Profiel

Michael van Praag, een van de weinige overlevers bij de KNVB

Michael van Praag (72) is KNVB-voorzitter af. In zijn presidium heeft hij vooral de lopende zaken behartigd, vindt Hugo Camps. Hij maakt de balans op van elf jaar voorzitterschap.

Elf jaar lang was Michael van Praag voorzitter van de Koninklijke Nederlandse Voetbalbond.
Elf jaar lang was Michael van Praag voorzitter van de Koninklijke Nederlandse Voetbalbond. Foto Bastiaan Heus

Hij zal niet onder een baldakijn worden weggedragen. Het voorzitterschap van Michael van Praag bij de KNVB had nooit het reliëf van hervorming en revolutie. Er was meer weerzin dan liefde. Maandag nam hij afscheid na een derde – en laatste – termijn. De jazzspeler Van Praag heeft de kilte om hem heen zelf gecreëerd. Hij zocht de gezamenlijke improvisatie niet, speelde liever solo. Zijn gevoel voor harmonie was niet alert.

Was het ijdelheid? Verlegenheid? Nonchalance? Misschien was het de verweesdheid van een gebroken jeugd die hij niet van zich af kon schudden. Met een vader die als een bergketen oprees in de gremia van Amsterdam, maar die zijn kinderen emotioneel liet rondslingeren op de geitenpaadjes van het leven. De boulevards waren van Jaap alleen.

Dan nog: Michael had een leermeester kunnen vinden in zijn voorganger Jeu Sprengers, de bourgondiër die eerst wou behagen en dan besturen. In de stijve wereld van clubbestuurders was Sprengers een verademing. Hij had gevoel voor ritueel en eenzaamheid. De avond voor hij naar het Zwitserse Nyon moest vertrekken voor een vergadering van de UEFA, sliep hij altijd in het Sheraton op de luchthaven van Zaventem. Hij dronk een biertje en belde de halve wereld rond. Zijn daverende lach kon de vergelijking met een opstijgende Boeing doorstaan. Sprengers gooide zichzelf en de KNVB open. Michael van Praag sloot de deuren en deed de gordijnen dicht. De KNVB werd een eenpersoonsstaat met spartelende bureaucraten in de contramine.

Boksbal van clubs

Van Praag heeft zich niet echt uitgeput om de verdeeldheid binnen de KNVB te counteren. Hij deelde het pluche niet, genoot voluit van zijn alleingang. De ex-voorzitter van Ajax was in zijn presidentiële jaren vaak een boksbal voor de eredivisieclubs. Met Jorien van den Herik, oud-voorzitter van Feyenoord, was zijn relatie hartelijker geweest, ook al hadden de heren meer angst dan liefde voor elkaar. Jorien loste geregeld een scudraket op het bestuurlijke gezelschap van de bond en liet de wolken boven Zeist openscheuren als messen. Helaas, hij raakte gedegouteerd van zijn eigen achterban bij Feyenoord en vertrok. Toen Van Praag KNVB-preses werd, was de Rotterdamse drilboor uit het voetbal verdwenen. Hij ging met zijn vrouw Joke de zeeën bevaren.

In zijn elfjarig presidium van de KNVB heeft Van Praag vooral de lopende zaken behartigd. Van een signatuur is geen sprake, op wat carbonflarden na. Er was altijd wel enig tumult, tussen het betaald voetbal en de breedtesport, tussen bestuurders en clubs, tussen zogenaamde collega’s. De bestuursstructuur is onder zijn bewind veranderd: er kwam een driekoppig bestuur. Met Van Praag ook Eric Gudde als directeur betaald voetbal en Jan Dirk van der Zee, directeur amateur- en vrouwenvoetbal. Een triumviraat kan je het niet noemen, want de heren opereerden in verspreide slagorde.

Van Praag is een van de weinige overlevers bij de voetbalbond. De vele bestuurlijke crises in Zeist brachten een bestuurlijke vluchtelingenstroom op gang. Wie weg kon, ging. Er werd gejongleerd met directeuren en verantwoordelijkheden die vaak eindigden in menselijke drama’s. Het intermezzo met Hans van Breukelen als technisch directeur was om te huilen. Personeelsbeleid met de natte vinger.

