Opinie

‘Grunstein, er zijn vele soorten acrobatiek’

Grunberg als circusartiest Schrijver Arnon Grunberg gaat intern bij het Achterhoeks Circus Zanzara. Hij wil met Kerst meedoen aan hun show in Amsterdam. Hij schrijft er tot Kerst dagelijks over.

De Italiaanse filosoof Giorgio Agamben schreef: „Er zijn plekken en situaties waarin de waardigheid ongepast is, dat is altijd al een bekend gegeven.” Liefde, verliefdheid en seksualiteit staan volgens hem bijvoorbeeld haaks op waardigheid.

Voor mij was het circus de plek bij uitstek waar men de waardigheid op gecontroleerde wijze kan verliezen, waar met verlies van waardigheid gespeeld wordt.

Al lang wilde ik bij het circus, het bleek niet makkelijk een circus te vinden dat mijn aansluiting op prijs stelde.

Circus Zanzara echter, een familiecircus uit de Achterhoek, dat elk jaar rond Kerst neerstrijkt in het Amsterdamse Westerpark, wilde me hebben.

Ik mocht zelfs meespelen, overigens zonder dat mijn circusvaardigheden verder getest of zelfs besproken waren. De enige vraag die mij tijdens het kennismakingsgesprek werd gesteld luidde: „Vind je spierpijn erg?” Ik begreep dat men mij wilde inzetten als acrobaat. Het verlies van waardigheid leek opeens samen te kunnen gaan met een doodsmak uit de trapeze. Ik was heelhuids teruggekeerd uit Irak en Afghanistan, maar in het circus zou het sneuvelen er mogelijk toch van komen.

Mayka en Paulo, die het circus hebben opgezet, leken tijdens een tweede kennismakingsgesprek de acrobatiek niet bovenmatig serieus te nemen. „Als je maar meedoet aan de keukentafel”, zei Mayka, „dat is belangrijker dan de vraag of je twee of vier ballen in de lucht kunt houden.”

Adrian Schvarzstein is de regisseur van het circus. Zijn voorouders waren Joden uit Oekraïne, zij vluchtten begin twintigste eeuw voor de pogroms naar Argentinië. Schvarzstein leefde in Italië, Spanje en Israël, waar hij archeologie studeerde, het circus trok hem meer dan de archeologie.

Tegen mij zegt Schvarzstein: „Ik kan je naam niet onthouden, ik noem je Grunstein. Maar ik heb een rol voor je, je speelt een Joodse emigrant die bang is dat zijn koffer wordt gestolen.”

„Ik dacht dat ik acrobaat zou worden”, zeg ik.

„Grunstein”, zegt Schvarzstein, „er zijn vele soorten van acrobatiek.”

Dan vertelt hij over de Ovitzfamilie, een Joodse familie van circusartiesten uit Roemenië die ten dele uit dwergen bestond. Die dwergen hebben de Mengele-experimenten in Auschwitz overleefd. Over hen is een boek geschreven met de titel In Our Hearts We Were Giants.

Ik krijg mijn caravan te zien die voornamelijk bestaat uit een bed, een gaskachel en een elektrische deken.

Mijn eerste uren in het circus zijn begonnen met Auschwitz en Mengele. De waardigheid zal worden verloren, zoveel is zeker.

Wordt vervolgd

Arnon Grunberg speelt mee in de voorstelling ‘Todo a bordo’ van Circus Zanzara van 18 dec t/m 5 jan, Westergasfabriek Amsterdam. Info www.zanzara.nl