Jules Deelder en zijn religie: jazz

Jazz kreeg de laatste vijftien jaar een steeds grotere rol in het leven van Jules Deelder, die zijn woorden liet versmelten met muziek in verschillende jazzcombo’s. „Timing is everything.”

Jules Deelder met saxofoniste Candy Dulfer in De Doelen, tijdens de viering van zijn 75ste verjaardag, in november.
Jules Deelder met saxofoniste Candy Dulfer in De Doelen, tijdens de viering van zijn 75ste verjaardag, in november. Foto Paul Bergen/ANP

Deelder had zo zijn vaste thema’s: zijn stad Rotterdam, dat ‘immer in de zeventiende eeuw levende’ Amsterdam, ‘kluppie’ Sparta, drugs, het Derde Rijk en de naoorlogse jazz. Maar de laatste vijftien jaar kreeg de jazz een steeds grotere rol in het leven van Jules Deelder. In zijn kernachtig muziekproza die qua ritmiek zo meevloeide in jazz, als dj en vooral ook als muzikant.

Lees ook: Rauwe dichter van de Rotterdamse straat

Jazz is my religion”, citeerde Deelder jazzpoeet Ted Joans al in zijn bundel Swingkoning (2006). Als dj draaide hij de authentiekste jazz rechtstreeks uit eigen schellak- en vinylcollectie. Met jazzsaxofonist Benjamin Herman en diens New Cool Collective ging het om jazz en poetry, een bonte versmelting van woord en noot. Deelder, de knisperend moderne jazz met latinelementen duidelijk tot op het bot belevend, bracht zijn muziekgedichten. Of drumde wat mee, zijn brushes vegend op de snaredrums. Ter gelegenheid van Deelders 65e verjaardag verscheen de EP Deelder 65 - twintig minuten geestdrift en muziekplezier, zeker in de ‘AOW Calypso’.

Jules Deelder met Boris van der Lek

Rustig tempo

Maar wat graag was Deelder jazzmuzikant. In jazzbands als Trio Me Reet, De Deeldeliers (met pianist Bas van Lier) en Deelder & Van der Lek was hij een stoïcijnse drummer in rustig tempo. Met tenorsaxofonist Boris van der Lek trad hij nog regelmatig op. Aanstaande vrijdag zou hij in de Mezz in Breda optreden. Begin januari stond een concert in het Bimhuis in Amsterdam gepland. Er was veel vraag door het goed ontvangen, vorig jaar verschenen live-album Jazz. Daarop drumde Deelder naast de scherpe saxlijnen van Van der Lek (Herman Brood & His Wild Romance) en de bluesy gitaar van Cok van Vuuren (Ocobar), drummer Arend Niks en bassist Peter Wassenaar, maar had hij ook vermakelijke (in vet Rotterdams Engels) of soms bijna aandoenlijke vocale bijdrages, zoals in ‘How Cool’.

Machtig vond Deelder het om op tournee te gaan, vertelde hij in een interview met NRC in 2009. „Dat gemeut in zo’n bus. Ik voel me thuis tussen musici. Dichters zijn meer eenlingen, ik herinner me tamme tournees. Gingen ze toch maar weer naar hun hotelkamer. In mij heeft altijd meer rock-’n-roll gezeten, al bedien ik me van het woord. Ben toch ergens een gemankeerde muzikant.”

Deelder met New Cool Collective

Jazzfeel

De jazzfeel kwam terug in zijn teksten, in hoog tempo strak op de maat. De kadans, onderstreepte Deelder altijd. „Timing is everything. Vóór in de maat. Niet leunend in de afterbeat. Net als de jazzdrums, met de bas er net achter. Dan pas swingt het. Maar beter drie noten of woorden die je echt meent, dan oeverloos technisch vertoon.”

Zijn drieluik met dansbare jazz uit zijn eigen collectie – Deelder Draait (2002), Deelder Draait Door (2003) en Deelder Blijft Draaien (2004) – werd in 2005 bekroond met een Edison Award. Deelderhythm (2006) ging op dezelfde voet verder.

Ter ere van Deelders 75e verjaardag verscheen onlangs een heruitgave van het album Totaal Loss (2012), het tweede deel uit de muziekpoëzietrilogie van de dit jaar eveneens overleden journalist, radiomaker en componist Louis Gauthier met Deelder. Daarop geen jazz. Deelders teksten waren gevat in een abstracter popmozaïek.