Voetballers verstoren de natuur met giftige rubberkorrels

Onderzoek | Kunstgras Elk jaar verdwijnt in Nederland zo’n 720.000 kilogram rubberkorrels in het milieu. Gemeenten willen de kunstgrasvelden vervangen, maar dat duurt nog zo’n tien jaar.

De verontreiniging van het milieu is volgens de Wet bodembescherming verboden, maar er lijkt geen sprake van handhaving.
De verontreiniging van het milieu is volgens de Wet bodembescherming verboden, maar er lijkt geen sprake van handhaving. Foto Merlin Daleman

Een tapijt van zwarte korrels loopt vanaf de ingang van het kunstgrasveld tot aan het clubhuis van RKVV Emplina. „Een spoor van wel vijftig meter. Het rubber blijft aan de schoenen van voetballers hangen”, zegt beheerder Henrie Bekkers (52). Al 27 jaar is hij beheerder van achttien buitensportaccommodaties bij de gemeente Den Bosch.

Sinds het televisieprogramma Zembla in 2016 berichtte over mogelijke gezondheidsrisico’s van rubbergranulaat op kunstgrasvelden, is er veel te doen geweest om de veiligheid van sportende kinderen en volwassenen. Bekkers: „Ook hier in de gemeente Den Bosch. Want op een derde van al onze kunstgras voetbalvelden ligt rubbergranulaat, voor de demping.”

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) deed in 2016 onderzoek naar hoe schadelijk de rubberkorrels zijn voor de gezondheid. Sporten op kunstgras bleek veilig. Twee jaar later publiceerde het RIVM een verkennend onderzoek dat er mogelijk wel negatieve effecten zijn voor het milieu rondom de velden. De aanbeveling van het instituut was om maatregelen te treffen die de verspreiding van rubbergranulaat in de natuur voorkomen. Donderdag werd het sportbedrijf van de gemeente Enschede veroordeeld voor milieuvervuiling door rubberkorrels. Een unicum.

In negen van de tien grootste gemeenten van Nederland liggen nog altijd kunstgrasvelden die zijn ingestrooid met rubbergranulaat. Dat blijkt uit een rondgang van NRC. Alleen in de gemeente Nijmegen liggen geen velden met rubberkorrels – die hebben daar volgens de gemeente ook nooit gelegen.

De helft van de gemeenten – waaronder Amsterdam, Rotterdam en Den Haag – wil tussen 2023 en 2030 alle velden met rubbergranulaat vervangen door velden met korrels van kunststof of kurk. Hoewel die ook in het milieu zullen verdwijnen. Er bestaan alternatieve kunstgrasvelden die niet worden ingestrooid. Deze ‘non-infill’ velden zijn door de KNVB vorig seizoen getest, maar bleken nog niet op het gewenste niveau.

Er zijn ook gemeenten die blijven kiezen voor kunstgras met rubberkorrels, zoals Almere. Een woordvoerder zegt dat er „geen negatief advies van het RIVM, de VSG [Vereniging Sport en Gemeenten] of de milieuafdeling van gemeente Almere” is. „We stoppen met de rubberkorrels als dat advies komt. Dan moeten er financieel goede alternatieven komen die sporttechnisch gelijkwaardig zijn.” Dit jaar liet de gemeente nog twee velden met rubberkorrels renoveren.

Foto Merlin Daleman

Verhogingen

Gemeenten hebben wel maatregelen genomen om de verspreiding van rubbergranulaat te beperken. Er kwamen onder anderen verhogingen rondom velden, looproosters bij toegangspoortjes en vernieuwde onderhoudsinstructies. Toch blijkt dat niet alle velden binnen de tien grootste Nederlandse gemeenten inmiddels voorzien zijn van die maatregelen. Zo is in Tilburg bij slechts één veld een verhoging geplaatst, in Breda gaat het om twee velden.

Drie jaar na het eerste nieuws over de potentiële risico’s van rubbergranulaat, is nog onduidelijk hoe effectief de maatregelen zijn. In Amsterdam loopt een test met een verhoging rondom drie sportvelden. Een woordvoerder van de gemeente noemt de resultaten „niet veelbelovend”. „Sporters lopen het rubber van de velden via schoeisel en kleding. Ook komt het mee met de machines die op de velden komen. De verhoging lijkt dus geen grote verbetering.” De vernieuwde onderhoudsinstructies en looproosters lijken in Amsterdam wel enig effect te hebben.

