Opinie

Het recht van de sterkste

In Europa

Het naoorlogse multilaterale systeem waar kleine landen als Nederland zo wel bij hebben gevaren, kreeg deze week weer een dreun: de Verenigde Staten verlamden het Beroepsorgaan van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) door de benoeming van rechters te blokkeren. Maar veel tijd om te treuren lijkt er niet te zijn. Want de volgende dreun komt er alweer aan, weer ten nadele van kleinere, Europese landen: de Amerikanen hebben gezegd dat ze ook weg willen uit het Open Skies-verdrag uit 1992. Volgens dit verdrag stellen NAVO-landen en landen uit het oude Warschaupact hun luchtruim open voor elkaars verkenningsvluchten.

De sabotage van de WTO en het mogelijke opblazen van Open Skies komen uit dezelfde school van trumpiaans unilateralisme. In Europese hoofdsteden gaan de alarmbellen af.

De Amerikanen hebben altijd moeite gehad met internationale rechters die hen maatregelen opleggen. Wat hen bij de WTO ook dwarszat, was dat aartsrivaal China nog steeds als ‘ontwikkelingsland’ te boek staat en extra privileges heeft: het hoeft zijn markt minder open te stellen en mag hogere invoertarieven hanteren. Taaie handelsgeschillen gingen tot deze week naar de rechters van het Beroepsorgaan. De Amerikanen kregen geregeld gelijk. Toch proberen ze al jaren verbeten de regels hun kant op te buigen, om China op zijn plek te zetten.

De Europeanen hadden begrip voor Washington en zochten compromissen. President Obama was wel geïnteresseerd. De Democraten hebben ook weleens benoemingen van rechters geblokkeerd, maar alleen tijdelijk: zij wilden het multilaterale systeem niet opblazen. Maar de Republikeinen willen breken met alles wat Obama deed, en wezen compromissen van de hand. Omdat dit zo’n partijpolitiek issue is in de VS, moet de hele wereld nu terugvallen op het recht van de sterkste. Als rechters niet langer het laatste woord hebben, zullen conflicten vaker uit de hand lopen. De machtigsten zullen aan het langste eind trekken. Geen wonder dat Europese landen bezig zijn een nieuw Beroepsorgaan op te zetten, buiten de WTO. Canada en Noorwegen zijn aan boord. Als China meedoet, kan het werken.

Bij Open Skies ergeren de Amerikanen zich vooral aan Rusland, dat steeds meer hindernissen opwerpt als anderen inspecties boven zijn luchtruim willen doen. Er is een streng protocol voor die vluchten. Ze worden vooraf aangekondigd, nemen mensen van het ‘gastland’ mee, beeld mag niet gedetailleerd zijn, enz. Alle informatie wordt gedeeld: iedereen weet wat anderen hebben. Rusland kliert al een tijd met dit protocol om de Krim, de Kaukasus en andere gevoelige gebieden voor pottenkijkers af te schermen. De Amerikanen zijn hier, terecht, verbolgen over. Een Amerikaanse functionaris zei laatst in Brussel dat ze uit Open Skies willen. „We get nothing out of it.

Net als bij de WTO delen de Europeanen deze irritatie, die al speelde onder Bush en Obama. Toch willen ze voorkomen dat Washington wéér een naoorlogs wapenbeheersingsakkoord torpedeert, en zoeken compromissen. Maar de Republikeinen haten Open Skies omdat, jawel, de Democraten het steunen. Als deelnemende landen hun luchtruim niet meer openstellen voor foto- en radaropnames door elkaars vliegtuigen, neemt de kans op conflicten en ongelukken in het Europees-Russische grensgebied toe. Landen zullen andere methodes zoeken om elkaars troepenbewegingen in de gaten te houden. De VS en Rusland hebben daar satellieten voor. Kleinere, Europese landen niet: satellieten zijn te duur. Je kunt satellietfoto’s van anderen kopen. Maar ook dat is prijzig. En willen wij echt afhankelijk worden van Amerikaanse of Russische inlichtingen?

Bij elk internationaal verdrag of akkoord dat sneuvelt, verliest Europa meer greep op de wereld en zijn eigen veiligheid. Open Skies zou het zoveelste voorbeeld zijn. Geen wonder dat we aan geopolitiek gaan doen. Er zit niets anders op.

Caroline de Gruyter schrijft wekelijks over politiek en Europa.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.