Vuurwerkclubs als alternatief voor particulier afsteken, net als op Malta

Georganiseerd afsteken Is Nederland voor een vuurwerkverbod? Vuurwerkclubs zoals op Malta lijken een optie: hier vallen al jaren geen slachtoffers.

Maltezers kijken naar vuurwerk. Zo’n 35 vuurwerkverenigingen verzorgen hier al honderd jaar het afsteken van vuurwerk tijdens festa’s, de katholieke dorpsfeesten in de zomermaanden.
Maltezers kijken naar vuurwerk. Zo’n 35 vuurwerkverenigingen verzorgen hier al honderd jaar het afsteken van vuurwerk tijdens festa’s, de katholieke dorpsfeesten in de zomermaanden. Darrin Zammit Lupi/REUTERS

Ze is er weer, de jaarlijkse oudejaarsdiscussie over vuurwerk. Het particuliere afsteken door de Nederlandse burger wordt weer flink bekritiseerd. Een greep uit Twitter: ‘Ik ben het zo verschrikkelijk zat’, ‘Rot op met deze antivuurwerk propaganda’, ‘Evenementen met dat vuurwerk direct verbieden’, en ‘Afschaffen die rotzooi,’

„Totaal onnodig”, zegt Marko Faas (46) uit Deventer. Hij is copywriter én vuurwerkactivist. „Het is een valse keuze als we alleen kijken naar een algeheel verbod”, vindt Faas. Zijn gulden middenweg: vuurwerkclubs.

Het klinkt simpel

Doordat steeds meer mensen zich tegen de particuliere vuurwerktraditie keren, vanwege schade of geluidsoverlast, is er steeds meer rumoer over het particulier afsteken. Maar een gemeentelijke vuurwerkshow, of een verbod, werkt volgens Faas juist ophef in de hand. „We moeten kijken naar veiligere opties die tegelijk de traditie in stand houden”. De traditie zorgt volgens hem namelijk al jaren voor sociale cohesie in de wijken.

Zijn plan: „Een buurt- of sportvereniging vraagt een vergunning aan. Vuurwerkliefhebbers uit de wijk kunnen zich aanmelden en maken een mooie vuurwerkshow voor de buurt tijdens Oud en Nieuw. De vereniging zorgt voor de EHBO en een warme kop chocomel. Klaar is Kees.”

Het klinkt simpel, maar Faas heeft hierover nagedacht. „Zodra er iets misgaat, is het afgelopen”, vertelt hij. „En dat willen mensen niet, want dan zijn ze hun hobby kwijt. Via de vuurwerkclub krijg je sociale controle terug in de wijk.” Dat controlemiddel mis je volgens Faas als vuurwerk overal ‘zomaar’ wordt afgestoken.

Heft in eigen handen

Lucas Meijs, hoogleraar ‘strategische filantropie en vrijwilligerswerk’ aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, is het met Faas eens. Er zijn volgens Meijs drie routes voor maatschappelijke problemen: via instellingen en bedrijven, de wet of met vrijwilligers. „De eerste twee hebben ons tot dusver niet geholpen wat betreft vuurwerk”, zegt Meijs. „De mensen moeten zelf het heft in handen nemen.”

Binnen verenigingen mogen dingen die elders niet mogen. „Neem een boksvereniging. Op straat mag ik geen tikken uitdelen, daar wel”. Dat werkt bij een vuurwerkclub hetzelfde. „Binnen de vereniging mag er afgestoken worden, daarbuiten niet meer. Dat kan een hoop overlast voorkomen.”

Het idee van vuurwerkactivist Faas kan volgens Meijs goed werken. „Je zou een ‘Nederlandse Bond van Vuurwerkafstekers’ moeten krijgen. Vervolgens komen er ‘spelregels’, zoals het verplicht dragen van een veiligheidsbril, en een minimumleeftijd.”

Die afspraken maken het volgens Meijs een stuk veiliger dan nu. En volgens Marko Faas blijft de traditie van zelf afsteken zo bestaan: „Maar dan op een veiligere manier.” Veel mensen zijn volgens Faas namelijk niet per se tegen vuurwerk, maar tegen de vórm van afsteken. „We moeten er voor zorgen dat deze prachtige traditie niet verloren gaat door mensen die ‘helemaal los gaan’ met het spul”.

