Monsterzege maakt Johnson machtig binnen eigen partij

Over de Brexit-koers bestaat geen twijfel meer, blijkt nu de definitieve uitslagen bijna volledig zijn. Maar is Johnson ook andere kwesties de baas, zoals een mogelijk nieuw Schots referendum voor onafhankelijkheid?
De eerste stembus die geteld kan worden arriveert in Glasgow.
De eerste stembus die geteld kan worden arriveert in Glasgow. Foto Scott Heppell / AP

Het Britse politieke landschap is op daverende wijze opgeschud. Na de monsterzege van Boris Johnson en zijn Conservatieven (363 zetels, 47 zetels erbij) en de historisch slechte prestatie van Labour (203 zetels, 59 eraf), zal het Lagerhuis er niet alleen anders uitzien, de toon van het debat en de politieke stammen krijgen compleet andere eigenschappen.

Om te beginnen, is het inmiddels vertrouwde beeld van kielekiele-stemmingen over de Brexit passé. Als Johnson volgende week een wetsvoorstel indient om een Brits vertrek uit de EU te regelen voor 31 januari 2020, zal het Lagerhuis daarmee instemmen. De oppositie kan numeriek geen weerstand bieden.

Lees ook: De laatste ontwikkelingen en reacties in ons liveblog over de Britse verkiezingen

En Johnson stevent af op de grootste verkiezingsoverwinning voor een Conservatieve partijleider sinds Margaret Thatcher in 1987 een meerderheid van 102 zetels scoorde. Johnson in hetzelfde rijtje als the Iron Lady: het maakt hem schier almachtig binnen zijn eigen partij. In tegenstelling tot voor de verkiezingen zal er binnen zijn eigen fractie geen wanklank klinken over zijn Brexit-koers.

Gedaanteverandering

Toch veranderen de Conservatieven door deze stembusgang van gedaante. De basis van de overwinning ligt in het midden en noorden van Engeland, in steden die decennia, soms bijna honderd jaar, in handen van Labour waren. De Tories wonnen in streken als Blyth Valley, een voormalige mijnstreek, waar de Conservatieven gehaat werden, waar Thatcher verguisd werd omdat ze de vakbonden aanpakte. Dit zijn gebieden van Engeland waar de Brexit in trek is, maar ook waar problemen met armoede, uitkeringen en slechte kwaliteit van zorg groot zijn. De nieuwe Conservatieven moeten daar oog voor hebben, willen ze het vertrouwen van hun kiezers behouden. Hier de working class-stem behouden, betekent vurig de Brexit steunen en even gepassioneerd pleiten voor een grote overheid die zich actief mengt in de levens van burgers.


Daar zit mogelijk een nieuw scheurtje bij de Conservatieven dat zich de komende jaren kan ontwikkelen tot breuklijn. Voor sommige Conservatieven is de Brexit slechts een middel om bij een doel uit te komen: na uittreden de Britse maatschappij en economie als een leeg schildersdoek opnieuw inkleuren. Zij, zoals prominente Tory Jacob Rees-Mogg, willen meer vrijhandel, lagere belastingen, minder overheidsingrijpen, meer concurrentie en een minder omvangrijke sociaal vangnet. Hun ideaalbeeld voor het Verenigd Koninkrijk na de Brexit, verschilt wezenlijk van wat de nieuwe Tory-stemmers in Noord-Engeland wensen.

Het lijkt erop dat Johnson deze verschillen in toom wil houden. De BBC meldde donderdagavond dat de premier van plan is om in februari, na de Brexit, zaken flink op te schudden. Dan wil hij met een nieuwe begroting komen gericht op massaal investeren en een nieuwe samenstelling van zijn ministersploeg. Dan moet hij de verschillende facties in balans brengen en tevreden houden, voordat hij aanvangt met de tweede ronde van onderhandelingen met de EU, over een nieuwe relatie (handel, veiligheid) na uittreden. Die begroting en dat plan moeten de opmaat zijn naar in ieder geval vijf jaar Boris Johnson aan de macht.

Lees ook: Britse kiezer wil wat liefde en aandacht van de politiek

Chaos bij Labour

De reactie van de partijtop van Labour was kortaf: we hadden geen antwoord op het Brexit-vraagstuk. Daarmee doen partijleider Jeremy Corbyn en zijn rechterhand John McDonnell alsof het verwachte verlies een aberratie is. Dat is een zeer onvolledige uitleg voor het geleden verlies. Kiezers vertrouwden Corbyn niet, namen het hem kwalijk dat hij antisemitisme binnen zijn partij niet aanpakte.

Corbyn beloofde de wonden van de harde bezuinigingen te helen, maar het radicale van Labours aanpak sloeg niet aan onder Corbyn. Hij kon kiezers niet overtuigen dat het nodig was jaarlijks 80 miljard pond (ruim 95 miljard euro) meer uit te geven dan nu. Met 203 zetels presteert Corbyn nog slechter dan toenmalig partijleider Michael Foot in 1983. Toen kwam Labour uit op 209 volksvertegenwoordigers in het Lagerhuis.

Na dat dieptepunt had Labour vijftien jaar nodig om op te krabbelen, om de uiterst linkse koers onder Foot te verruilen voor het centrisme van Tony Blair, met de monsterzege in 1997 tot gevolg. Corbyn reageerde op het verlies door te zeggen dat hij de partij zal leiden in de opmars naar nieuwe verkiezingen. Hij riep op tot een periode van bezinning, maar de druk op hem om de komende dagen snel de exit op te zoeken is groot.

De komende tijd dreigt Labour een partij van chaos te worden, op zoek naar een nieuwe leider. Gezien de aanwas de afgelopen jaren van jonge, activistische en zeer linkse leden, zullen de huidige bondgenoten van Corbyn, zoals Rebecca Long-Bailey, grotere kans maken hem op te volgen dan centristen als Keir Starmer en Emily Thornberry.

Bij de Liberal Democrats breekt ook een leiderschapsstrijd aan. De pro-Europese partij ging er netto een zetel op achteruit (11 totaal). Partijleider Jo Swinson werd in haar kiesdistrict niet herkozen en stapte op.

Schotland als volgende crisis?

De jaren van turbulentie in de Britse politiek vingen in volle glorie aan in 2014, toen de Schotten hun onafhankelijkheidsreferendum hielden. Toen wilde een meerderheid van de Schotten het Verdrag van Unie van 1707 met Engeland voortzetten. Dat referendum leek de zaak voor in ieder geval een paar decennia te beslechten.

De Brexit-stem bracht daar verandering in en blies de campagne van de Schotse nationalisten van Nicola Sturgeon nieuw leven in.
Deze verkiezingen doen de nationalisten het opnieuw zeer goed. Ten noorden van Hadrian’s Wall veroverden de nationalisten 48 van de 59 zetels, dertien meer dan in 2017. De tweedeling van het Verenigd Koninkrijk lijkt compleet: een klinkende meerderheid in Engeland wil naar de Europese uitgang geleid worden door Boris Johnson en Schotten steunen een partij die op eigen kracht verder wil en EU-lidmaatschap koestert.

De Schotse premier Sturgeon kan voor een nieuw referendum pleiten en Johnson zal gezien de verkiezingsuitslag in Schotland zo’n verzoek uiteindelijk moeilijk kunnen afwimpelen. Een nieuw Schots referendum kan zo maar het volgende grote moment in de onstuimige Britse politiek worden.

Dit artikel is op vrijdag 13 december om 10.00 uur geactualiseerd.

Lees ook: Waar gaan de verkiezingen in het VK nu écht over?