Van Praag was sinds 2008 voorzitter van de KNVB. Geliefd was hij niet. Hij werd eens verkozen met dertig onthoudingen, maar gaf geen krimp. De focus van zijn eergevoel kwam in het buitenland te liggen, bij de FIFA en UEFA. Hij was kandidaat om Michel Platini op te volgen als voorzitter van de UEFA, maar werd kansloos verslagen door een Sloveen.

Na de deconfiture van Sepp Blatter speelde hij even voor witte ridder die de voorzitter van de FIFA een handje wou helpen bij zijn exit. Jaren was hij mede slippendrager van Blatter geweest, maar ineens velde hij af tot de beul bij het hakblok. Geloofwaardigheid: nihil. Veel meer dan een toneelstukje was het niet.

Zijn mandaat bij de UEFA had prioriteit op zijn nationale bekommernissen. Van Praag presideerde vanuit Zeist zonder urgentie en liet de voetbalbond soms verwilderen tot een stal. Althans, er was weinig activisme in het beleid. Het vertrek van directeur betaald voetbal Bert van Oostveen via de achterdeur was in vele opzichten de rafel van schuldige onverschilligheid. Er zijn nog mensen gewond geraakt onder deze voorzitter, Danny Blind en Guus Hiddink om er een paar te noemen. Ze misten vooral rugdekking. Maar dat was niet alleen het verzuim van Van Praag.

Kilte van Zeist

Guus Hiddink heeft zich onlangs uitgesproken over de kilte van Zeist. De gereputeerde coach miste de menselijke vonk in de kantoren. Hij groeide dicht in eenzaamheid, terwijl hij toch altijd geroemd werd om zijn feeling voor communicatie en hartelijkheid. In zijn laatste jaren als bondscoach zag je Hiddink zienderogen verouderen. De sociale swing was stilgevallen.

Nee, het was niet alleen Michael van Praag die afstand en dubbelzinnigheid creëerde. De vertegenwoordigers van de eredivisieclubs waren vaak onhebbelijker in hun grieven en eisen. Er is veel jalousie de métier in het voetbal. Het gevolg was wel dat een krachtig leiderschap uitbleef. Daarbovenop kwam ook nog de sportieve malaise van Oranje, inclusief afwezigheid op twee eindtoernooien. Een ontwaarding die niet alleen Van Praag was aan te rekenen, maar hij bleef wel relatief onverschillig flaneren tussen de brokstukken. De ontmoediging werd aangewakkerd door de sociale media die de Amsterdamse patriciër genadeloos door de gehaktmolen draaiden. Zelf was hij zo onhandig om dubieuze tweets de wereld in te sturen, over homo’s en Azerbeidzjan als pareltje van een dictatuur. Een parfum van volksvreemdheid.

Nu eens woonde hij bij zijn vader, dan weer bij zijn moeder. Blijken van affectie bestonden alleen in de onderduik. „Als ik stiekem een bezoekje had gebracht aan mijn moeder moest ik liegen tegen mijn vader.” Sommige vrienden noemen hem een wereldverbeteraar, maar wel achter een ijslaag van ijdelheid en egocentrisme. Volgens intimi is hij altijd gegrepen door het hogere doel.

Bobo’s kunnen niet kieskeurig zijn met vrienden. Dat is Michael van Praag ook nooit geweest, hij soigneerde zijn relatienetwerk, en niet noodzakelijk volgens de regels van het profijtbeginsel. Aanzien was hem dierbaarder.

Ik heb hem ooit jazz zien spelen. Hij verinnerlijkte dan mee met My Funny Valentine. Hij stond op het podium met de ogen van een zwerver.

Nooit thuisgekomen, dacht ik.

Journalist en schrijver Hugo Camps was tot oktober dit jaar 26 jaar lang sportcolumnist van NRC.