Een vuurwerkvereniging zorgt volgens Faas niet alleen voor meer veiligheid en sociale controle, maar ook voor een sterker clubgevoel. „In de regio waar ik woon, bestaan veel paasvuurverenigingen”, vertelt hij. „Dat zijn ook jongelui die houden van een fikkie, en dat doen ze heel gezellig in clubverband.” Bij deze verenigingen zijn er ook veel regels. „Waarom zou dat niet met vuurwerk kunnen”, vraagt Faas zich af.

Festa’s op Malta

Een land waar vuurwerkverenigingen al zo’n honderd jaar de traditionele dienst uitmaken, is Malta. Liefst 35 clubs verzorgen tijdens de jaarlijkse festa’s – katholieke dorpsfeesten in de zomer – vuurwerkshows. Het zijn dé feesten van het jaar op Malta. Ze worden georganiseerd door lokale bandclubs – een soort dorpshuizen – en bestaan uit hoofdzakelijk muziek, dans én vuurwerk.

De meeste bandclubs hebben een eigen vuurwerkfabriek, waarin vrijwilligers met de juiste licenties samen het hele jaar door vuurwerk maken. Het afsteken van dat vuurwerk is inmiddels het belangrijkste onderdeel van de festa’s geworden.

„De verscheidenheid aan clubs leidt bij de festa’s tot competitie. Iedere club wil een mooiere show neerzetten dan de andere, en dat zorgt voor spectaculair vuurwerk”, zegt vuurwerkdeskundige Servolo Delicata, die aan de University of Malta het vak ‘vuurwerktechniek in Maltese context’ gaf.

Lees ook over hoe Amsterdam met vuurwerk worstelt

Voor een Maltezer mag afsteken, dient hij of zij een licentie te halen en lid te zijn van een club. Sinds 1981 is er in Malta nooit meer iemand omgekomen bij het afsteken van vuurwerk. „Grote kans dat dit komt door dergelijke regelgeving”, meent Delicata.

„Iedereen die zomaar mag afsteken op straat? Doe normaal! Dat is veel te gevaarlijk”, zegt Josef Camilleri, hoofd van de Pyrotechnics Association Malta, wanneer hij hoort van het particulier afsteken in Nederland. „Nederlanders zijn gek.”

Fabian Bijlsma (27), een ‘vuurwerkfreak’ uit Roermond, lacht erom: „Een vuurwerkfabriek zou hier echt ondenkbaar zijn, zeker na de vuurwerkramp van 2000 in Enschede.” Hij denkt wel dat de Maltese traditie van verenigingen goed kan werken in Nederland. Hij is wel kritisch over de perceptie van het gevaar: „Het gaat niet om het vuurwerk, maar om degene die het afsteekt.”

Bijlsma ziet het afsteken in clubverband als mooi alternatief voor de ‘gevaarlijke’ particuliere traditie. „Je kunt elkaar controleren, en ervaren mensen kunnen de ‘leek’ helpen. Volgens Bijlsma moet een vereniging wel iets ‘extra’s’ bieden. „Als je mensen naar een vereniging wilt halen, moet je daar wel wat meer mogen dan thuis voor de deur”, aldus Bijlsma. Daarmee doelt hij op zwaardere vormen van vuurwerk. „Het gaat ten slotte toch om de adrenaline”, lacht hij.

Lees meer over vuurwerk in ons dossier

Over de haalbaarheid van het verenigingsplan is de uiterst positieve Faas duidelijk: „Een gemeente moet al in februari gaan kijken hoe het afsteken van vuurwerk anders aangepakt kan worden.” Hij vervolgt: „Dan kun je ‘rellende duindorpverhalen’ voorkomen.”

De vereniging van Nederlandse Gemeenten reageert ook positief: „Niet al onze leden lopen even warm voor een algeheel verbod. Dus als zo’n verenigingsplan met degelijke vergunningen zou werken, zien wij daar zeker potentie in.”

Faas en Meijs zijn het met elkaar eens: „Het is een mooie tussenvorm die volledig recht doet aan de traditie.”

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.