Nederlandse gevangenissen namen 25.000 vertrouwelijke gesprekken van gedetineerden op

Door softwarefouten werden vertrouwelijke gesprekken tussen advocaten en hun gedetineerde cliënten opgenomen. Een fractie werd afgeluisterd.
Door softwarefouten in een nummerherkenningssysteem werden gesprekken tussen advocaten en cliënten per ongeluk opgenomen.
Door softwarefouten in een nummerherkenningssysteem werden gesprekken tussen advocaten en cliënten per ongeluk opgenomen. Foto Dolph Cantrijn / Hollandse Hoogte

De Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) heeft tussen 2013 en 2018 naar schatting 25.000 vertrouwelijke gesprekken tussen advocaten en hun cliënten opgenomen. Dat stelt een speciale commissie in een vrijdag gepubliceerd onderzoek naar de kwestie, die eind vorig jaar aan het licht kwam.

Gevangenissen in Nederland kunnen telefoongesprekken van gedetineerden opnemen om te voorkomen dat zij hun criminele activiteiten vanuit de gevangenis doorzetten. Gesprekken worden acht maanden bewaard. Telefoontjes tussen een advocaat en een gedetineerde cliënt zijn echter vertrouwelijk. Een speciaal nummerherkenningssysteem zorgt dat die gesprekken uitgesloten worden van opname.

Door twee softwarefouten in dat systeem werden deze gesprekken echter per ongeluk toch opgenomen, schreef de onderzoekscommissie Telefonie van Justitiabelen vrijdag, die op verzoek van minister Sander Dekker (Rechtsbescherming, VVD) onderzoek deed naar de affaire. De fouten kwamen in november 2018 aan het licht en werden meteen opgelost.

Fractie gesprekken afgeluisterd

In de acht maanden na ontdekking van de fouten in november 2018 trof de commissie 3.313 vertrouwelijk opnames aan. Geen van de gesprekken werd afgeluisterd door de DJI, stelt het rapport. Vier werden na een verzoek van het Openbaar Ministerie overgedragen aan de politie, maar die beluisterde ze ook niet omdat de politie wel doorhad dat het om vertrouwelijke gesprekken ging.

Omdat het nummerherkenningssysteem in 2013 werd ingevoerd, en al die tijd al fouten bevatte, schat de onderzoekscommissie dat ongeveer 25.000 gesprekken tussen advocaten en hun cliënten werden opgenomen. Op basis van dat getal denkt de commissie dat 75 gesprekken afgeluisterd werden. Circa tweehonderd telefoontjes werden die jaren overgedragen aan de politie.

Volgens de onderzoekscommissie ontbraken tot voor kort „essentiële testen” die verifieerden of de gebelde nummers op een lijst van de Nederlandse Orde van Advocaten (NOvA) stonden. „Ook nu nog worden in meer dan incidentele gevallen gesprekken met advocaten opgenomen door het telefoniesysteem.” Dat komt waarschijnlijk omdat de lijst met telefoonnummers die de NOvA aanlevert „niet actueel of volledig is”. Bij iedere partij is ruimte voor verbetering. „De commissie ziet namelijk over de hele linie, dat wil zeggen bij alle partijen afzonderlijk, maar ook in de samenwerking tussen partijen, aanleiding voor verbetering.”

Volledige nummerlijst

De commissie adviseert alle partijen dan ook om zorg te dragen „voor een volledige en correcte nummerlijst”. Daarachter schaart ook verantwoordelijk minister Dekker zich, schrijft hij in een brief aan de Tweede Kamer. Maar een aanbeveling om het opnamebeleid aan te passen nam Dekker niet over. De minister is ervan overtuigd dat „in het kader van de bescherming van de maatschappij, [het] nodig is en blijft om gesprekken van gedetineerden standaard op te kunnen nemen”.

De Nederlandse Orde van Advocaten liet vrijdagavond weten de aanbevelingen uit het rapport te onderschrijven. Dat minister Dekker het opnamebeleid niet wil wijzigen „baart de NOvA zorgen”.