Fien Boerma (15)

Foto Khalid Amakran

Interview

Fien Boerma (15): 'Ik weet zeker dat ik later ook niet altijd van één iemand blijf houden'

In de rubriek Jong! vertellen pubers over zichzelf, de wereld en elkaar. Deze week: Fien Boerma (15). Aanmelden: pubers@nrc.nl.

Mini-supermarkt

„Heusden is een klein vestingstadje. Een dorp heeft voordelen: er is een grote dijk, ideaal voor het uitlaten van de hond. En als ik iets moet halen in de mini-supermarkt kan ik gewoon in mijn lelijkste kleren, iedereen kent elkaar toch. Nadeel is dat ik elke dag drie kwartier heen en terug moet fietsen naar school. Ook al klaag ik erover: school is best leuk.

School is wel waar je nieuwe vrienden maakt. Sinds de zomervakantie heb ik een vriendje, de broer van een vriendin. Hij zit in hetzelfde gebouw maar op een andere school, hij doet vmbo. Ik heb ook vriendinnen op het vmbo, de sfeer is daar niet zo anders dan bij ons. Ik vind het belangrijk dat een jongen humor heeft en lief is. Ik hou niet zo van jongens die stoer doen of de hele tijd aan het gamen zijn.”

De ware

„Mijn ouders zijn uit elkaar maar wonen drie straten bij elkaar vandaan. De hond gaat mee als mijn zussen en ik op vrijdag wisselen. Een keer per week eten we met zijn allen, feestdagen vieren we ook met zijn allen. Mijn moeder heeft een vriend, maar mijn ouders hebben afgesproken dat ze pas weer gaan samenwonen als wij allemaal uit huis zijn. Ik vind dat mijn ouders de scheiding heel goed hebben gedaan. Het enige is dat het wel erg onverwacht kwam omdat ik hen echt nooit ruzie heb horen maken. Toch snap ik wel dat ze gescheiden zijn, ik weet zeker dat ik later ook niet altijd van één iemand blijf houden. Ja, als je de ware vindt. Maar dat gebeurt niet zo vaak.”

Koraalrif

„Mijn zus studeert in Delft, ik wil naar Leiden. Dat is dichtbij mijn zus en ze zegt dat dat ook een leuke studentenstad is. Biologie is mijn lievelingsvak, dat wil ik dan ook gaan studeren. Scheikunde vind ik ook heel leuk. En geschiedenis, maar dat kon niet in mijn vakkenpakket. In andere talen dan Engels ben ik slecht. Ik moet Duits doen, daar sta ik een vier voor. Als ik slim genoeg was had ik sterrenkunde willen studeren maar ik ben niet goed in wiskunde. Ik hou van dieren. Ik zou het koraalrif willen helpen, giraffen willen opvangen in Afrika. Stiekem lijkt het me ook leuk om heel veel geld te verdienen. Maar mijn droom is toch om dieren te helpen.”

Twee koks

„Ik heb al tweeënhalf jaar een beugel. Dat het zo lang duurt is ook een beetje mijn eigen schuld, ik vergeet vaak de orthodontistafspraken. Ik hou erg van make-up, daardoor ben ik regelmatig te laat op school. Selfies maak ik weing, ik maak liever lelijke of grappige foto’s met vrienden. Als bijbaantje was ik af bij een restaurant. Er zijn twee koks, broers. Heel aardig, je mag altijd veel proeven. En als je te veel afwas hebt leggen ze de keuken stil en komen even helpen. Ze geven wel om je.”