Recensie

Droomdebuut van jonge violist Daniel Lozakovich in Concertgebouw

Recensie Vioolwonderkind Daniel Lozakovich maakte dinsdag een droomdebuut in het Concertgebouw. Gergiev ging de Münchner Philharmoniker daarna voor in Bruckner.

Violist Daniel Lozakovich, hier tijdens het Prinsengrachtconcert 2018.
Violist Daniel Lozakovich, hier tijdens het Prinsengrachtconcert 2018. LEX VAN LIESHOUT

Steengoede jonge violisten, daar zijn er nogal wat van. En toch is de 18-jarige Daniel Lozakovich hors concours. Door zijn ouderwetse mooie, door een snel vibrato diamantachtige stralende toon in de hoogste posities, zijn sportieve streken, zijn dwingende betoog, zijn zangerigheid.

Lozakovich gooide eerder hoge ogen met zijn debuut-cd, en maakte dinsdag een droomdebuut in het Concertgebouw met Beethovens Vioolconcert en de Münchner Philharmoniker onder Valery Gergiev.

Slechts één vioolmeisje zat er in de zaal, en eigenlijk was dat het enige betreurenswaardige aan de avond. Lozakovich zou dé posterboy van jonge violisten moeten zijn; een nonchalante held die zelfs Gergievs ronkend romantische vertragingen en versnellingen af en toe soeverein weerstand durft te bieden, en de tijdloze zeggingskracht van Beethovens Vioolconcert onderstreept door het te spelen met compromisloze overgave en gedrevenheid.

Lees ook dit interview met Daniel Lozakovich

Een heel enkele keer bezat zijn geluid in de hoogte een soort braampje, een handjevol crescendi werden te eenvormig, zwellend aangevlogen. Maar beide puntjes zijn zulke microscopische detailkritiekpuntjes dat ze vooral de kwaliteit van de rest onderstrepen.

Oorkrullend solerende fluitist

De Münchner Philharmoniker, hier aantredend in de serie Wereldberoemde symfonieorkesten, zijn relatief jong (nauwelijks grijze hoofden), vurig en, in de lage strijkers, zinderend: een goede match dus met chef-dirigent Valery Gergiev. Ook opvallend zijn de excellente spelers aan de voorste lessenaars, onder wie de immer oorkrullend solerende fluitist Herman van Kogelenberg en de wonderlijk temperamentvolle concertmeester Lorenz Nasturica-Herschcowici die zo solistisch speelt dat je hem voortdurend individueel kunt onderscheiden.

Het orkest werkt aan opnames van alle Bruckner-symfonieën en bracht ook nu Bruckner mee: de Zevende, voor Amsterdam mede dankzij Haitink veruit de vertrouwdste.

Wie houdt van fijnbesnaarde, architectonische Bruckners zoals laatst onder Hartmut Haenchen is bij Gergiev aan het verkeerde adres. Gelijkvloers tussen de musici staand boetseert en fladdervingert hij voor alle passerende landschappen een indrukwekkende orkestklank: die staat centraal en is om van te smullen, de vanuit stilte opgekweekte openingsmaat voorop. Maar er waren ook momenten dat je dorstte naar meer contrast in dynamiek en een overall grotere greep op het geheel.

Correctie 19 december 2019. In een eerdere versie stond dat dit het Nederlandse debuut van Daniel Lozakovich was. Het betrof echter zijn Concertgebouw-debuut. Lozakovich debuteerde in 2016 op het Rotterdamse Gergiev Festival en speelde in 2018 tijdens het Prinsengrachtconcert.