een ander beleid zal gaan voeren of dat van haar voorganger Draghi grotendeels voortzet. Ook in de VS werden de rentes door de centrale bank verlaagd. Schulden, die verhoudingsgewijs al zeer hoog waren, namen vrijwel overal toe.

Zo blijft de vraag voor volgend jaar hoe kunstmatig deze conjunctuur is. Riskant wordt 2020 zeker. De aard van Brexit zal er vermoedelijk in worden beslecht. Er zal moeten blijken in hoeverre nu de hoge beurskoersen bestendig zijn, of de consument zijn voortrekkersrol kan blijven volhouden en of het bedrijfsleven geholpen wordt door een einde aan de door Trump begonnen handelsconflicten. Zeker is dat geenszins. China maakt, zeker ook door de handelsoorlog, de laagste welvaartstoename door sinds zijn moderne groeispurt begin jaren negentig aanving.

Over alles hangt in 2020 bovenal de schaduw van de Amerikaanse presidentsverkiezingen van begin november. Niet alleen omdat de uitslag daarvan bepalend zal zijn voor de Amerikaanse economie en de beurzen. Ook omdat er een risico is op verlamming in afwachting van die verkiezingen. En zeker niet in de laatste plaats omdat hoogst onzeker is welke vreemde sprongen president Trump in de aanloop naar november nog zal maken. De hoop mag enkel zijn dat de economie zich van al deze dreigingen en onzekerheden even weinig zal aantrekken als in 2019.