Opinie

Wil de circusartiest wel vrij zijn?

Grunberg als circusartiest 4 Schrijver Arnon Grunberg gaat intern bij het Achterhoeks Circus Zanzara. Hij wil met Kerst meedoen aan hun show in Amsterdam. Hij schrijft er dagelijks over.

Linn uit Zweden vertelt tijdens de lunch dat ze vijf jaar circusschool heeft gedaan, twee jaar in Kopenhagen, drie jaar in Stockholm. Ze heeft veel gereisd, onder andere op een boot die over de Middellandse Zee voer, daar kwam ze de vader van haar dochter tegen, een Engelse theatertechnicus.

Tijdens de lunch zegt Linn: „Ik wist altijd dat ik op een gegeven moment genoeg van het circus zou hebben. Ik heb een droom, ik wil vroedvrouw worden.”

De acrobaat die ervan droomt vroedvrouw te worden. Ik droom ervan een acrobaat zoals Jans te zijn, ik wil aan een touw in de tent hangen, ongrijpbaar en verleidelijk.

Adrian Schvarzstein, de regisseur, die ook straattoneel doet en opera’s regisseert, en mij dan weer Grunstein dan weer Grunschnabel noemt, verzamelt postzegels. Eerst geloofde ik hem niet, maar hij zegt: „Ik was zes jaar, ik woonde in Milaan, toen ben ik ermee begonnen. De postzegels zijn mijn therapie. Ik ben volstrekt normaal.”

Of Schvarzstein echt normaal is weet ik niet – alleen al dat zijn ex-vrouw, een Israëlische die tegenwoordig samenleeft met een Argentijnse clown en dat die clown een van Schvarzsteins beste vrienden is, valt vermoedelijk buiten het bereik van veel normaliteit.

De laatste dag voor de première. Op verzoek van Adrian heb ik flessen wodka laten aanrukken die ik van hem in de tent langzaam moet opdrinken, maar Mayka zegt streng dat er tijdens de voorstelling geen echte drank mag worden gedronken.

Adrian fluistert: „Drink gewoon stiekem.” En hardop zegt hij: „Vanaf nu doe je wat je wilt. Je bent vrij.”

Wil de circusartiest wel vrij zijn?

Jans doet stretchoefeningen. Er zijn gesprekken over de vervang-technicus, die haastig moet worden ingewerkt; de vorige technicus is weggelopen.

Costumière Tula zegt: „Mijn ouders hebben mijn naam uit de Bosatlas geplukt. Tula is een stadje in Mexico.”

Op het drassige terrein niet ver van de wc staat Adrian – geen chemisch toilet, dat is slecht, je gooit wat zaagsel in de wc en dat is dat; Paulo, de baas van het circus, heb ik horen zeggen: „Als er te veel geplast wordt, wordt het legen toch lastig.”

„Op het eind van Falstaff van Verdi wordt er gezongen over eer”, vertelt Adrian. „Kan de eer je maag vullen? Kan je dankzij de eer met de doden spreken? Wat heb je aan eer? In het circus verlies je vrijwillig je eer.”

En ik denk aan stadjes in Mexico.

Wordt vervolgd

Arnon Grunberg speelt mee in de voorstelling ‘Todo a bordo’ van Circus Zanzara van 18 dec t/m 5 jan, Westergasfabriek Amsterdam. Inl: www.zanzara.nl