Opinie

‘Het is nooit te laat om acrobaat te worden’

Grunberg als circusartiest 5 Schrijver Arnon Grunberg gaat intern bij het Achterhoeks Circus Zanzara. Hij wil met Kerst meedoen aan hun show in Amsterdam. Hij schrijft er dagelijks over.

De dag van de eerste voorstelling. Op een enkele avondvoorstelling na spelen we uitsluitend matinees. Er worden vandaag ongeveer honderd man verwacht, er kunnen vijfhonderd man in de tent. „Voor de kerstvakantie zit het nooit echt vol”, zegt Mayka.

In de ochtend doen we een Italiaantje, een voorstelling zonder kostuums, waarbij alleen de overgangen worden gerepeteerd.

Tijdens de lunch wordt het verleden besproken.

„Circus Holiday had geen wc voor zijn werkers”, vertelt Paulo. „Er was een man, een analfabeet moet ik zeggen, die had een oplossing gevonden, die sneed het binnenste weg uit dikke boeken, misschien de Bijbel, daar poepte hij dan in, dan deed hij het boek weer dicht.”

„Zo iemand die klusjes deed in het circus, werd de Nablo genoemd”, vertelt Mayka.

„Mensen vergeten hoe ongelooflijk hiërarchisch de circuswereld vroeger was”, vult Paulo aan. Hij spreekt zonder weemoed, zonder verontwaardiging.

„Ik kan me een jongen herinneren,” zegt Mayka, „die verzorgde olifanten, dat was een Nablo, hij reisde met de olifanten, hij rook naar olifant, hij was bijna een olifant.”

We doen onze kostuums aan. Regisseur Adrian moet plassen, net als ik. „Plassen doe ik buiten”, kondigt hij met pretoogjes aan.

We plassen naast de caravan van acrobaat Jans, ze komt langs en zegt: „Mijn man en mijn zoon doen het hier ook.” Ik zie een Nablo voor me die bijna olifant is.

De voorstelling verloopt redelijk goed.

In de pauze roept Mayka: „Ga popcorn verkopen.” Maar de popcorn is nog niet gearriveerd, die komt morgen pas.

Na afloop begroeten we in de voortent de bezoekers. „Misschien kun je in de pauze een verhaal voorlezen”, oppert een dame vriendelijk.

Een goede vriendin zegt: „Ik had gehoopt dat je nog even zou shinen. Je bleef maar op die stoel.”

„Ik deed veel op die stoel”, antwoord ik.

„Maar voorin gebeurden er spectaculaire dingen.’

De nabespreking is in een koude tent. Een tintelende melancholie die ik me herinner van decennia geleden toen ik in een Italiaans restaurant in New York werkte. De stoelen op tafel, het personeel eet, de eigenaresse legt tarotkaarten.

’s Avonds vullen de circusartiesten popcornzakjes voor de volgende dag, zoete popcorn in rode zakjes, zoute in gele.

„Ik zou zo graag een acrobaat willen zijn”, zeg ik tegen Jans.

„Je kunt het leren”, antwoordt ze, ze kijkt me aan met lieve ogen. „Het is nooit te laat.”

Nog een zakje popcorn, we kunnen de olifanten ruiken.

Wordt vervolgd

Arnon Grunberg speelt mee in de voorstelling ‘Todo a bordo’ van Circus Zanzara van 18 dec t/m 5 jan, Westergasfabriek Amsterdam. Inl: www.zanzara.nl