Beheerder Bekkers heeft het in de gemeente Den Bosch relatief goed op orde. Voor het einde van het jaar zijn er, op twee velden na, overal verhogingen om de velden aangebracht. „Alle rubber die ik daarmee tegenhoud, scheelt al heel wat. Maar ik denk niet dat we iets kunnen bedenken om alles tegen te houden.”

NRC Studio

Verstoorde voortplanting

Elk jaar verdwijnt tot maximaal 400 kg rubbergranulaat per veld. Voor de 1.800 kunstgras voetbalvelden in Nederland komt dat neer op zo’n 720.000 kilo rubber. In de korrels zitten giftige zware metalen en ook kankerverwekkende stoffen, maar die komen in verwaarloosbare hoeveelheden vrij en zijn daardoor niet schadelijk voor de volksgezondheid.

De zware metalen die kunnen vrijkomen uit het rubber, zijn mogelijk wel schadelijk voor het milieu rondom de velden. De hoge concentraties kobalt en zink kunnen volgens het RIVM een negatief effect hebben op maximaal 46 procent van de organismen in de grond.

„Dat gaat bijvoorbeeld om mijten, kevers en regenwormen”, zegt Kees van Gestel, hoogleraar ecotoxicologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Niet meteen al het bodemleven gaat dood, maar de stoffen kunnen wel invloed hebben. „De voortplanting kan bijvoorbeeld verstoord raken, waardoor er minder jongen worden geproduceerd. De populatie van die dieren loopt dan ernstig gevaar, wat weer negatieve invloed kan hebben op de rest van het bodemleven.”

Een hoge concentratie zware metalen verzwakt het bodemleven, waardoor uiteindelijk ook de bodemstructuur kan worden aangetast. „Als ik de metingen van het RIVM bekijk, valt vooral de concentratie zink op. Die is erg hoog en zou ik scharen onder behoorlijke vervuiling van het milieu. Het overschrijdt zelfs de normen die men aanhoudt voor vervuiling van grond onder industrieterreinen.”

Foto Merlin Daleman
Foto Merlin Daleman
Foto Merlin Daleman

Uitkleden op het veld

De Branchevereniging Sport en Cultuurtechniek (BSNC) onderzocht in 2017, met de gemeenten Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht, hoe de rubberkorrels in het milieu terechtkomen. Dat gebeurt bij de aanleg, het onderhoud en het gebruik van de velden. Kortom: het lijkt onvermijdbaar.

Daarom bracht BSNC in oktober een nieuw zorgplichtdocument uit, met de nadruk op het voldoen aan de milieueisen. Volgens voorzitter Edward van der Geest is dat nodig omdat het nog vaak misgaat. „Sporters gebruiken de velden verkeerd, het onderhoud wordt niet altijd correct uitgevoerd. Mensen denken er simpelweg niet over na.”

Het zorgplichtdocument moet eraan bijdragen dat in de nabije toekomst geen verbod komt op kunstgrasvelden. De verspreiding van rubber in het milieu is volgens Van der Geest namelijk verboden. „Als je de Wet bodembescherming goed leest, legt nooit iemand nog een kunstgrasveld aan. Je kan daar niet voor 100 procent aan voldoen. Voetballers zouden zich dan op het veld moeten uitkleden, anders nemen ze altijd rubberkorrels mee.” Maar van handhaving op de zorgplicht is niet of nauwelijks sprake. „Handhaving is niet makkelijk. De beheerder of eigenaar is verantwoordelijk, maar niemand ziet daarop toe.”

Een woordvoerder van minister Stientje van Veldhoven (Milieu en Wonen, D66) laat weten dat de rubberkorrels „niet leiden tot onaanvaardbare risico’s voor mensen of huisdieren”. Op het milieu-aspect wil de woordvoerder verder niet ingaan. „Minister Van Veldhoven blijft met het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, de Unie van Waterschappen (UvW) en de Vereniging Sport en Gemeenten (VSG) in gesprek over de initiatieven ter preventie van de verspreiding van rubbergranulaat.”